Goed ondersteuningsnetwerk is cruciaal voor een beginnende leerkracht

(30-08-2019) Uit doctoraatsonderzoek aan de UGent blijkt dat beginnende leraren het best opgevangen worden door het volledige schoolteam.

Beginnende leraren hebben nood aan verschillende soorten steun, waardoor het niet langer volstaat om een beginnende leerkracht te laten begeleiden door één collega, de zogenaamde mentor.

Het onderzoek ging na hoe sociale netwerken in scholen (zoals de collega’s, de directie, etc.) beginnende leerkrachten ondersteunen. Er werd gefocust op de relatie tussen deze steunnetwerken en de factoren die bepalend zijn om in de job te blijven, zoals de jobtevredenheid of de betrokkenheid tot de school.

Uit de resultaten blijkt dat een beginnende leerkracht vooral nood heeft aan drie soorten steun:

  • Professionele steun. Dit is de steun om de vereiste competenties te ontwikkelen.
  • Emotionele steun. Dit is het aanmoedigen en het versterken van het zelfvertrouwen van de leraar.
  • Sociale steun. Dit is de steun waarbij collega’s de leraar helpen deel te worden van het team en de leerkracht de schoolcultuur met zijn geschreven en ongeschreven regels leren kennen.

Sociaal netwerk van de leerkracht

Het onderzoek pleit wel voor de herinstallatie van het mentorschap in scholen, maar benadrukt vooral de brugfunctie van die mentoren: de leerkracht introduceren in het team, en hem/haar doorverwijzen naar leraren met de nodige expertise.

Het onderzoek toont eveneens aan dat beginnende leraren best zélf een actieve rol spelen in de uitbouw van dat steunnetwerk. Leerkrachten die zelf actie ondernemen, scoren hoger op die factoren die bepalend zijn om in het beroep te blijven of niet.

Uiteraard is het van belang dat de expertise van collega’s zichtbaar is in het team zodat een beginnende leerkracht gericht stappen kan zetten. Uit de bevindingen blijkt dat de directie een cruciale rol speelt. De schoolleider is de geknipte persoon om leerkrachten te stimuleren met elkaar in interactie te gaan, elkaar te ondersteunen en samen te werken.

Bij het bestuderen van de sociale netwerken van beginnende leerkrachten konden de onderzoekers eveneens vaststellen dat de jobpositie een belangrijke rol speelt. Indien een beginnende leerkracht parttime op een school staat, is er weinig tijd om een steunnetwerk uit te bouwen of om voldoende steun te bieden. Er wordt dan ook gepleit voor stabiele en langdurige contracten. Zo is er voldoende tijd om de collega’s en de cultuur van een school te leren kennen.

De introductieperiode van een beginnende leerkracht is niet enkel een periode van intens leren, maar ook een emotionele rollercoaster en een tijd waarin de cultuur van een school moet eigengemaakt worden. Uit eerder onderzoek weten we dat ongeveer 1 op de 4 beginnende leerkrachten het beroep verlaat tijdens de eerste jaren van tewerkstelling. Steun van collega’s blijkt van essentieel belang te zijn. Belangrijke bevindingen die, bij de start van het nieuwe schooljaar, kunnen bijdragen aan het actuele, maatschappelijke debat hierover.

Meer info

Laura Thomas, doctoraatstudent vakgroep Onderwijskunde
M: 0476 60 65 62

 

Ruben Vanderlinde, hoofdpromotor
M: 0497 37 87 07