Onderzoek
De sociale agogiek verricht wetenschappelijk onderzoek met betrekking tot het welzijnswerk. Welzijnswerk wordt hierbij begrepen in de ruime betekenis van sociaal werk: het gaat om het geheel van sociaalwerkpraktijken, om het sociaal beleid van waaruit deze praktijken mee gestuurd worden, en om de ruimere sociaal politieke en maatschappelijke context waarbinnen ze betekenis krijgen.
‘Welzijn’ is vanuit deze omschrijving te zien als een zowel historisch te begrijpen, als participatief vorm te geven pedagogisch proces: elke welzijnsdefinitie is gebonden aan concrete historische en maatschappelijke omstandigheden en aan de sociale verhoudingen zoals ze binnen een samenleving op een bepaald moment vorm krijgen.
Als pedagogisch proces is welzijn gericht op het verwerven van een besef van menselijke waardigheid. Het wetenschappelijk onderzoek van de vakgroep sluit aan bij deze welzijnsbenadering en omvat de studie van sociaal werkpraktijken in hun historische en maatschappelijke betekenis, waarbij een onderscheid gemaakt wordt tussen de agogische dimensie, de sociaal beleidsdimensie en de sociaal politieke dimensie.
Deze onderscheiden dimensies worden in hun onderlinge relatie en wisselwerking bestudeerd: de agogische dimensie kan niet los gezien worden van culturele condities waaronder ze vorm krijgt, niet in het minst de hoge waardering van intellectuele ontwikkeling in onze samenleving, het groot vertrouwen in wetenschappelijke deskundigheid, en de toenemende impact van een ‘pedagogische kijk’ op het dagelijks leven.Het object van de sociale agogiek is de studie van de sociale werkpraktijken gericht op de verwerving en constructie van kennis, inzicht, vaardigheden en houdingen, waardoor de handelingscompetentie van mensen, zowel individueel als in groep, wordt vergroot.
Deze praktijken, evenals de beoogde ondersteuning, kunnen zeer divers zijn; sociaal werkpraktijken onderscheiden zich van andere sociale interventies doordat zij zich expliciet situeren op de thematisering van de relatie tussen individu en gemeenschap: sociale problemen worden via sociaal werkpraktijken geconstrueerd tot vragen met betrekking tot de relatie tussen opvoeding en samenleving en tussen (individuele) autonomie en sociale verbondenheid. Maatschappelijke en individuele integratie en emancipatie, participatie, preventie en preventie van marginalisering vormen aldus kernthema’s in het sociaal agogisch onderzoek.
Sociaal agogisch onderzoek omvat een diversiteit van benaderingen. In elk van deze benadering vormt de relatie tussen onderzoek en praktijk een belangrijk aandachtspunt. Deze relatie kan diachroon zijn, d.w.z. dat sociaal werkpraktijken een toepassing vormen van inzichten verworven op basis van wetenschappelijk onderzoek.
De relatie onderzoek - praktijk is binnen de sociale agogiek in belangrijke mate ook synchroon, d.w.z. dat onderzoek en praktijk elkaar wederzijds beïnvloeden. Zo bijvoorbeeld kan deelname aan concrete praktijken een belangrijke voorwaarde zijn om bepaalde onderzoeksterreinen te ontsluiten en/of om het onderzoek mogelijk te maken.
Binnen de sociale agogiek is, zoals ook binnen de vakgroep een traditie aanwezig inzake actieonderzoek en inzake de wetenschappelijke begeleiding van innovatieprojecten.
