Doctoraatsonderzoek
Hier vindt u een overzicht van de doctorale studies die worden uitgevoerd aan het Labo Diervoeding.
Het effect van N, N-dimethylglycine op de opname van voedingsstoffen, Lipidenbiochemie en prestaties in vis
Ali Aghwider
Zeer weinig werk is uitgevoerd op het gebruik van
voedingssupplementen van de betaïne metaboliet N, N-dimethylglycine
(DMG) in diervoeders. Studies op aquatische soorten zijn onbekend, maar
de relevantie voor de emulsificatie is hoog, en de verbetering van de
prestaties is ook van vitaal belang voor de aquacultuur.
Diversiteit en nutritionele modulatie van intestinale microbiota bij jachtluipaarden in gevangenschap
Anne Becker
Onderzoek van de intestinale microflora is van onschatbare waarde om een beter inzicht te krijgen in de microbiële fermentatieprofielen van cheeta's in gevangenschap. Dit project wil een brug slaan tussen de diëtaire variatie en het intestinale metabolisme. Daarbij worden twee objectieven geviseerd:
- De karakterisatie van de diversiteit en de dynamiek van de predominante intestinale microflora van cheeta’s.
- De nutritionele sturing van de intestinale microflora .
Invloed van dieet op de ontwikkeling van obesitasgeïnduceerde inflammatie en oxidatieve stress bij paarden
Lien Bruynsteen
Doel van dit onderzoek is na te gaan welke mechanismen verantwoordelijk zijn voor obesitasgerelateerde aandoeningen bij paarden.
Gevolgen van karkasvoedering voor darmgezondheid en inflammatoire status van jachtluipaarden in gevangenschap
Sarah Depauw
Het sterftecijfer ten gevolge van gastrointestinale en metabole ziektes bij cheeta's in gevangenschap ligt erg hoog. Voeder mismanagement werd erkend als één van de belangrijkste co-factoren voor deze problemen.
Dit project zal bijdragen aan het optimaliseren van voederstrategieën voor jachtluipaarden in gevangenschap en zo bijdragen aan de conservatie van deze bedreigde diersoort.
Mineralendeficiënties bij rundvee en hun betekenis voor nutriëntenbenutting en productiviteit
Veronique Dermauw
Het doel van dit project is het in kaart brengen van het effect van suboptimale voorziening van mineralen in rundvee op het gebruik van andere voedingsstoffen in het dieet. Het zal zich vooral richten op het effect van spoorelementen, gezien het belang van e. g. Cu voor de keratinisatie en Zn voor het herstel en de groei van darmepitheel.
Effect van methylatiepotentieel in de zeug op de kwaliteit van de biggen
Karolien Langendries
Het doel van deze studie is om de fluctuatie van het methylatiepotentieel te onderzoeken in de zeug tijdens de verschillende productiestadia, en de periodes te identificeren met een mogelijk tekort aan methyldonoren. Door methyldonoren toe te voegen aan het zeugenvoeder, wordt getracht voldoende methyldonoren tijdens alle fases te voorzien.
Immuno-nutritionele interventie bij obese honden
Hannelore Van de Velde
Obesitas vormt een belangrijke nutritionele aandoening, niet alleen bij mensen, maar ook bij onze gezelschapsdieren.
Ontwikkeling van een screeningsmethode ter identificatie van de eventuele antimicrobiële werking van bepaalde methylamine derivaten
Donna Vanhauteghem
Met behulp van flowcytometrische viabiliteitsanalyse wordt de antimicrobiële werking van een aantal methylamine derivaten nagegaan. Naast flowcytometrie worden ook nog een aantal andere technieken gebruikt om het precieze werkingsmechanisme van het antibmicrobiële effect van de methylamine derivaten te definiëren.
Effect van beta-glucanen op milde/chronische ontstekingsreacties bij de kat
Adronie Verbrugghe
Ontsteking treedt op bij een groot aantal aandoeningen bij mens en dier en wordt getypeerd door roodheid, zwelling, pijn en warmte. Wanneer deze optreedt op een niet-gecontroleerde manier, kunnen chronische inflammatoire aandoeningen ontstaan. Onder andere β-glucanen komen, naast modulatie van het vetgehalte en suppletie van anti-oxidanten, in aanmerking voor het temperen van inflammatie.
Nutritionele manipulatie van darmecologie als mogelijke behandeling voor inflammatory bowel disease bij honden
Jia Xu
Inflammatory bowel disease (IBD) is een opkomende ziekte, die vaak wordt gezien bij mensen, maar ook bij honden en katten. Op dit moment gaat men ervan uit dat het pathogene mechanisme achter IBD een abnormale interactie omvat tussen commensale darmflora en het intestinaal immuunsysteem bij gepredisponeerde individuen.
