Vlaamse 15-jarigen zijn goed in het samenwerkend probleemoplossen

(21-11-2017) Vlaamse jongeren presteren goed voor samenwerkend probleemoplossen en geven ook aan van graag samen te werken. Dat blijkt uit bijkomende analyses op de data van PISA2015.

Het vijfde volume van het internationale PISA2015-rapport “Collaborative Problem Solving” focust op een zeer vernieuwende manier van kijken naar samenwerkend probleemoplossen. De resultaten weerspiegelen de antwoorden van leerlingen uit de 52 landen die wereldwijd aan dit onderdeel van het PISA2015-onderzoek deelnamen, waaronder 5675 leerlingen uit 175 Vlaamse scholen. De resultaten worden vandaag bekendgemaakt door de OESO.
Samenwerken is een competentie van de 21ste eeuw die almaar belangrijker wordt. Daarom werd samenwerkend probleemoplossen voor het eerst getest bij PISA2015.  De PISA-bevraging naar samenwerkend probleemoplossen bestaat uit een test waarin leerlingen in een chatsimulatie met anderen samenwerken om tot een oplossing van een probleem te komen. Vlaamse leerlingen scoren goed op vragen bij dit soort problemen. Van de Europese landen halen enkel Estland en Finland een hogere gemiddelde score en verder behaalt één Vlaamse leerling op 10 een topprestatie bij dit domein. Deze leerlingen zijn zich bewust van groepsdynamieken, zorgen ervoor dat teamleden hun overeengekomen rollen vervullen en kunnen de conflicten of tekortkomingen die ze tijdens het oplossen van een probleem tegenkomen, oplossen.     

Attitudes

De meeste 15-jarigen geven aan graag samen te werken met anderen. Overheen de OESO-landen zegt bijvoorbeeld 87% van de ondervraagde leerlingen dat ze dit graag doen en in Vlaanderen ligt dit percentage exact even hoog (86,5%). Bij het samenwerken waarderen Vlaamse leerlingen vooral de altruïstische interacties of, anders gezegd, de relaties met anderen tijdens het samenwerken. Het percentage Vlaamse leerlingen dat aangeeft goed te kunnen luisteren, blij te zijn als klasgenoten slagen, graag rekening te houden te houden met verschillende standpunten en rekening te houden met wat anderen interesseert, schommelt telkens rond de 90%. Dit is hoger dan de internationale percentages bij die stellingen. Op de stellingen die peilen in welke mate ze teamwerk waarderen, laten Vlaamse 15-jarigen zich dan weer negatiever uit dan hun leeftijdsgenoten overheen de OESO-landen. Zo vindt slechts 57% van de Vlaamse jongeren dat ze efficiënter werken in groep, terwijl internationaal 70% van de 15-jarigen (helemaal) akkoord gaat met die bewering.

Een opvallende vaststelling bij het nieuwe PISA-domein is dat de samenhang tussen samenwerkend probleemoplossen en de sociale achtergrond (SES) van leerlingen minder sterk is dan bij de drie andere domeinen van PISA, nl. wetenschappen, wiskunde en lezen. Dit is niet enkel in Vlaanderen het geval, maar geldt voor de meeste landen. Een mogelijke hypothese hiervoor is dat mogelijkheden om samen te werken vaker voorkomen in alle sociale en economische contexten waardoor de samenhang tussen SES en de prestaties voor samenwerkend probleemoplossen minder sterk is.

Tenslotte blijken leerlingen die een positiever gevoel hebben over hun relaties met medeleerlingen, en bijvoorbeeld minder pestgedrag rapporteren en aangeven van gemakkelijk vrienden te maken op school, teamwerk meer te waarderen dan leerlingen die zich negatiever uitlaten. Eenzelfde samenhang bestaat bij communicatie-intensieve activiteiten. Leerlingen die rapporteren dat ze in de meeste lessen in interactie gaan met elkaar, rapporteren ook een hogere waardering voor teamwerk. Dit geldt zowel voor Vlaanderen als overheen de OESO-landen.

Meer informatie
Voor meer informatie kan u terecht bij:
Universiteit Gent
Vakgroep Onderwijskunde
www.pisa.ugent.be
Tel: 09/264.86.66

Promotor-woordvoerder PISA2015 prof. dr. Martin Valcke:
Vlaams PISA National Project Manager Inge De Meyer: of 0486/58.38.25

Het internationale rapport is beschikbaar via www.oecd.org/pisa en het Vlaamse via www.pisa.ugent.be/nl/resultaten/vlaamse-publicaties/2015