“We moeten de krachten rond plasticrecyclage bundelen”

(02-07-2019) De UGent levert pionierswerk op het vlak van recyclage. Op Campus Kortrijk bouwt professor Steven De Meester aan een expertisecel rond plasticrecyclage.

Als specialist in plasticrecyclage is Steven De Meester een graag gezien gast in diverse media. In zijn tussenkomsten legt hij uit hoe recyclage in ons land evolueert, maar De Meester spoort ook onderzoekers en bedrijven aan om samen aan oplossingen te werken. We wandelen met hem door zeven stellingen om te leren hoe wetenschap en industrie stappen vooruit kunnen zetten.

1. Plastics moeten uit de negatieve sfeer

“We kunnen niet zonder plastics”, zegt Steven De Meester onomwonden. “Uiteraard is de beste consumptie, geen consumptie. Maar als je plastics afschaft, gaat de klimaat footprint van de maatschappij omhoog. Andere materialen die zwaarder zijn, kosten ook energie om te produceren en recycleren. Plastic is een fantastisch product indien de mens slim genoeg is om er goed mee om te gaan en het niet in de zee te gooien. Alternatieven hebben vaak nadelen of zijn duurder. Het momentum is er. De uitvoermogelijkheden naar China slinken door de Chinese plasticban en veel grote spelers verenigen zich om plastics duurzamer te maken.”

2. De Belg is een goede leerling, maar het kan nog beter

De cijfers rond plasticrecyclage zijn niet optimaal, maar België doet het in vergelijking met de rest van de wereld niet slecht, aldus Steven De Meester: “We recycleren vlot glas, papier, karton en bepaalde soorten metalen zoals aluminium en ijzer. Batterijen recycleren we ook goed, maar onze afgedankte elektronica bewaren we nog te lang in huis. Ook voor het composteren of vergisten van organisch afval is ons land bij de betere leerlingen van de klas.”

De Meester preciseert ook dat je bij het bekijken van de cijfers moet weten dat plastics lichte materialen zijn. “Als we een ruimte voor de ene helft vullen met glas en voor de andere helft met plastic afval, dan zal er misschien 100 kg plastic zijn tegenover 5 ton glas. Hoeveel kilogram je hebt gerecycleerd vertelt niet alles.”

3. De echte uitdaging is het recyclageproces performanter maken

Maar meer nog dan in het verbeteren van de cijfers, zit de uitdaging volgens Steven De Meester in het ontwikkelen van perfomantere processen. Hij geeft voorbeelden uit eigen huis: een proces om de verschillende laagjes folie van een luier uit elkaar te halen, technieken om chemicaliën uit plastic te halen. Een voorbeeld is de mogelijkheid om ftalaten, de stof die plastic verpakkingen soepel maakt, opnieuw uit de PVC te halen. “Op die manier bekomen we opnieuw een propere korrel die voor eender welke toepassing bruikbaar is”, aldus De Meester. Behalve de sterkere processen wijst hij ook op de noodzaak van goede analyse. Zo finaliseren Steven De Meester en zijn medewerkers momenteel de grootste chemische karakterisatie ooit van plasticverpakkingsafval.”

4. We moeten expertise bundelen

Op Campus Kortrijk van de UGent werkt Steven De Meester aan de uitbouw van een nieuwe onderzoeksgroep. De intensiteit van het onderzoek neemt overal toe, erkent hij. “Bedrijven werken hard rond recyclage, met veel trial en error. Het moet ook gezegd dat de wetenschappelijke wereld er pas sinds enkele jaren intensief mee bezig is.”

Als consortium binnen Capture (een project dat de krachten bundelt rond de circulaire economie binnen de thema’s water, plastic en CO2) werken we met zeven à acht professoren rond plasticrecyclage. Dit is uniek op wereldvlak.”

5. Zeg niet zomaar recyclage

Momenteel werken binnen het team van Steven De Meester tien tot twaalf medewerkers op de onderzoekslijn plasticafval. Het onderzoek focust op de scheiding en de opzuivering van de plastics zelf, meer bepaald ontgeuren en ontkleuren: “We onderscheiden twee vormen van recyclage: chemisch recycleren (afbreken tot bouwsteentjes) en mechanisch recycleren (hersmelten naar een andere vorm). Wij maken de materialen klaar voor die processen. Met het oog op droge scheidingsprocessen (zoals NIR-scheiding of windshifters) hebben we een model dat voorspelt hoe plastics door een scheidingsinstallatie gaan en welke kwaliteit er uit voortvloeit. De natte processen zorgen voor de verwijdering van het organisch materiaal en het ontgeuren. Met bijvoorbeeld onze pilootwaslijn kunnen we perfect testen of de plastics nog zullen stinken of niet. Belangrijk is dat we op een voor de industrie relevante schaal werken en de nodige kennis en analyse hebben om de testen te begrijpen en verbeteren.”

Hoe werkt de UGent samen met bedrijven? De UGent staat open voor zowel klein- als grootschalige projecten. Steven De Meester: “Naast traditionele kanalen werken we vaak samen met bedrijven binnen het kader van Catalisti-projecten. Catalisti, de Speerpuntcluster Chemie en Kunststoffen, faciliteert onderzoek tussen bedrijven en kennisinstellingen. Een voorbeeld in verband met de P+MD-zak is Matter, waarbij we verkennende testen en analyses uitvoeren. Een ander project is Profit. Dit focust op het scheiden, ontgeuren en ontkleuren van plastics. Binnen het grootschalige INTERREG 2 Seas PlastiCity-project analyseren we de niet-huishoudelijke plastics in vier stedelijke omgevingen. We bekijken waar zich welke plastics bevinden en met welke kwaliteiten. Dit resulteert in zeer interessant cijfermateriaal voor de bedrijven. Veel kmo’s hebben immers niet altijd de kracht en infrastructuur om dit zelf te onderzoeken. Andere voorbeelden zijn het INTERREG Frankrijk-Wallonië-Vlaanderen project PSYCHE omtrent (voorbehandeling bij) vergassing van plastics en het Horizon 2020 project REACT, een Europees project waarbij coatings van textiel via solventen worden verwijderd.”

6. Bedrijven zullen aan de slag gaan met onze data

“Momenteel inventariseren we via bevragingen en staalafname het niet-huishoudelijk afval, hoe we het slimmer kunnen ophalen en wat de recyclageopties zijn bij verschillende ophaalscenario’s”, zegt Steven De Meester als we vragen hoe hij samenwerkt met ondernemingen. “We onderzoeken welke hoeveelheden en welke samenstellingen van plasticafval vrijkomen bij verschillende types bedrijven, gaande van kappers tot scholen, kledingzaken, autofabrieken, restaurants, voedingsproducenten, enzoverder. Ik ben ervan overtuigd dat de bedrijven met onze data aan de slag zullen gaan.”

“Wij voeren tevens vaak basisonderzoek uit, dat ver afstaat van de operationele werkelijkheid van bedrijven. We maken er tijd voor, ook vanuit maatschappelijke overtuiging. Onze sterkte is dat we over de infrastructuur en kennis beschikken, geen commerciële belangen hebben en confidentialiteit hoog in het vaandel dragen.”

7. Meer PMD-afval ophalen betekent meer recycleren

De meest concrete uiting van andere ophaalscenario’s is de verruiming van de PMD-zak. Steven De Meester: “Belangrijk om weten is dat die zak momenteel vooral PET (Polyethyleentereftalaaten, bekend van bijvoorbeeld frisdrankflesjes) en HDPE (High-density polyethylene, bekend van bijvoorbeeld shampooflacons) bevat. De materialen die er bijkomen zijn zeer divers, complexer en gedesigned om functioneel te zijn. Uit een Nederlandse studie blijkt wel dat als er meer wordt opgehaald, er meer wordt gerecycleerd. Het zou goed zijn manieren te vinden om de samenstelling van de afvalmix te vereenvoudigen: gericht verpakkingen ontwerpen en door nieuwe recyclagetechnieken een volledig gesloten kringloop van recyclage creëren. Vandaar dat Fost Plus de keuze maakt om de P+MD-zak in fases uit te rollen.”