Dierlijke productie

In de dierlijke productie zijn er twee grote onderzoekslijnen, de dierlijke voeding en de dierlijke genetica.


Het onderzoek bij de dierlijke genetica spitst zich enerzijds toe op de erfelijke achtergrond van kenmerken en ziekten bij gezelschapsdieren zoals honden, paarden en katten, en anderzijds op de microbiële samenstelling van weefsels van dierlijke oorsprong. Het in kaart brengen van dit microbioom gebeurt met cultuuronafhankelijke DNA- sequeneringstechnieken.
In samenwerking met de faculteit Farmacie en Diergeneeskunde loopt er een IWT project dat zoekt naar de causale mutaties van heuplaxiteit bij honden. Een aantal thesissen in samenwerking met de collega’s van biochemie proberen via proteomics te peilen naar de afwijkende eiwitten in het gewrichtskapsel van honden. De basis voor verder onderzoek naar cryptorchidie bij honden, paarden en katten en tandfouten bij honden wordt al gelegd door het verzamelen van de benodigde DNA –stalen. In de zoektocht naar oorzakelijke mutaties van een groot aantal erfelijke kenmerken en ziekten wordt er uitgegaan van de hypothese dat er een (fout lopende?) wisselwerking is tussen de bindweefselhomeostase en hypothalamo-hypofysaire groei-as. Nieuwe aanvragen voor onderzoeksprojecten zijn in aanvraag.
In een ontwikkelingssamenwerkingsproject met de universiteit van Limpopo en de diervoeding van de diergeneeskunde faculteit in Gent (VLIR beurs), wordt er gezocht naar de samenstelling van het microbioom in de ceca van verschillende kippenrassen onder verschillende voedingsstelsels, andere huisvesting en verschillende klimaatomstandigheden. Het onderzoek naar het microbioom is ook al toegepast op de microbiële samenstelling van rauwe paardenmelk vanuit de onderzoeksvraag of de gezondheidsaspecten van paardemelk terug te voeren zijn naar het aanwezige microbioom. Een wetenschappelijke rapport wordt voorbereid.
In samenwerking met de professionele bacheloropleiding in Melle (Hogent) wordt nagegaan in hoeverre genetische testen een interessante bedrijfstool kan zijn om bij varkens en geiten productiekenmerken te verbeteren en ziektegevoeligheid te verlagen en zo het bedrijfsinkomen te gaan optimaliseren. Indien dit praktijkgericht onderzoek succesvol is kan dit als resultaat hebben dat een genetisch diagnostisch laboratorium wordt uitgebouwd voor geiten, schapen en bijzondere diersoorten.