Corona in de maakindustrie: crisis of opportuniteit?

(08-04-2020) Het coronavirus ontwricht onze economie, nu veel sectoren stilvallen. Ligt het antwoord voor de maakindustrie in dergelijke crisissen in massale automatisering?

Draaien de machines gewoon door, terwijl de wereld dat niet langer lijkt te doen? Professor Johannes Cottyn van de masteropleiding machine- en productieautomatisering aan de UGent Campus Kortrijk zocht het uit.

Wat zijn de opportuniteiten tijdens een crisis?

Herbekijk je processen. Analyseer wat je kan optimaliseren.

Tijdens de financiële crisis van 2008 was het duidelijk: bedrijven investeerden hun vrijgekomen capaciteit om te innoveren. Wie dat deed, kwam sterker uit de startblokken op het moment dat de economie terug aantrok.

De coronacrisis is natuurlijk een buitenbeentje , want het is heel moeilijk om je processen te herbekijken als je amper ter plaatse mag samenkomen. Maar deze disruptieve situatie kan je wel aan het denken zetten over de activiteiten die bij het productieproces komen kijken:

  • Kunnen deze taken kostenefficiënt geautomatiseerd worden? Dat hoeft niet noodzakelijk door mensen te schrappen in het proces, maar wel door hen gepast te ondersteunen.
  • Wat kan er vanop afstand gebeuren?
  • Kun je robots iets aanleren?

Je kunt altijd wel iets vinden om over na te denken in deze tijden.

Je moet weten dat automatisering in bedrijven het laatste decennium sterk is veranderd. Vroeger focuste men vooral op de materiaalstroom: hoe kunnen robots en machines het werk van mensen overnemen om grondstoffen om te vormen tot eindproducten?

Intussen ligt de focus op het papierwerk en software. Het digitaal aansturen van alle activiteiten, van productontwerp tot productie, van klantenorder tot levering. De doelstelling is een totale fabrieksautomatisering. Het huidige internettijdperk zorgt nog voor een stroomversnelling.

Zijn bedrijven met een hoge graad van automatisering beter bestand tegen dergelijke crisissen?Johannes Cottyn, professor automatisering

Op korte termijn misschien wel. Je bent minder afhankelijk van mensen, en de machines kunnen ongestoord verder draaien. Maar op een bepaald moment bots je op de muur van dalende vraag en zal de productie ook moeten verlagen.

Een ander mogelijk probleem is de materiaaltoelevering, zeker tijdens deze coronacrisis. Kostenefficiënte bedrijven houden er lage voorraadniveaus op na. Als je nu componenten uit Zuid-Korea, China of Italië nodig hebt, dan heb je een probleem. En dan moet je de productie, hoe sterk die ook geautomatiseerd is, toch stilleggen.

En dan is er nog het onderhoud van de machines. Vaak gebeurt dat door externe, gespecialiseerde technici, die zelfs uit het buitenland komen. In een periode waar verplaatsen en reizen gelimiteerd is, krijg je die dus moeilijker of niet ter plaatse. En dan moet je uit veiligheid ook de productie stilleggen. Bedrijven die geïnvesteerd hebben in veilige toegang tot hun machines voor ondersteuning vanop afstand, plukken daar nu de vruchten van. Een beetje vergelijkbaar met de digitale communicatieplatformen die nu in het algemeen het telewerken mogelijk maken.

Moet elk bedrijf nadenken over automatisering?

Ja, maar de mate waarin kan sterk variëren. Er bestaat zoiets als een optimale graad van automatisering, afhankelijk van de bedrijfsactiviteiten, marktsituatie en strategie.

Maar het is geen evidente oefening om die optimale graad te bepalen. Ze kan zelfs fluctueren in de tijd, bijvoorbeeld op basis van marktschommelingen.

Niet elk bedrijf kan toewerken naar het utopisch beeld van de zogenoemde 'lights-out-factories' of spookfabrieken, waar geen continue menselijke aanwezigheid vereist is. Dat zijn dan fabrieken waar letterlijk het licht uit kan en verwarming op 0 kan worden gedraaid. Dat komt vooral voor in de chemische sector waar grotere productievolumes nodig zijn, met een continu proces. Maar dat is uitzonderlijk.

Het kostenefficiënt automatiseren van variatiegevoelige processen vereist meer flexibiliteit. Tot op vandaag alvast is de mens daarvoor nog steeds het ultieme productiemiddel. Het komt er dus op aan om hem zo goed mogelijk te ondersteunen, zowel fysiek als cognitief, om zijn taken te kunnen uitvoeren.

Kan artificiële intelligentie daarbij helpen? Of augmented reality? Kan een ondersteunend toestel ons sneller door een productietaak leiden? Of tonen welke stappen we moeten ondernemen bij eventuele problemen?

Dus automatisering is belangrijk ...

Maar alvast niet de heilige graal tijdens een (corona)crisis. Het kan je wat langer op de been houden, maar je blijft altijd afhankelijk van externe factoren zoals marktvraag, onderhoud, de aanlevering van materiaal van andere bedrijven, enzovoort.

Automatische productie-installaties mogen dan wel immuun zijn voor coronavirussen, hun kwetsbaarheid is de laatste tijd toch ook al regelmatig bewezen door allerhande malware en computervirussen. En om daarvan te herstellen zijn ze ook 100% afhankelijk van de mens.

Wat als iemand interesse heeft om te experimenteren met nieuwe, innovatieve en flexibele automatiseringsconcepten?

De onderzoeksgroep Industrial Systems Engineering (ISyE) beheert op Campus Kortrijk een applicatielab.

Daar testen we nieuwe automatiseringstechnologieën, zoals collaboratieve robots, mobiele robotplatformen, digitale operatorondersteuning, digital twin, enzovoort.

Interesse om hiermee eens aan de slag te gaan? Neem dan gerust contact op via isye@ugent.be.