Grensoverschrijdende samenwerking als antwoord op toenemende integratie van Belgische en Nederlandse drugsmarkten

(31-05-2018) Druggerelateerde fenomenen blijven toenemen in België. Dat geldt ook voor de integratie van illegale drugsmarkten in Nederland en België. Criminele netwerken in beide landen werken steeds vaker samen, zo blijkt uit Belgisch-Nederlands onderzoek.

Omdat Belgische en Nederlandse criminele netwerken sinds jaar en dag met elkaar verweven zijn, en Nederland haar aanpak tegen bepaalde druggerelateerde fenomenen intensiveerde, zochten de wetenschappers tussen 2016 en 2018 naar aanwijzingen voor een mogelijke verschuiving van illegale drugsmarkten van Nederland naar België. Toenemende wettelijke of gerechtelijke druk in het ene land kan immers leiden tot een toename van het probleem in het andere land: het zogenaamde waterbedeffect.

Cannabisteelt en productie van synthetische drugs: uitbreiding richting België

Het onderzoek laat zien dat de professionele cannabisteelt en de synthetische drugsproductie vanuit Nederland uitbreiden richting België.

In quasi iedere Belgische regio komen nu illegale cannabisplantages voor, die bovendien een steeds grotere capaciteit hebben, terwijl synthetische drugslabo’s en dumpingen van drugsafval vooral in het Belgisch-Nederlandse grensgebied voorkomen.
Daarnaast zijn steeds meer Belgische criminele organisaties betrokken bij de productie van cannabis en synthetische drugs in België. Dat was vroeger hoofdzakelijk werk van Nederlandse criminele organisaties.
Cannabiskwekers kunnen tegenwoordig hun kweekmateriaal aankopen in Belgische growshops en online, in plaats van enkel in Nederland. België kreeg doorheen de jaren ook een belangrijke rol in de aanvoer van chemicaliën voor de productie van synthetische drugs.
Dat bij de productiemarkten eerder sprake is van een uitbreiding richting België dan van een verschuiving, blijkt vooral ook uit het feit dat deze markten in Nederland niet lijken af te nemen. Wel integendeel.

Cocaïne: minder duidelijke tendensen

Recent is in de media steeds vaker sprake van een verschuiving van de cocaïnemarkt van Rotterdam naar Antwerpen, al dan niet veroorzaakt door een meer intensieve aanpak in Nederland. Het onderzoek nuanceert dit beeld. De voorbije jaren steeg de hoeveelheid inbeslaggenomen cocaïne in de haven van Antwerpen, terwijl die in Rotterdam afnam. Maar het is onduidelijk of deze ontwikkeling permanent dan wel tijdelijk is. Smokkelroutes worden in de praktijk zeer snel aangepast naargelang de risico’s die er op een bepaald moment mee verbonden zijn. Als invalspunten voor cocaïne zijn de havens van Antwerpen en Rotterdam sterk verbonden. Permanente verschuivingseffecten zijn daardoor weinig waarschijnlijk.

De tussenhandel van cocaïne blijkt wel uit te breiden naar België. Antwerpse criminele groeperingen lijken daarnaast ook hun eigen invoer vanuit Zuid-Amerika te organiseren. Daardoor worden afnemers uit binnen- en buitenland voor hun bevoorrading minder afhankelijk van Nederland.

Detailhandel: aanpassing van Nederlandse wetgeving leidt tot nieuwe verkoopkanalen

De detailhandel van cannabis, synthetische drugs en cocaïne verschuift van Nederland naar België. Op de cannabismarkt ontstonden nieuwe verkoopkanalen sinds Nederlandse grensgemeenten in 2012 buitenlandse drugstoeristen de toegang tot coffeeshops ontzeggen. Belgische gebruikers wenden zich nu tot illegale aanbieders in eigen land of doen via (wiet)koeriers een beroep op Nederlandse ‘besteldiensten’. Verder bestellen gebruikers zelfs hun cocaïne via callcenters, waarna Nederlandse drugskoeriers de drugs aan huis leveren.
Belgische gebruikers bestellen ook online (allerhande) illegale drugs in Nederland, en Nederlandse leveranciers versturen vanuit België op grote schaal postpakketten van online bestelde drugs naar bestemmelingen wereldwijd.

Lage Landen: twee landen, één drugsmarkt…

Het onderzoek toont aan dat de link tussen de Belgische drugsmarkten en Nederland nog steeds sterk is. Verschillende criminele netwerken werken samen en maken gebruik van elkaars personele, materiële en logistieke faciliteiten. Door deze samenwerkingsverbanden leren Belgische criminele organisaties de knepen van het vak en worden de druggerelateerde activiteiten in België steeds professioneler. De verwachting is dan ook reëel dat de drugsmarkten in België op termijn meer in handen kunnen komen van in België gevestigde criminele groeperingen, zowel voor de productie als de handel in illegale drugs.

… en één aanpak?

De gemeenschappelijke problematiek vraagt volgens de wetenschappers om een gemeenschappelijke aanpak. België en Nederland kunnen, zowel individueel als in nauwe samenwerking met elkaar, maatregelen nemen om deze criminele fenomenen te stuiten. Net zoals criminele netwerken in België en Nederland weinig hinder ondervinden om grensoverschrijdend samen te werken, zou dit ook het geval moeten zijn voor de politionele, justitiële en bestuurlijke samenwerking tussen beide landen.

Info 

Link naar het onderzoeksrapport
Coördinator: Charlotte Colman (UGent)
Promotoren: Toine Spapens (Tilburg University) en Letizia Paoli (KU Leuven)

België: Prof. Charlotte Colman
Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht
T 09 264 84 22 - M 0486 29 75 15
charlotte.colman@ugent.be

Nederland: Prof. Toine Spapens
Tilburg University
T +31 013 466 36 18
A.C.Spapens@uvt.nl

Lees meer artikels over: