Document acties

Visie op onderwijsinnovatie

Beleidsvisie onderwijsinnovatie Universiteit Gent

De Universiteit Gent profileert zich als een "onderzoeksuniversiteit". Dit betekent dat in de opleidingen van onze universiteit de student als "actief lerende onderzoeker" centraal staat. Dit heeft uiteraard zijn weerslag op zowel de inhoudelijke uitwerking van de opleidingen als de keuze van onderwijsconcepten en de kwaliteitszorg. Onderwijsvernieuwing wordt hierbij gezien als een mechanisme voor het bereiken van onderwijskwaliteit. De Universiteit Gent hanteert een gedecentraliseerd systeem van onderwijskwaliteitszorg waarbij de faculteiten voor de feitelijke uitvoering van de onderwijsvisie verantwoordelijk zijn. Sedert een aantal jaren beschikken de faculteiten over zelfstandig te beheren budgetten voor onderwijsinnovatie.

Om de student op te leiden tot actief lerende onderzoeker is de laatste jaren de onderwijsaanpak al danig veranderd. Ook de elektronische leeromgeving Minerva en de recent ontwikkelde toetsomgeving Curios hebben ondertussen al een belangrijke plaats gekregen binnen het universitaire onderwijs. Recent ligt de focus ook op studentgecentreerd onderwijs. Eén van de projecten die daarbij aansluit is het aanbieden van lesmateriaal via weblectures. Op deze manier bepaalt de student zelf  plaats, tijdstip en tempo van zijn leerproces.

Voor een overzicht van de lopende onderwijsvernieuwingsprojecten aan de Universiteit Gent verwijzen we door naar: https://www.ugent.be/nl/univgent/waarvoor-staat-ugent/kwaliteitszorg/oiprojecten

Beleidsvisie onderwijsinnovatie faculteit Wetenschappen

Binnen de faculteit wetenschappen werd het onderwijsinnovatie beleid ondergebracht in de Facultaire Dienst Onderwijsondersteuning. De medewerkers Onderwijsinnovatie rapporteren aan de  onderwijsdirecteur van de faculteit wetenschappen, prof. Annemie Adriaens.


De faculteit Wetenschappen zet volop in op onderwijsinnovatie. Dat uit zich in het feit dat twee (deeltijdse) facultaire projectmedewerkers onderwijsinnovatie, onder supervisie van de onderwijsdirecteur en de CKO, sinds 2009 het thema dynamiseren. Deze medewerkers zorgen voor continuïteit in het richting geven, ondersteunen, ontsluiten, communiceren, presenteren en evalueren van de projecten. Dat gebeurt o.a. door een actieve verspreiding van goede praktijken en technische/pedagogische ondersteuning.
De activiteiten met betrekking tot onderwijsvernieuwing kunnen worden opgedeeld in een aantal beleidslijnen:

(a)    strategische faculteitsbrede trajecten
(b)    ruimte creëren voor proeftuinen via een open oproep
(c)    actieve communicatie en laagdrempelige ondersteuning


De combinatie van volgehouden strategische keuzes en een meer probleemgestuurde bottom-up aanpak (via de open oproep) zorgen voor een mooi evenwicht tussen continuïteit en innovatie.
De inhoudelijke/strategische input voor de uitgevoerde onderwijsinnovatieprojecten komt van 4 verschillende richtingen:

1.    De lokale en Internationale onderwijscontext
2.    Directie Onderwijsaangelegenheden van UGent
3.    Facultaire Dienst Onderwijsondersteuning van de faculteit Wetenschappen
4.    Docenten van de faculteit Wetenschappen

Elk van deze 4 niveau’s zorgt voor een specifieke inhoudelijke en strategische insteek bij het opstarten van onderwijsinnovatieprojecten. Het is de bedoeling een kruisbestuiving te creëren tussen deze 4 niveau’s.  De projecten onderwijsinnovatie schakelen zich deels in in de PDCA-cyclus (Plan, Do, Check, Act) rond kwaliteitszorg van toepassing voor de faculteit en de opleidingen. Meer bepaald bij het sluiten van de PDCA-cyclus en het uitwerken van verbeteracties ter realisatie van specifieke onderwijskundige doelen.

(a) Strategische faculteitsbrede trajecten

De strategische faculteitsbrede trajecten spelen enerzijds in op thema’s aangereikt door de Directie Onderwijsaangelegenheden en anderzijds op een aantal meer faculteitsspecifieke thema’s. Het zijn vooral de projectmedewerkers onderwijsinnovatie die promotor zijn van deze transversale projecten. De bundeling van expertise en middelen rond deze thema’s zorgt voor een verhoging van kwaliteit en efficiëntie.

Strategische thema’s aangereikt door de Directie Onderwijsaangelegenheden
De faculteit engageert zich sinds 2009 volop om een aantal centrale onderwijsinnovatiethema’s uit te dragen. De focus lag hier op activerend leren en allerlei vormen van blended learning. Het dynamiseren van deze thema’s door de projectmedewerkers onderwijsinnovatie gebeurt in hoofdzaak door het inspireren van voortrekkers en het in beeld brengen van hun goede praktijken. De technische/pedagogische ondersteuning en inspiratie vanuit DOWA rond deze thema’s zorgt voor een vruchtbare wisselwerking. Vanaf 2016 zal specifiek volop ingezet worden op de thema’s activerend leren en  multiperspectivisme. De faculteit WE engageert zich om de komende jaren beide thema’s, die als containerbegrippen fungeren, op allerlei mogelijke wijzen te dynamiseren.
Naast de pedagogische ondersteuning m.b.t. activerend leren wordt ook ingezet op de meer technische kant van weblectures: de opname, montage, de integratie van handschrift, publicatie op Minerva, ondertiteling, toevoegen van animaties en analyse van de kijkers-statistieken.

Faculteitsspecifieke strategische thema
Naast de strategische thema’s aangereikt door DOWA wordt ook ingezet op een aantal meer faculteitsspecifiekere thema’s, zoals 3D-visualisering, 3D-printing en 3D-modellering, veldwerk en practica. De aanwezigheid van talrijke practica in de opleidingen vraagt om een specifieke focus op de aldaar gehanteerde werk- en evaluatievormen. De overgang naar probleemgestuurde practica, het activeren van de studenten (voorafgaand/tijdens/achteraf) en het verhogen van de kwaliteit van de feedback vormen daar prioriteiten voor de komende jaren. Specifiek voor de faculteit Wetenschappen is tevens de integratie van live demo’s en proefopstellingen tijdens hoorcolleges. Een andere eigenheid betreft het vele veldwerk van een aantal opleidingen zoals geografie, geologie en biologie. Het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek op het veld vraagt om een aantal specifieke mobiele tools. Een pionierstraject rond de inzet van tablet-PC’s daaromtrent bleek erg vruchtbaar. Wanneer de opportuniteit zich aandient neemt de faculteit dus ook graag volop de rol van pionier op zich. De trajecten rond de inzet van tablet-PC’s en3D-printing vormen hier sterke voorbeelden van. De impact van dergelijke pioniersprojecten wordt vergroot door ze veel zichtbaarheid te geven d.m.v. website/nieuwsbrief en Broodjes Martinnovatie (lunch seminaries)

(b) Ruimte creëren voor proeftuinen via een open oproep

Naast de strategische faculteitsbrede top-down trajecten gelooft de faculteit ook sterk in een meer maatgerichte bottom-up aanpak. Deze probleemgestuurde projecten spelen in op specifieke noden van docenten en/of opleidingen en vragen een uitgesproken persoonlijke ondersteuning. Ze worden vaak geïnitieerd door concrete probleemstellingen die opduiken in de onderwijsopdracht. Een aantal van deze projecten wordt opgestart omwille van efficiëntie-redenen (bv. herhaling van lessen), andere naar aanleiding van concrete suggesties in de onderwijsevaluatie van de docent of naar aanleiding van de visitatie van een opleiding. De docenten zijn meestal zelf promotor van deze projecten.
Deze participatieve wijze van aanpak profileert de faculteit WE als een creatieve en stimulerende innoverende “democratie”.
De rol van de projectmedewerkers onderwijsinnovatie bestaat er vooral in de docenten te ondersteunen bij het realiseren van hun plannen. Hiervoor wordt jaarlijks in de loop van juni een open oproep gelanceerd, gericht aan alle lesgevers van de faculteit. Om docenten te motiveren en te inspireren om ook effectief een project in te dienen wordt een laagdrempelig voortraject gekoppeld aan de oproep. Er worden inhoudelijke consultatiesessies georganiseerd met assistenten en ander onderwijzend personeel en de verschillende opleidingscommissies van de faculteit krijgen een korte presentatie m.b.t. de inhoudelijke thema’s en de indienprocedure. Deze aanpak is gericht op het opsporen van sluimerende ideeën, het herkennen van terugkerende onderwijskundige vragen en uitdagingen en het aanreiken van beproefde oplossingen en tools.
Het aantal ingediende projecten evolueerde van 3 in 2009 tot 14 in 2015. Door het steeds toenemende aantal projecten, wat ook een stijging in het totaal gevraagde bedrag met zich meebracht, was de faculteit genoodzaakt een eigen facultaire screening en selectie door te voeren. De CKO-vergadering speelt hierin de rol van onafhankelijke beoordelingscommissie en zag zich de laatste jaren verplicht de financiële aspiraties van enkele projecten te temperen wegens onvoldoende budget. Positiever gesteld: de gecreëerde dynamiek m.b.t. onderwijsinnovatie heeft effectief geleid tot een gezonde interne facultaire concurrentie. Het resultaat van deze concurrentie is een inhoudelijke verdieping en algemene kwaliteitsstijging van de ingediende projecten. De budgettaire limiet garandeert tevens een weloverwogen besteding van de middelen.
Om het particuliere karakter van deze projecten-op-maat te overschrijden wordt ingezet op een maximale zichtbaarheid en verspreiding ervan via website/nieuwsbrief/seminarie. Vaak blijken ze ruimer inzetbaar dan enkel voor de promotor. Voor een aantal projecten bleek het opstarten van universiteitsbrede expertisenetwerken een nood in te vullen. Bijvoorbeeld rond 3D-printing en rond de integratie van demo’s fysica in hoorcolleges werden een aantal faculteits-overschrijdende initiatieven genomen. Het feedback-platform Pythia en het indienplatform Indianio zijn erg mooie voorbeelden van bottom-up projecten die vertrokken van specifieke problemen van een lesgever en na implementatie inzetbaar bleken voor verschillende opleidingen binnen de AUGent inclusief de Campus Korea.

(c) Actieve communicatie en laagdrempelige ondersteuning

We geloven dat een actieve communicatie en ondersteuning m.b.t. onderwijsinnovatie de cruciale katalysator vormt om een dynamiek rond onderwijsinnovatie te creëren en te behouden.
Bij de communicatie en acties rond het thema worden de belangrijkste aandeelhouders betrokken, dus zowel de docenten als de studenten. Op langere termijn beogen de acties de continue talentontwikkeling van studenten en personeel m.b.t. het onderwijs.
De communicatie steunt op laagdrempelige participatieve acties zoals een jaarlijkse studentenwedstrijd rond onderwijsinnovatie en een 5-tal laagdrempelige lunch-seminaries per jaar rond onderwijsinnovatie onder de noemer "Broodje Martinnovatie”. In deze Broodjes Martinnovatie brengen sprekers hun praktijkervaringen rond een welbepaald thema naar voor. De toenemende interesse voor deze seminaries (60 à 80 deelnemers) bewijst de nood aan inspiratie en uitwisseling. De uitnodigingen voor de Broodjes Martinnovatie worden ruim verspreid binnen de AUGent. Een overzicht van de voorbije Broodjes Martinnovatie is hier te vinden.

Volgende online publicaties zijn relevant om te vermelden:
•    Inspiratiegids tablet-pc's in universitair onderwijs
•    Overzicht 3D-printers en 3D-scanners aan Universiteit Gent

Via deze website, een 2-maandelijkse nieuwsbrief en gerichte thematische folders wordt het thema blijvend in de aandacht geplaatst.
Om de effectiviteit van uitgevoerde onderwijsinnovatieprojecten te onderzoeken, doet de faculteit soms beroep op zogenaamde onderzoeksvouchers. Er wordt bij afronding van projecten steeds een kwalitatief en/of kwantitatief evaluatieluik toegevoegd. Deze evaluatie geschiedt o.a. aan de hand van enquêtes ingevuld door student en docent. Bij het uitvoeren van de onderwijsinnovatieprojecten wordt er tegemoet gekomen aan verschillende operationele doelstellingen van de UGent, geformuleerd in het Strategisch Plan van de UGent (OD 2.1, OD 2.2, OD 6.6).
Het internationale potentieel van een aantal onderwijsinnovatieprojecten werd onlangs geformaliseerd in een overeenkomst met de Campus Korea. Vanaf 2015 zullen een aantal gerealiseerde onderwijs-innovatieprojecten van de faculteit Wetenschappen opengetrokken worden naar de Ghent University Global Campus, Korea (OD 4.3), zoals project Pythia (een online platform voor automatische feedback op programmeeroefeningen) en het vertalen en ondertitelen van bestaande weblectures in diverse opleidingen naar het Engels. Ook in de toekomst zal de uitbreidbaarheid van lopende onderwijsinnovatieprojecten naar de Campus Korea afgetoetst worden.

Om het gebruik van onderwijsondersteunende tools door de docenten te faciliteren beschikt de faculteit over een multimedia uitleendienst. Deze uitleendienst omvat o.a. video-opname materiaal, 26 tablet PC’s, een mobiel 3D-projectiesysteem, een 3D-camera, een document camera, 200 stembakjes, een mobiel geluidsversterkingssysteem voor excursies, etc. Alle lesgevers van de faculteit kunnen dit materiaal ontlenen op aanvraag. Het aankopen, onderhouden, technisch ondersteunen, reserveren van de materialen behoort tot het takenpakket van de projectmedewerkers onderwijsinnovatie.
De administratieve en boekhoudkundige ondersteuning bij de aankoop van materiaal en de aanwerving van personeel werkt tevens drempelverlagend.