Programmalijnen component leraar

Theoretische vorming

Deze programmalijn bestaat uit vier algemene vakken die door alle studenten gevolgd worden.
- Krachtig leeromgevingen  6 SP
- Klasmanagement en reflectie  4 SP
- De leraar binnen school en maatschappij  4 SP
- Psychologie van de adolescentie  4 SP

Vakdidactieken

De vakdidactiek bereidt studenten voor op het werkveld en leert hen hoe een bepaald vak onderwezen kan worden. Dit vak is een onderdeel van de component leraarschap. Elke student neemt 2 vakdidactieken op voor een totaal van 12 studiepunten.

  1. De eerste vakdidactiek is een breedoriënterende clustervakdidactiek of initiatie vakdidactiek die gevolgd wordt binnen het keuzevakkenpakket in de bachelor, in het voorbereidingsprogramma of in het verkort traject van de educatieve masteropleiding.
  2. De tweede vakdidactiek is de specifieke vakdidactiek die aansluit bij de vakinhoudelijke vorming van de studenten in de bachelor- of masteropleiding. De specifieke vakdidactiek is geprogrammeerd in de component leraarschap van de educatieve masteropleiding.
  3. In het programma is de mogelijkheid voorzien om een derde vakdidactiek op te nemen in de keuzeruimte. Die mogelijkheid kan enkel benut worden als de student voldoende kennis in het domein van de vakdidactiek behaald heeft. Voor de vakdidactiek van een taal zal de student 60 studiepunten domeinkennis moeten kunnen aantonen, voor alle andere vakdidactieken zal dat 30 studiepunten zijn.

Via de vakdidactieken verwerven de studenten de nodige vereiste bekwaamheden om les te kunnen geven in de hogere graden van het secundair onderwijs.

Praktijk (waaronder stage)

Het programma van de educatieve masteropleiding bevat een integratie van theorie en praktijk in alle onderdelen en voldoet aan de decretale
vereiste dat tenminste 30 studiepunten van de component leraarschap behoren tot de praktijkcomponent.

Die 30 studiepunten zullen bestaan uit 15 studiepunten stages die vast in het programma opgenomen zijn (3 studiepunten oriëntatiestage en 12 studiepunten stage in functie van de gevolgde vakdidactiek). De resterende 15 studiepunten praktijkoefeningen worden verspreid over de andere vakken leraarschap aangeboden.

Masterproef

De masterproef is een fundamenteel onderdeel van het curriculum van de educatieve masteropleidingen. Hierbij voorziet de UGent in een maximale keuzevrijheid bij de invulling van de masterproef. Van studenten wordt verwacht dat zij de nauwe relatie tussen vakinhoud en leraarschap expliciet kunnen maken vanuit een onderzoekende basishouding. 

Masterproef voor zij-instromers

Wie kiest voor de verkorte educatieve masteropleiding na het behalen van een ander masterdiploma moet geen volledig nieuwe masterproef meer maken.

Vertrekkende van de reeds afgeleverde masterproef wordt een vertaalslag gemaakt die relevant is voor de onderwijspraktijk.

Er kan ook geopteerd worden voor een nieuw onderzoek over de vakdidactische onderzoeksthema’s van het vakdidactische team waarbinnen de educatieve masteropleiding gevolgd wordt. Op deze manier kunnen zij-instromers met een uitgebreide beroepservaring hun expertise aanwenden bij de uitvoering van dit vakdidactisch onderzoek.