Laboratorium Magnel-Vandepitte voor Bouwkundige Constructies en Bouwmaterialen

 

Welkom

Het Laboratorium Magnel-Vandepitte, inherent verbonden met de vakgroep bouwkundige constructies en bouwmaterialen van de UGent, is het grootste Belgische onderzoekscentrum op het gebied van bouwkundige constructies en bouwmaterialen. De focus ligt op fundamenteel wetenschappelijk en toegepast technisch onderzoek, met onderwerpen variërend van materiaalgedrag op microscopische en sub-microscopische schaal tot structureel gedrag en structurele betrouwbaarheid op grote schaal. Het Laboratorium Magnel-Vandepitte richt zich hierbij op verschillende bouwmaterialen (beton, staal, glas, composieten ...) en de interactie tussen deze materialen. Het materiaalgedrag en de structurele respons worden bestudeerd, rekening houdend met het effect van verschillende mechanische en omgevingsacties, waaronder de interactie met brand.

Visie

Het Laboratorium Magnel-Vandepitte wil bijdragen aan een duurzame en veilige maatschappij en gebouwde omgeving.

Missie

Het Laboratorium Magnel-Vandepitte wil uitmuntend zijn in fundamenteel wetenschappelijk en toegepast technisch onderzoek, ontwikkeling en innovatie, evenals dienstverlening aan bedrijven en de maatschappij, in het domein van bouwmaterialen en constructies.

Motto

We willen onze academische kennis op vlak van bouwkundige constructies en bouwmaterialen ter beschikking stellen voor het aanpakken van maatschappelijke en humanitaire uitdagingen zoals veiligheid en duurzaamheid. Daarom is ons motto:
Building [for] Humanity
Mens en Bouw

Geschiedenis

Het eengemaakte Laboratorium Magnel-Vandepitte verenigt sinds 4 februari 2020 de krachten van het Laboratorium Magnel voor betononderzoek, het Laboratorium voor Modelonderzoek, de groep Schoonmeersen en de groep CFFS (Combustion, Fire and Fire Safety). Het Laboratorium Magnel-Vandepitte werd vernoemd naar twee illustere boegbeelden in het domein van de burgerlijke bouwkunde aan de Universiteit Gent, met name professor Gustaaf Magnel en professor Daniël Vandepitte.

Links: Professor Gustaaf Magnel (1889-1955); Rechts: professor Daniël Vandepitte (1922-2016)

Links: Professor Gustaaf Magnel (1889-1955); Rechts: professor Daniël Vandepitte (1922-2016)

Professor Magnel verrichte pionierswerk inzake voorgespannen beton en berekeningsmethoden voor betonconstructies en wordt voor zijn werk ook vandaag nog internationaal erkend. Magnel was als ingenieur betrokken bij vele spraakmakende bouwwerken in gewapend en spanbeton, waaronder de basiliek van Koekelberg, de boekentoren en een zeer grote fabriekshal voor de Union Cotonnière in Gent en in Philadelphia de eerste brug in spanbeton in de Verenigde Staten.
In 1926 stichtte hij het "Laboratorium voor Gewapend Beton", met het doel een antwoord te bieden aan de toenmalige dringende nood aan wetenschappelijk onderbouwd betononderzoek. Vanaf 1930 was het laboratorium verbonden aan de Universiteit Gent en in die pioniersjaren groeide het langzaam uit tot een veelzijdig onderzoekscentrum. Vanaf 1937 werden in zijn laboratorium proefnemingen uitgevoerd op het gebied van de toen nieuwe techniek van "voorgespannen beton" Hij stelde een eigen systeem op punt voor het verwezenlijken van de voorspanning, het “Blaton-Magnel” systeem, dat in verschillende landen werd toegepast.
Zijn leerboeken over "Berekening van Gewapend Beton" en "Stabiliteit der Bouwwerken" zijn standaardwerken voor deze wetenschappen. Zijn laatste boek "Le Béton Précontraint" werd in verschillende talen uitgegeven, naast het Frans, het Engels, het Spaans en het Russisch.
Professor Magnel was decaan van de Faculteit Wetenschappen in de periode 1933-1934 en tot aan zijn dood in 1955 directeur-diensthoofd van het later naar hem genoemde Laboratorium Magnel voor betononderzoek. Hij werd in deze functie achtereenvolgens opgevolgd door de professoren Felix Riessauw, Dirk Van Nieuwenburg, Luc Taerwe en Nele De Belie.

Professor Vandepitte was een innovatieve bruggenbouwer en verrichte grensverleggend onderzoek naar o.a. de stabiliteit van dunwandige kegel- en betonschalen. Als ingenieur ontwierp en coördineerde Vandepitte de bouw van 19 wegbruggen en 6 spoorwegbruggen in het kader van de aanleg van de Ringvaart rond Gent. Voor de hangbrug in Merelbeke, de eerste hangbrug met betonnen verstijvingsliggers die door de draagkabels voorgespannen zijn, ontving hij in 1956 de prijs Charles Lemaire van de Koninklijke Academie van België. In 1957 werd hij vereerd met de prijs van de Alumni der Universitaire Stichting. Vandepitte werd door deze hangbruggen wereldberoemd.
In 1960 bevorderde hij tot gewoon hoogleraar in opvolging van prof. Magnel en prof. Bollengier aan de Universiteit Gent. In datzelfde jaar richtte hij het Laboratorium voor Modelonderzoek op, dat zich van bij aanvang toelegde op een combinatie van experimentele en numerieke methoden op het vlak van berekening van constructies. Internationale faam ontving Vandepitte voor zijn baanbrekende onderzoek over de stabiliteit van imperfecte hydrostatische belaste kegelschalen, dat hij uitvoerde naar aanleiding van de instorting van twee stalen watertorens in België in de late jaren 1960. Het vormde de grondslag voor de overeenkomstige rekenregels van de ECCS.
Zijn driedelige magnus opus “Berekening van Constructies”, dat verscheen tussen 1979 en 1981, was een zeer breed en diepgaand werk waarmee hele generaties ingenieurs zijn opgeleid en dat tot op de dag van vandaag in ingenieursbureau's in het hele Nederlandse taalgebied wordt gebruikt.
Professor Vandepitte was rector van de Universiteit Gent in de periode 1969-1972 en bleef onafgebroken directeur-diensthoofd van het Laboratorium voor Modelonderzoek tot aan zijn emeritaat in 1987. Zijn opvolgers in deze laatste functie waren achtereenvolgens de professoren Jacques Rathé, Rudy Van Impe en Jan Belis.

2.12.0.0