Stage als keuzevak? Meer kans op een jobinterview

(19-04-2019) Veel laatstejaarsstudenten aan de universiteit ronden in deze periode hun stage af. Maar is die stage ook een meerwaarde voor hun latere aanwervingskansen? Nieuw onderzoek met fictieve sollicitaties geeft aan van wel.

De onderzoekers stuurden cv’s en motivatiebrieven van twee fictieve kandidaten voor 624 echte vacatures. Deze kandidaten waren pas afgestudeerden die wezenlijk slechts in één kenmerk verschilden, namelijk de stage-ervaring die ze opdeden aan de universiteit. Deze stage-ervaring werd lukraak toegekend aan één van beide kandidaten. Het ging daarbij om een stage die kon opgenomen worden als keuzevak. De andere kandidaat had hetzelfde diploma, maar geen stage.

Wat blijkt? De kandidaten die een stage-ervaring konden voorleggen, kregen 12,6% meer uitnodigingen voor een sollicitatiegesprek dan kandidaten zonder

Het surplus van een stage is statistisch significant, wat wil zeggen dat met quasi zekerheid kan uitgesloten worden dat onze bevindingen door het toeval gedreven zijn. Tegelijk is het effect van een stage minder uitgesproken dan de verschillen op basis van etniciteit, leeftijd en ouderschap die ons eerder onderzoek met fictieve sollicitaties aan het licht bracht.
Professor Stijn Baert (UGent)

Het vermelden van een stage bleek ongeveer even lonend voor mannen als voor vrouwen. De onderzoekers stelden verder vast dat het effect van een stage op het cv meer uitgesproken was voor afgestudeerden uit de menswetenschappen (26,3% meer uitnodigingen na een stage) dan voor degenen uit de exacte wetenschappen (6,7% meer uitnodigingen). Het surplus was ook meer uitgesproken voor wie een kort cv voorlegde (20,4% meer uitnodigingen) dan voor wie een uitgebreid cv voorlegde (6,8% meer uitnodigingen). Het kan evenwel niet uitgesloten worden dat deze verschillen bij toeval werden vastgesteld (ze waren niet statistisch significant).

Wetenschappelijk onderzoek naar het effect van een stage op de latere arbeidsmarktuitkomsten is beperkt. Bovendien was het in eerder buitenlands onderzoek typisch onduidelijk wat de oorzaak was van de vlottere overgang van school naar werk voor diegenen met stage-ervaring. Kwam het echt door de stage of speelden er andere kenmerken van diegenen die kozen voor een stage? Ons onderzoek biedt evidentie voor een écht stage-effect. Dankzij het experimentele opzet kunnen we aantonen dat een stage opnemen als keuzevak het verschil kan maken voor de aanwervingskansen na het afstuderen in Vlaanderen.
Doctoraal onderzoeker Ilse Tobback (KU Leuven)

Signaal van werkijver?

Wat kan deze bevindingen verklaren? Een stage kan een universiteitsstudent extra menselijk kapitaal opleveren. Dit door theorie in de praktijk te brengen of door nuttige skills aan te leren, zoals timemanagement en jobspecifieke vaardigheden.

Daarnaast kan een stage op het cv gezien worden als een signaal van andere gunstige kwaliteiten waar werkgevers in geïnteresseerd zijn, maar die zij niet kunnen observeren, zoals een hoge motivatie, een hoge werkijver of een hoog ambitieniveau.
Doctoraal onderzoeker Brecht Neyt (UGent)

Methode

Het veldexperiment werd opgezet in het voorjaar van 2016. De 1248 fictieve sollicitaties werden uitgestuurd voor 16 Masteropleidingen aan de UGent en KU Leuven waarin een stage als keuzevak kan opgenomen worden. De tijdskost voor werkgevers werd zo beperkt mogelijk gehouden en hun anonimiteit wordt gegarandeerd.

Het onderzoek werd uitgevoerd door de professoren Stijn Baert (UGent) en Dieter Verhaest (KU Leuven), samen met doctoraal onderzoekers Ilse Tobback (KU Leuven) en Brecht Neyt (UGent). Professor Thomas Siedler (Universität Hamburg) dacht het experiment mee uit. Yana Bosmans, Ella Dewaele, Mart Dierken en Sarah Tanghe werkten mee in het kader van hun Masterproefonderzoek aan de UAntwerpen, UGent of KU Leuven.

Sinds 2016 verbeterde de conjunctuur op onze arbeidsmarkt. Relevant is dan ook dat de voorkeur in hoofde van werkgevers voor kandidaten met een stage als keuzevak niet significant varieerde tussen sectoren (zodat niet verwacht wordt dat het surplus substantieel afhankelijk is van conjunctuurfactoren zoals arbeidsmarktkrapte).

Info

Meer informatie is te vinden in een net vrijgegeven discussie-artikel.

Prof. Stijn Baert
Vakgroep Economie (UGent)
M 0486 49 27 52

Lees meer artikels over: