Deontologie
Docent
Karen Broeckx
Situering
De correcte uitoefening van diverse juridische beroepen veronderstelt niet enkel een goede inhoudelijke kennis, maar ook de naleving van fundamentele deontologische principes. Bekwaamheid, onafhankelijkheid, loyaliteit en discretie staan hierbij voorop.
De studenten worden gemaakt op een aantal belangrijke geschreven en ongeschreven deontologische regels, waardoor zij zich moeten laten leiden in hun toekomstige juridische functie.
Inhoud
Aan de hand van een algemene inleiding wordt eerst de noodzaak van het vak aan het einde van de opleiding verantwoord. Het belang van de regels, het onderscheid met het strafrecht en de tucht wordt toegelicht.
Daarna wordt aandacht besteed aan de deontologische regels, waaraan de magistraten, advocaten, gerechtsdeurwaarders, notarissen, griffiers en bedrijfsjuristen onderworpen zijn. De grondslag van deze regels, de bronnen en de sanctionering van de inbreuken worden nader onderzocht. Aan de hand van diverse concrete hypotheses worden deontologische problemen geanalyseerd.
