Hoe klonk dat in jouw dialect? UGent zet meer dan een kwart miljoen dialectzinnen online

(27-04-2017) De resultaten van een onderzoeksproject rond Vlaamse en Nederlandse dialecten, dat bijna 100 jaar geleden van start ging, zijn nu online beschikbaar.

Wat voorafging: Nederlandse Dialectatlassen

In de jaren ´´20 van de vorige eeuw vatte prof. E. Blancquaert van de Gentse Universiteit het plan op om 141 zinnetjes (in een paar gevallen opsommingen van woorden of vervoegingen) in het dialect te laten vertalen door goede dialectsprekers en nauwgezet fonetisch te (laten) noteren. Hij startte in zijn geboortestreek Klein-Brabant, maar geleidelijk aan werd het project uitgebreid tot heel Vlaanderen en later ook tot Nederland. Prof. Blancquaert en zijn opvolger prof. Willem Pée hebben niet alleen zelf vele transcripties gemaakt, maar hebben ook heel wat collega’s en vakgenoten weten te overtuigen om mee te werken. Het project heette: Reeks Nederlandse Dialectatlassen (RND).

De opvragingen begonnen in 1923 en de eerste dialectatlas verscheen in 1925, het laatste deel (deel 14, over Zuid-Drente en Noord-Overijssel) pas in 1982. Prof. Blancquaert had de bedoeling alle gemeenten van meer dan 2.000 inwoners te behandelen en indien nodig ook de tussenliggende plaatsen om zo een gelijkvormig net te bekomen. Zelden liggen twee meetpunten meer dan 5 km van elkaar. Bij voorkeur werden zegslieden “van gemiddelden leeftijd” ondervraagd; in elk geval moest de zegsman/zegsvrouw het plaatselijke dialect door en door kennen.

Er is dus ruim een halve eeuw gewerkt aan het project, dat uiteindelijk resulteerde in transcripties voor 1.956 plaatsten, met in totaal meer dan een kwart miljoen zinnetjes. Ze geven een beeld van de dialecttoestand in de eerste helft van de 20ste eeuw. Prof. Blancquaert zag in dat de materiaalverzameling zeer belangrijk en zeer dringend was, en heeft meer tijd besteed aan de verzameling dan aan de bestudering van de dialectklanken. De RND is dan ook achteraf de voornaamste bron gebleken voor dialectgeografisch onderzoek op fonetisch en fonologisch gebied. Ook andere taaldomeinen als morfologie, syntaxis en lexicon hebben overigens met de RND hun voordeel kunnen doen. Honderden dialectstudies en taalkaarten zijn achteraf op de RND gebaseerd (een paar voorbeelden op de website van het Dialectloket).

Dialecten op het internet

Intussen, bijna een eeuw nadat het project van start ging, is alle informatie ook voor iedereen online beschikbaar. Wie het project wil leren kennen, of wie wil weten of er voor zijn/haar gemeente een transcriptie bestaat, kan terecht op de website van het project. Meer info over  dialectologie vind je op de site van het Dialectloket. Op de website Dialecterfgoed staat een petitie met een vraag naar overheidssteun voor het bewaren en ontsluiten van dialectgegevens.

Info

Prof. Jacques Van Keymeulen
Vakgroep Taalkunde - Nederlands
Tel. 09 264 40 81 én 09 223 43 33

Lees meer artikels over: