Van computerarchitectuur tot communicatie in de oudheid: 4 baanbrekende ERC-projecten schieten uit de startblokken

(12-09-2017) In 2018 starten aan de UGent vier nieuwe baanbrekende projecten met financiering van de European Research Council (ERC). Het gaat om 1 Advanced Grant uit de oproep van 2016, en drie Starting Grants van de 2017 oproep.

Voor professor Lieven Eeckhout is dit reeds zijn vierde ERC project, waarmee hij Belgisch ERC recordhouder wordt. Eerder ontving hij al een ERC Starting Grant in 2009 (1.389.000 euro), en twee ERC Proof-of-Concept Grants in 2012 en 2015 (samen bijna 300.000 euro). Nu ontvangt hij 2,5 miljoen euro voor zijn ERC Advanced Grant, als één van de jongste onderzoekers in Europa.

Daarnaast ontvangen de professoren Bart Kuyken, Pieter De Frenne en Klaas Bentein elk 1,5 miljoen euro voor hun ERC Starting Grant, waarmee ze een nieuw onderzoeksteam kunnen uitbouwen.

De Universiteit Gent is hiermee gastinstelling van 55 ERC grantees, waarvan 10 hun beurs via het VIB behaalden.

Betere en snellere computers

Het onderzoek van Lieven Eeckhout is relevant voor heel wat computertoepassingen gaande van datacenters tot mobiele toestellen. Het onderzoek focust zich op het ontwerpen van specifieke computerarchitecturen, dus de juiste mix van hardware en software, die tegemoet kan komen aan de eisen van steeds complexere en veeleisende toepassingen.

De ERC Advanced Grant wordt aan professor Eeckhout toegekend voor zijn projectvoorstel rond de Load Slice Core, een nieuwe microprocessorarchitectuur die tot 8 keer betere prestatie per Watt en per Euro levert dan wat er vandaag op de markt te vinden is, en dus heel wat zuiniger is. Hiermee biedt het project een antwoord op de groeiende vraag naar hogere prestatie van computers binnen een steeds kleiner wordend vermogen- en kostenbudget van de industrie en eindgebruikers.

Frequentie meten met een chip

Meten is weten. En daarbij heb je altijd één of andere vorm van meetlat bij nodig. Voor het meten van afstand is dat de gewone meetlat met een kam van streepjes. Maar wat als we tijd willen meten, of frequentie? Daarvoor heeft Nobelprijswinnaar Theodor Haensch ooit een oplossing voor bedacht: een laser die niet één kleur of frequentie uitstraalt maar die duizenden of zelfs miljoenen verschillende frequenties uitstraalt, allemaal exact even ver van elkaar gelegen. Een kam van lichtfrequenties dus. Alleen, vandaag is een dergelijke optische frequentiekam een groot, duur en vermogenverslindend toestel. Niet direct iets om in een smartphone in te bouwen.

In het ERC ELECTRIC project stelt Bart Kuyken zich tot doel om een optische frequentiekam te ontwikkelen in de vorm van een chip die niet groter is dan de chip op een bankkaart. Daartoe zullen ze gebruikmaken van “silicon photonics”, de technologie die optische chips maakt op basis van silicium, hetzelfde materiaal dus als in computerchips. Toepassingen zijn er genoeg. Denk bijvoorbeeld aan het detecteren van gevaarlijke gassen. Elk gas absorbeert namelijk licht bij heel specifieke frequenties in het infrarood. En met de optische frequentiekam kan je die meten en ken je meteen het type gas en de concentratie ervan.

De rol van microklimaten

Bossen voelen in de zomer flink koeler aan dan bijvoorbeeld een weiland in een open landschap. Zulke “microklimaten” zijn alomtegenwoordig in het landschap. Planten en dieren ervaren deze afkoeling ook, maar hun belang in de context van klimaatverandering is tot nu toe zelden onderzocht. In het project FORMICA zal Pieter De Frenne exact onderzoeken welke belangrijke rol microklimaten spelen op de opwarming van het klimaat en hoe dit de biodiversiteit in Europese bossen beïnvloedt.

De centrale onderzoeksvraag is of bossen de klimaatopwarming kunnen bufferen en op die manier het effect op de biodiversiteit en de planten die erin groeien verminderen. Het onderzoek is tevens zeer relevant voor het huidige bosbeheer en –beleid aangezien het open maken en kappen van bomen de bufferende capaciteit van bos mogelijks doet dalen en de temperatuur op de bosbodem doet toenemen.

Communicatie in de oudheid

In het droge zand van Egypte zijn duizenden alledaagse, niet-literaire teksten bewaard gebleven: tot op heden zijn deze teksten in de eerste plaats bestudeerd als geprivilegieerde getuigen van de geschiedenis, economie, religie, etc. van de oudheid. Gebruikmakend van de nieuwste inzichten in de sociale semiotiek, zal het team van Klaas Bentein een volledig nieuwe onderzoeks­richting uitgaan: het zal de aandacht richten op de mensen achter de teksten, en onderzoeken hoe zij met elkaar communi­ceerden. Centraal in het onderzoek staan de vormelijke eigenschappen van teksten: hoe varieerden schrijvers hun taal, schrijfmateriaal, tekstformaat, orthografie, etc., en welke sociale boodschap gaven zij op die manier mee aan de geadresseerde?

Met zijn ERC project EVWRIT wil Klaas Bentein een kentering teweegbrengen in de studie van alledaagse teksten uit de oudheid, en de weg banen voor een nieuw, holistisch perspectief omtrent communiceren vroeger en nu.