Aankoeksel op het vroegste aardewerk in Vlaanderen (2006-2010)

Studie van organisch aankoeksel op aardewerk van de Swifterbant cultuur uit de Beneden-Schelde.

Swifterband pot uit Doel
Swifterband pot uit Doel
Het verschijnen van aardewerk in Noordwest-Europa betekende het startsein voor de omschakeling naar een agrarische leefwijze (het neolithisatieproces). Het precies dateren van dit vroegste aardewerk is problematisch. Het dateren van aangekoekte voedselresten, bewaard op de binnenkant van potscherven, lijkt momenteel de beste optie, aangezien hierdoor een directe datering verkregen wordt.

Problemen kunnen zich echter stellen wanneer voor de bereiding van voedsel organismen uit een waterrijk milieu (zee, rivier, meer) zijn gebruikt. In die gevallen kan de ouderdom te gevolge van het reservoireffect ouder lijken dan ze in werkelijkheid is. De datering is met andere woorden niet meer representatief voor het gebruik van de pot.

Binnen dit project zijn tientallen aankoeksels bewaard op aardewerk, afkomstig van sites behorende tot de Swifterbant en Michelsberg cultuur, recent opgegraven in de Beneden-Schelde, onderzocht. Naast bulk stabiele isotopen onderzoek is tevens gewerkt met Gas Chromatografie (o.a. GC-MS, EA-IRMS en GC-C-IRMS). De parameters die onderzocht werden zijn: ten eerste de relatieve hoeveelheid van bepaalde lipiden in het aankoeksel of in de potscherf (identificatie, kwantificatie) en ten tweede de verschuivingen in de isotopenfractionatie (δ 13C, δ 15N). Fracties van het aankoeksels en andere geassocieerde archeologische materialen (verbrande beenderresten, verkoolde plantenresten, houtskool) werden gedateerd met AMS om het reservoireffect van de benedenloop van de Schelde kwantitatief vast te leggen.

Bibliografie

  • Boudin M., Van Strydonck M. & Crombé Ph. (2009). Radiocarbon Dating of Pottery Food Crusts: Reservoir Effect or not? The case of the Swifterbant pottery from Doel “Deurganckdok”. In: Ph. Crombé, M. Van Strydonck, J. Sergant, M. Bats & M. Boudin (eds.), Proceedings of an international meeting, Brussels, May 30th-June 1st 2007 “Chronology and Evolution within the Mesolithic of North-West  Europe”, Cambridge Scholars Publishing, 2009, pp. 727-745.
  • Boudin M., Van Strydonck M., Crombé Ph., De Clercq W., van Dierendonck R.M., Jongepier H., Ervynck A. & Lentacker A. (2010). Fish reservoir effect on charred food residue 14C dates. Are stable isotope analyses the solution? Radiocarbon 52(2-3): 697-705.
  • Crombé Ph. (2010). Early pottery in hunter-gatherer societies of Western Europe, in: P. Jordan & M. Zvelebil (eds.), Ceramics before Farming. The Dispersal of Pottery Among Prehistoric Eurasian Hunter-Gatherers, University College London Press + Left Coast Press California, 2010, pp. 477-498.
  • Crombé Ph., Boudin M. & Van Strydonck M. (2011). Swifterbant pottery in the Scheldt basin and the emergence of the earliest indigenous pottery in the sandy lowlands of Belgium. In: S. Hartz, F. Lüth & Th. Terberger (eds), Early Pottery in the Baltic – Dating, Origin and Social Context, International Workshop at Schleswig on 20-21 October 2006, Bericht der Römisch-Germanischen Kommission 89, 2011, Frankfurt, pp. 465-483.
  • Crombé Ph., Robinson E., Boudin M. & Van Strydonck M. (2013). Radiocarbon dating of Mesolithic open-air sites in the coversand area of the Northwest European Plain: problems and prospects. Archaeometry 55 (3: 545–562.

Contact

Prof. Dr. Philippe Crombé