De huidige onverzettelijkheid van BLM beweging geeft hoop

(19-06-2020) Sinds een aantal weken woeden in de brede samenleving hevige debatten rond racisme en dekolonisering. We vroegen drie UGent'ers wat de voorbije weken voor hen betekenden.

De dood van George Floyd zette een ongeziene golf van activisme in gang. De Black Lives Matter beweging stond wereldwijd opnieuw op.  Ook in België. Zo vond op zondag 7 juni een protest plaats op het Brusselse Poelaertplein en worden standbeelden van Leopold II en andere kolonisators in het vizier genomen.

Professor Bruno De WeverProfessor Bruno De Wever

Ik bekijk de gebeurtenissen van de afgelopen weken vanuit het perspectief van historicus en opleider van leraars geschiedenis. Het toeval wil dat deze gebeurtenissen parallel liepen met de behandeling van de eindtermen van het geschiedenisonderwijs in het Vlaams parlement. Ik heb als expert deze eindtermen mee geschreven en er o.m. mee voor gezorgd dat leerlingen in het SO, in alle richtingen, in hun geschiedenislessen moeten leren over (de)kolonisering vanuit verschillende perspectieven. Het perspectief van de gekoloniseerde zal, dat wil ik hopen, doen begrijpen waarom eerbetuigingen aan Leopold II in de openbare ruimte, in het bijzonder voor de zwarte diaspora, kwetsend en ongepast zijn.  Verder kan dat perspectief bijdragen  tot een open dialoog over verleden en heden en tot het (h)erkennen van structureel racisme.

Tegelijk wil ik waarschuwen voor een radicalisering in een identitaire richting waarbij mensen vanuit hun zwarte of gekleurde identiteit een claim leggen op de waarheid en anderen het recht ontzeggen om aan het maatschappelijk debat deel te nemen. In dat verband las ik een heldere analyse van Abou Jahjah die ik dan ook meteen aanbeveel: 'Discriminatie en racisme zijn echt, white privilege niet'

© Kristof VadinoEmma-Lee Amponsah

Co-founder Black Speaks Back, lid van het Belgian Network For Black Lives en PhD student communicatiewetenschappen UGent.

De voorbij weken hebben bij mij veel losgemaakt. De mobilisaties rond Black Lives Matter in België hebben niet alleen intellectueel, maar ook emotioneel veel van mij gevraagd. Als stichtend lid van het Belgium Network For Black Lives (BNFBL) ben ik nauw betrokken geweest bij de organisatie van het protest dat op zondag 7 juni plaatsvond op het Brusselse Poelaertplein. Ik heb het van dichtbij meegemaakt en durf te stellen dat we ons aan het begin van een ware revolutie bevinden. Maar elke revolutionaire bewegingen heeft zijn houdbaarheidsdatum. Zo  duurde The Montgomery Bus boycots 382 dagen, maar hielden The Freedom Rides het slechts zeven maanden uit. The Greensboro sit-ins gingen zes maanden voort en The Birmingham movement duurde maar 37 dagen.

De Black Lives Matter movement kwam in 2013 op en is sindsdien, mede dankzij sociale media en Black Twitter, nooit echt verdwenen onder zwarte activisten. Maar nooit eerder was de beweging in staat om wereldwijd zoveel mensen te mobiliseren om de straat op te gaan en druk uit te oefenen op de staat en haar publieke instellingen om voorgoed afscheid te nemen van structureel racisme. We zien hoe de beweging in België al gauw een heel eigen karakter aannam met een kritische blik op het koloniale verleden en de sporen ervan in de publieke ruimte, de schoolboeken en de algehele machtsverhoudingen in onze samenleving. In verschillende domeinen van de maatschappij is er momenteel flink wat in beweging.

Maar als wij dit “momentum” willen grijpen om structurele verandering door te drukken, échte verandering, is er niet alleen strijdlust en uithoudingsvermogen nodig, maar ook openheid, eerlijkheid en een behoorlijke dosis kritische zelfreflectie.

In de bundel Being Imposed Upon (2020) schreef ik een hoofdstuk over de manier waarop imposante termen als “dekolonisatie”, “intersectionaliteit” en “antiracisme” hun radicale potentieel verloren doordat culturele huizen, educatieve instellingen en andere instituties ermee aan de haal gingen voor hun eigen institutionele “branding.” Dekolonisatie, intersectionaliteit, antiracisme en nu ook “Black Lives Matter” worden vooral ingezet als een reclametool: een uithangbord in een gecommercialiseerde wereld waar de lichamen van mensen van kleur, en met name Zwarte lichamen, winst vertegenwoordigen. Het onrechtvaardig sociopolitiek klimaat – in dit geval dus de brute moord van George Floyd – fungeert dan als slechts een decor waartegen organisaties en instellingen zich kunnen spiegelen als progressieve change-makers. Enkel om zichzelf te promoten en te verkopen - aan ons. Met ons bedoel ik zwarte mensen – mensen van kleur. Ook de Ugent maakt zich er schuldig van. Volledige vakgroepen en studierichtingen maken zich er schuldig aan. Onderzoeksgroepen maken zich er schuldig aan. Proffen maken zich er schuldig aan.

Terwijl de universiteit uitpakt met een passief en nietszeggend diversiteitsbeleid en uitsluitend witte vertrouwenspersonen, blijven studenten en werknemers van kleur doelwit van het dagelijkse wit-supremacistische, cis-heteronormatieve, kapitalistisch-imperialistische en patriarchale geweld waar de universiteit bol van staat.

Ik roep daarom iedereen die vandaag iets wil betekenen op om een stapje terug te doen. Om in plaats van meteen te handelen, eerst eens te observeren. Eens te luisteren naar de mensen waar het hier om gaat. Na te denken over je eigen positie in dit hele verhaal: wie ben jij in het filmpje waarin George Floyd acht minuten lang verstikt wordt en sterft? Ben jij George? Ben jij de politie agent? Ben jij een omstander die niets doet? Misschien ben je degene die filmt? Wie ben jij? Als je eruit bent, vecht dan met ons, niet voor ons. Schrijf niet over ons, maar met ons. Doe geen onderzoek naar ons, maar werf ons aan en vertrouw ons.

Julie CarlierJulie Carlier

Ik heb erg getwijfeld of ik wel het woord moest nemen in deze bijdrage, want mijn ervaring of visie, als witte, geprivilegeerde werknemer van de universiteit moet nu niet centraal staan, integendeel. Maar het is ook onrechtvaardig om het actieve anti-racistische werk – dat veel verder moet gaan dan cosmetische ingrepen in functie van “diversiteit” – enkel en alleen op de schouders te laden van de getroffen studenten en medewerkers die behoren tot geracialiseerde minderheden aan onze universiteit.

Ik wil graag mijn eigen leerproces als lesgever delen, want het zijn mijn studenten die sinds enkele jaren de dekolonisering van de universiteit eisen.

Dekolonisering is geen diversiteitschecklist die je kan afwerken: het is het dagelijkse werk van het in vraag stellen van de universiteit als wit instituut en de kennis die er wordt gemaakt en gedoceerd. Het is het in vraag stellen van mijn eigen (onbewuste) rol in de reproductie van structureel racisme, hoe onbedoeld ook.

Het zijn studenten zoals mijn huidige collega, Emma-Lee Amponsah (tevens mede-oprichtster van het collectief Black Speaks Back), die in de voorbije jaren in mijn lessen over de geschiedenis van het feminisme het witte, Westerse verhaal dat ik centraal stelde, fundamenteel bekritiseerden, en me uit mijn comfort zone haalden. Zoals Olivia Rutazibwa stelt, moeten we die ongemakkelijkheid omarmen: dekolonisering van het curriculum (en van de samenleving in het algemeen), is destabiliserend werk en een voortdurend leerproces. Het gaat om het actief “ontleren” van wat ik zelf op de universiteitsbanken aangeleerd heb gekregen, en het centraal stellen van de stemmen en perspectieven die uitgesloten werden in dat witte verhaal. Waarom leren we wel de “klassiekers” zoals het werk van Max Weber, maar niet dat van de Afro-Amerikaanse socioloog WEB Dubois (1868-1963)? En wel het verhaal van de Franse Revolutie, maar niet dat van de veel radicalere Haïtiaanse Revolutie in diezelfde periode? (Met dank aan mijn collega Koen Bogaert om me deze geschiedenis te leren kennen.)*

Ik heb vorig jaar een start gemaakt met herziening van mijn eigen syllabus en zal dat werk in de komende jaren verderzetten, samen met mijn studenten, van wie ik soms meer te leren heb dan omgekeerd.

De huidige onverzettelijkheid van BLM beweging geeft me hoop, en als feministe vind ik inspiratie in de eisen voor dekolonisering – geworteld in een eeuwenoude sociale, politieke en intellectuele traditie van verzet tegen witte, Westerse, mannelijke dominantie – omdat dit perspectief verbindt wat in het mainstream verhaal gescheiden wordt: feminisme en anti-racisme, sociale strijd en klimaatactie, de problemen in onze Belgische maatschappij en wereldwijde ongelijkheid. Zonder die verbinding is elk streven naar een rechtvaardigere samenleving in mijn ogen gedoemd om te mislukken.

*Voor meer informatie over de Haïtiaanse Revolutie, zie Koenraad Bogaert:

https://www.dewereldmorgen.be/artikel/2019/01/25/radicale-verlichting-en-haar-haitiaanse-erfenis-inspiratie-voor-het-humanisme-en-sociaal-verzet-van-de-21ste-eeuw/ en de klassiekers van CLR James (The Black Jacobins, 1938) en Michel-Rolph Trouillot (Silencing the Past, 1995)