Lieselot Van Peteghem, gids bij Museum van de Nationale Bank van België

Mijn keuze voor de opleiding Geschiedenis was een romantische en impulsieve beslissing. Ik was als kind al gepassioneerd door geschiedenis. Ik las er graag over, ik hield van musea bezoeken, en het was het enige vak op school waarvoor ik kon blijven studeren zonder dat het me moeite kostte. Dat waren signalen die voor mij de doorslag gaven. Bovendien kom ik uit een leerkrachtenfamilie en had ik al van jongs af het idee om les te geven. Al die factoren maakten van geschiedenis de meest logische optie.


Oorspronkelijk was het mijn bedoeling om een minor in talen te volgen, maar dat lukte uiteindelijk niet, omdat er te veel overlappingen waren met mijn lessen Geschiedenis. Ik heb dan voor de minor Globalisering en Diversiteit gekozen. Hoewel ik het eerst jammer vond dat ik geen talen kon doen, hebben de vakken rond diversiteit wel echt mijn ogen geopend. Ze hebben me doen inzien dat onze perceptie gevormd wordt door de cultuur waarin we leven. In die lessen werden voortdurend maatschappelijke stereotypen doorbroken en dat vond ik heel confronterend. Ook in de geschiedenislessen kwam de sociologische visie vaak aan bod. Geschiedenis bestudeert immers ook de veranderlijkheid van menselijke ideeën en van samenlevingen. Dat vind ik zo waardevol aan de opleiding: ze leert je om de ruime context te zien en dingen in vraag te stellen die voor veel mensen vanzelfsprekend lijken.

"De theoretische bagage die ik tijdens mijn opleiding heb meegekregen, helpt me om feiten of gebeurtenissen in een bredere context te plaatsen."


Na mijn opleiding Geschiedenis heb ik een specifieke lerarenopleiding gevolgd, en daarna kon ik meteen beginnen als leerkracht op een middelbare school. Die job sloot niet helemaal bij mijn studies aan: ik moest vooral lessen aardrijkskunde geven en dat was niet bepaald mijn vakgebied. Na dat jaar in het onderwijs ben ik bewust naar iets anders op zoek gegaan. Het heeft even geduurd voor ik wist wat ik zocht en welke beroepsmogelijkheden er zoal waren, maar na enkele maanden ben ik bij het Museum van de Nationale Bank in Brussel beland.  Ik geef gidsrondleidingen in het museum aan heel uiteenlopende groepen mensen. Naast het gidsen moet ik me natuurlijk ook inlezen en verdiepen in de materie waarover ik vertel. Daarbovenop ben ik momenteel verantwoordelijk voor het uitwerken van een zoektocht voor kinderen, die we in de zomer in het museum zullen organiseren. Die opdracht is op mijn lijf geschreven; als voormalig scoutsleidster kan ik me daar helemaal mee laten gaan.


Ik werk dagelijks in een economische context aangezien ik bij het Museum van de Nationale Bank werk, maar het grootste luik is nog steeds geschiedkundig. Dankzij mijn studies beschik ik over een ruim referentiekader waarnaar ik kan teruggrijpen. De theoretische bagage die ik tijdens mijn opleiding heb meegekregen, helpt me om feiten of gebeurtenissen in een bredere context te plaatsen. Bovendien heb ik aan de universiteit geleerd om grote hoeveelheden informatie te verwerken en kritisch te analyseren. Dat is een vaardigheid waar ik veel baat bij heb in mijn job. Die kritische ingesteldheid zorgt ervoor dat ik een genuanceerd antwoord kan geven als ik vragen krijg tijdens een gidsbeurt. Ik ben erg blij dat ik het geluk heb gehad om ergens terecht te komen waar ik kan voortbouwen op mijn studies. Ik blijf nog elke dag met geschiedenis bezig.