Wat te doen bij afwezigheid?

Afwezig tijdens lessen, practica, oefeningen...

Een korte ziekteperiode die alleen impact heeft op theoretische lessen hoef je niet te melden.
Een langere ziekteperiode meld je het best aan de Facultaire Studentenadministratie (FSA) van de faculteit Ingenieurswetenschappen en Architectuur (contactgegevens FSA, alle campussen).

Afwezig tijdens examens (periodegebonden evaluatie), tijdens tussentijdse testen, practica, oefeningen met verplichte aanwezigheid, of andere vormen van niet-periodegebonden evaluatie

Verwittig onmiddellijk de verantwoordelijk lesgever (contactgegevens te vinden in het UGent telefoonboek) en de facultaire Studentenadministratie van de betrokken campus (= het examensecretariaat, bij voorkeur via e-mail, contactgegevens van de FSA, alle campussen).

Je bezorgt bovendien binnen de 3 werkdagen een origineel bewijsstuk aan de FSA van de desbetreffende campus, als bewijs voor je afwezigheid in de betreffende periode. Vermeld daarbij je naam, opleiding, gemiste examens of testen en lesgevers.

Als het gaat om een gegronde afwezigheid bij periodegebonden evaluatie, dan vraag je meteen aan de examinator of aan de verantwoordelijk lesgever of een inhaalexamen binnen dezelfde examenperiode kan worden georganiseerd. In gezamenlijk overleg, en met kennisgeving aan het examensecretariaat, kan eventueel een andere evaluatievorm worden gebruikt.

Als het gaat om een gegronde afwezigheid tijdens niet-periodegebonden evaluatie, dan beslist de lesgever of een inhaalmoment mogelijk is, en in welke vorm.

Als gegronde redenen worden beschouwd:

  • ziekte of ongeval die de deelname aan het examen verhinderen;
    • Geldig medisch attest = door een arts uitgeschreven op de dag van de ziekte of van het ongeval én binnen de 3 werkdagen bezorgd aan de FSA.
    • Ongeldig medisch attest = een attest waarin enkel de verklaring van de student wordt gemeld (“dixit-attest”) of een attest dat werd geschreven na de ziekte of na het ongeval (“post factum-attest”).
    • Een medisch attest over het beoefenen van (bepaalde) sportactiviteiten dient een specificering te bevatten van welke handelingen de student verhinderd is uit te voeren.
  • het overlijden tijdens de betrokken examenperiode van een bloed- of aanverwant in de eerste of tweede graad (ouders, kinderen, grootouders, kleinkinderen, broer, zus) of van een persoon die met de student samenwoont;
  • gerechtelijke redenen (bv. oproeping of dagvaarding voor een rechtbank);
  • overlapping tussen examens, andere dan inhaalexamens, binnen een geïndividualiseerd traject (GIT). Met overlapping wordt bedoeld dat twee of meer examens minstens gedeeltelijk op hetzelfde tijdstip doorgaan;
  • andere vormen van overmacht (een gebeurtenis die niets van doen heeft met de student, en die redelijkerwijze niet voorzien, verhinderd of overwonnen kon worden).

 

Zie ook artikel 75 van het Onderwijs- en examenreglement (OER).