De opmars van klimop

(08-10-2020) In gematigde bossen groeit beduidend meer klimop dan decennia geleden. Dat ontdekte bosonderzoeker Michael Perring eerder toevallig toen hij een dataset voor een ander onderzoeksproject aan het analyseren was.

Serendipiteit: het talent om met behulp van toeval en intelligentie een niet gezochte vondst te doen. Zo omschrijft Van Dale het. En zo was het ook helemaal bij de recentste publicatie van Mike Perring en zijn collega’s in het tijdschrift Frontiers in Ecology and Environment.

Mike analyseerde maar liefst 976 plantensoorten in de ondergroei van gematigde Europese bossen, dus de planten die zich onder de bomen bevonden. Hij bestudeerde bestaande metingen van collega’s, met regelmatige intervallen van ongeveer 40 jaar. Op basis daarvan hield bij in welke hoeveelheid de planten er voorkwamen van het ene moment tot het andere. Eén soort stak er duidelijk bovenuit: klimop. 

Als klimop opklimt

“Vergeleken met de allereerste meting van soms wel 80 jaar geleden troffen we klimop nu aan op 70% meer locaties”, licht Mike toe. “Klimop viel meteen op tussen de andere data in de dataset, want het gaf een heel unieke reactie in vergelijking met de andere soorten in de set.”

“Is deze stijging erg? Dat weten we nog niet. Maar als klimop ook naar boven zou beginnen groeien, dus op de bomen, is het een heel ander verhaal. Dan kan de plant bomen vatbaarder maken voor storm, waardoor ze omvallen. Aan de andere kant is volgroeide klimop ook voordelig voor bestuivers: het is een energiebron wanneer minder andere planten in bloei staan. De structuur en functie van een bos kunnen zo compleet veranderen.”   

 

En wat met de klimaatopwarming? “Bij hogere temperaturen kan klimop sneller groeien”, merkt Perring op. “En dat zagen we ook terugkomen in onze dataset. We konden een hogere waarschijnlijkheid om klimop terug te vinden in de herhalingsmeting, associëren met grotere temperatuurstijgingen tussen de onderlinge metingen. Toch kunnen we op basis van dit onderzoek niet zomaar een rechtstreeks verband concluderen tussen de toename van klimop en de klimaatverandering”, zegt Mike. “Onze data zijn puur observationeel, en bosbeheer speelt ook een rol in dit verhaal. Om een direct verband te leggen, is experimenteel onderzoek nodig.”

Inspiratie uit de tropen

“Toen ik de stijging in de data van klimop opmerkte, dacht ik meteen aan het onderzoek van mijn collega Hans Verbeeck, die gespecialiseerd is in lianen in de tropen. Klimop en lianen zijn allebei klimplanten, dus misschien kunnen we uit het gedrag van lianen in de tropen nog veel leren voor onze gematigde bossen.” 

Ook in sommige tropische bossen is de biomassa en frequentie van klimplanten toegenomen. Het effect daarvan is wel al onderzocht: lianen zorgen ervoor dat bossen minder koolstof kunnen opnemen.

 

Mike: “Kunnen we de vergelijking maken tussen het effect van de lianengroei in de tropen en de toename van klimop bij ons? Dat moeten we nu verder onderzoeken. Laat dit alvast een vroege waarschuwing zijn om ook klimop mee te rekenen in analyses voor toekomstig bosbeheer in gematigde bossen.”

Interdisciplinair

Voor deze publicatie ging Mike aan de slag met gegevens uit verschillende disciplines: geschiedenis, geologie, ecologie, landschapsbeheer en vergelijkende data uit tropische bossen. 

“Die combinatie maakte het onderzoek voor mij erg vernieuwend”, voegt hij toe. 

Zonnemelk van klimop

En als afsluiter: wist je dat klimop veel meer kan dan simpelweg groeien? 

Mike: “In tegenstelling tot wat velen denken, kan klimop gebouwen beschermen tegen schade. En de wortels van de plant scheiden stoffen af die zelfs bepaalde metalen kunnen vervangen die in zonnemelk gebruikt worden!”

Meer info

Increasing liana frequency in the understorey of temperate European forests is driven by ivy, gepubliceerd in Frontiers in Ecology and the Environment op 1 oktober

Michael Perring