Kinderen ervaren sociale druk door robots

(16-08-2018) Mensen sturen hun gedrag en beslissingen vaak bij om zich aan anderen aan te passen. Uit onderzoek waaraan de UGent meewerkte, blijkt dat de meningen en beslissingen van kinderen ook beïnvloed worden door robots.

De wetenschappers vergeleken hoe volwassenen en kinderen scoorden op een identieke taak onder drie verschillende omstandigheden: wanneer ze alleen waren in de testkamer, met leeftijdsgenoten erbij, dan wel met zogenaamde sociale (artificieel intelligente) robots in de testkamer.

Waar volwassenen vaak hun mening aanpassen op basis van wat anderen zeggen (‘conformeren’), bleken ze meestal wel weerstand te bieden tegen de invloed van robots. Bij kinderen ligt dat anders. De kinderen (7 tot 9 jaar) die aan het onderzoek deelnamen, gaven wel vaak dezelfde antwoorden als de robot, ook als die antwoorden duidelijk fout waren.

Wanneer kinderen een fout antwoord gaven, gebeurde dat in 74% van de gevallen onder invloed van de robot. Kinderen die de test alleen aflegden, scoorden gemiddeld 87%. Wanneer ze de test samen met een robotje deden, zakte die score naar 75%.

Dit onderzoek biedt een zicht op de kansen én aandachtspunten over de manier waarop robots op een positieve manier gebruikt kunnen worden in de samenleving. Leren conformeren kan op bepaalde vlakken gunstig zijn, maar het risico op misbruik en de mogelijke impact van fout gebruik kunnen niet genegeerd worden.

Prof. Tony Belpaeme (UGent & Universiteit van Plymouth): "We weten al lang dat het moeilijk is om jezelf niet te laten beïnvloeden door opvattingen en meningen van mensen om ons heen. Maar omdat robots binnenkort thuis en op de werkplek zullen worden gevonden, vroegen we ons af of mensen zich ook aan robots zouden aanpassen.
Wat onze resultaten laten zien, is dat volwassenen hun mening niet conformeren aan wat robots zeggen. Maar kinderen blijken dat wel te doen. Zij hebben misschien meer affiniteit met robots dan volwassenen. De studie roept de vraag op: wat als robots suggesties zouden doen rond koopgedrag, of over wat je moet denken?"

In hun conclusie van het huidige onderzoek voegen de onderzoekers toe:

"Een toekomst waarin autonome sociale robots worden gebruikt als hulpmiddelen voor onderwijsprofessionals of kind-therapeuten is niet ver weg. In deze toepassingen bevindt de robot zich in een positie waarin de verstrekte informatie een aanzienlijke invloed kan hebben op de personen met wie ze communiceren. Er is discussie nodig over de vraag of er beschermende maatregelen, zoals een regelgevend kader, moeten zijn die het risico voor kinderen minimaliseren tijdens sociale interactie tussen kind en robot en welke vorm die regelgeving kan aannemen om de veelbelovende ontwikkelingen niet nadelig te beïnvloeden.”

Achtergrondinfo: 60 jaar bewezen beïnvloeding

Het onderzoek werd geleid door Anna Vollmer (Universiteit van Bielefeld, Duitsland) en professor in de robottechniek Tony Belpaeme (UGent en Universiteit van Plymouth).
De test is gebaseerd op het Asch-paradigma, dat werd ontwikkeld in de jaren vijftig. Bij die oorspronkelijke test moesten de proefpersonen aangeven welke twee van de vier lijnen die ze op een scherm te zien kregen, even lang waren. Wanneer mensen de test in hun eentje afleggen, maken ze zelden een fout. Maar wanneer ze het experiment samen met anderen uitvoeren, zijn ze geneigd om te volgen wat anderen zeggen, zelfs als ze weten dat het antwoord niet klopt.

Door de recente ontwikkelingen op het vlak van artificiële intelligentie en robotica, worden steeds vaker robots ingeschakeld in het leven van elke dag. De robots vormen door hun aanwezigheid en functie een sociale aanwezigheid, maar het was tot nu toe onduidelijk in welke mate ze ook een sociale invloed uitoefenen die vergelijkbaar is met die van mensen.

Info

Prof. Tony Belpaeme
Vakgroep Elektronica en Informatiesystemen
T 09 264 33 56 – M 0044 7880814136
tony.belpaeme@ugent.be