Documenteren, rapporteren & delen: universele smartphone microscoopadapters voor microfotografie

Vakgroep/Dienst: Biologie (WE11)
Promotor: Dr. Olivier Leroux
Projectmedewerkers: Prof. Ann Huysseune, Prof. Bart Braeckman, Prof. Mieke Verbeken, Prof. Dominique Adriaens

Geef een korte beschrijving van het onderwijsinnovatieproject

Microscopische observaties vormen een essentieel onderdeel van praktijklessen binnen de bachelor- en masteropleiding biologie. Tegenwoordig zijn veel preparaten met behulp van virtuele microscopie of via het beschikbaar stellen van digitale beelden op Minerva ook buiten de universiteitsmuren online raadpleegbaar. Tijdens een aantal practica, echter, voeren studenten zelfstandig experimenten uit (bv. ontwikkelingsbiologie, plantenanatomie) of wordt vers materiaal – ingezameld tijdens veldexcursies – microscopisch onderzocht (bv. mycologie). Bij dergelijke practica is het voor de docent/assistent niet altijd mogelijk de grote variatie aan microscopische resultaten te digitaliseren en online beschikbaar te maken. Met dit onderwijsinnovatieproject willen we de visie waarbij onderzoekselementen geïntegreerd worden in onderwijs verder doortrekken door studenten de mogelijkheid te bieden microscopische preparaten op zelfstandige basis te documenteren, rapporteren en delen.

DOCUMENTEREN
Studenten kunnen eigenhandig gemaakte preparaten of de resultaten van zelfstandig uitgevoerde experimenten fotograferen met hun smartphone, gemonteerd op een stereoscoop of microscoop met behulp van de aangevraagde universele adapters.

RAPPORTEREN
Foto’s gemaakt met de smartphone kunnen verwerkt worden in een verslag of powerpoint presentatie. Samen met de adapters worden ook objectmicrometers aangevraagd zodat, indien gewenst, de gemaakte foto’s van een maatstreep kunnen worden voorzien.
 
DELEN
Gemaakte foto’s kunnen door studenten gedeeld worden via diverse kanalen (o.a. via Minerva). Deze kunnen tevens klassikaal besproken worden, waardoor studenten tijdens het practicum reeds feedback krijgen waardoor studenten meer uitgedaagd worden zich actief op te stellen.

Alternatieven — Het alternatief waarbij gebruik gemaakt wordt van camera’s en pc‘s met gespecialiseerde software is duurder (per imaging unit 6-10x duurder) en vereist meer begeleiding/voorbereiding door docenten/assisterend personeel (opstellen pc’s en uitleg software). Ook het delen van de bekomen foto’s is iets omslachtiger.

Compatibiliteit — De adaptors zijn compatibel met de optische onderwijsapparatuur van de vakgroep biologie (390 binoculaire microscopen en 174 binoculaire stereoscopen). Verschillende types smartphones werden uitgetest. De oculair-klem van de adaptor kan verzet worden om verschillen in brandpuntsafstand tussen smartphone camera’s te compenseren.

Kwaliteit — De voorbeelden in figuur 1 tonen aan dat kwalitatief goede beelden kunnen worden bekomen met een mid-range smartphone camera (5 megapixels).

microscoopadapter.jpg

Beschrijf hoe het onderwijsinnovatieproject aansluit bij één van de twee thema’s ‘activerend leren’ en ‘multidisciplinariteit’

De student staat als ‘actief lerende onderzoeker’ centraal aangezien zelfstandig uitgevoerde experimenten tijdens het practicum nu ook op zelfstandige basis kunnen gedocumenteerd worden. Door resultaten te delen kunnen studenten overleggen en wordt zo een sociaal-interactieve leeromgeving gecreëerd. Bovendien kunnen de gedigitaliseerde microscopische resultaten onmiddellijk klassikaal besproken worden. De docent/assistent kan dus rechtstreekse feedback verzorgen, zowel op individueel als klassikaal niveau. De student voelt zich meer actief betrokken omdat deze het wetenschappelijk onderzoeksproces volledig zelfstandig doorloopt (opstellen en uitvoeren experiment, observatie, documentatie en rapportering). De docent/assistent treedt op als coach en evaluator. De studenten worden ook gestimuleerd om hun wetenschappelijke gedachten hardop te verwoorden en daar onmiddellijke reacties op te krijgen, waardoor (1) de leerstof veel beter verwerkt kan worden en (2) de student ook andere competenties aanleert zoals communiceren (mondeling en/of schriftelijk) en samenwerken.

Doelstellingen van het project + tijdsbesteding

Algemene doelstellingen:

  1. Actieve participatie stimuleren door grotere diversiteit aan onderwijstools.
  2. Studenten de mogelijkheid geven zich te bekwamen in de methodes van onderzoek door hen op zelfstandige basis experimenten te laten uitvoeren en de resultaten te rapporteren.
  3. Digitaal raadpleegbaar maken van microscopische obervaties (o.a. voor voorbereiding examens)
  4. Andere competenties aan bod laten komen tijdens de practica: samenwerken en communiceren.