Structuur

Basisstructuur

In de meeste gevallen wordt de kern van een masterproef uitgeschreven volgens de AIMRAD structuur, namelijk:

  • Abstract
  • Inleiding
  • Methode
  • Resultaten
  • Discussie

 

Daarnaast bevat een masterproef ook nog:

  • Dankwoord / woord vooraf
  • Lijst van tabellen en figuren
  • Referentielijst
  • Bijlagen
  • Onderzoeksdata*

Dankwoord

Het dankwoord kan je vrij invullen. Hou er echter rekening mee dat dit dankwoord (samen met je masterproef) online komt.

Lijst van tabellen en figuren

Na het dankwoord voeg je een aparte pagina toe, met daarop een lijst van tabellen en figuren. Bij het oplijsten van de tabellen en figuren geef je telkens het nummer en de titel van de tabel/figuur aan.

Overzicht van tabellen en figuren uit De Gendt (2014).

Referentielijst

Basisregel: volg APA 6.0

  • Baseer je voor verwijzingen in de tekst en voor het opstellen van de referentielijst op de APA richtlijnen.
  • De Engelstalige richtlijnen kan je vinden in de Online Writing Laboratory (OWL) van Purdue.
  • Eenvoudige Nederlandstalige richtlijnen kan je vinden bij het tijdschrift Pedagogische Studiën. (Zie vooral onder punt '3.4. hoofdtekst' de uitleg omtrent de literatuurverwijzingen en onder punt '3.6. literatuurlijst' de uitleg voor het opstellen van de referentielijst).
  • Gebruik een tool als Mendeley om je referenties automatisch in het juiste formaat te zetten.

 

Opgelet: Kopieer dus niet zomaar referenties van het web, uit boeken of uit andere masterproeven. In heel wat gevallen zijn deze referenties niet opgemaakt volgens APA 6.0.

 

Literatuurverwijzingen

In een masterproef geef je niet zomaar je mening. Je moet alle informatie, beweringen en hypothesen onderbouwen met wetenschappelijke bronnen.

Verwijzingen naar de literatuur hebben verschillende functies:

  • Je bouwt verder op een rijke basis van bestaande kennis.
  • Je confronteert je eigen aanpak met die van andere auteurs.
  • Je volgt suggesties van anderen, die op hun beurt jouw eigen aanpak kunnen verrijken.

 

Referenties in de tekst

Referenties worden dikwijls opgelijst op het einde van een zin, alfabetisch gerangschikt en gescheiden door een puntkomma. Bijvoorbeeld:

"Een vaak voorkomende bezorgdheid in de literatuur is echter juist de onderrepresentatie van minderheidsgroepen in de populatie van hoogbegaafden (Callahan, 2005; Ford, 2010; Neumeister et al., 2007; Reis & Renzulli, 2009; Smiley & Richards, 2009; Taylor, Bracken & Brown, 2008; Whiting, 2006)."

 

Uiteraard kan men ook expliciet een zin starten met een auteur. Dan wordt de verwijzing naar het jaar van de publicatie meteen tussen ronde haakjes aangegeven.

"Taylor et al. (2009) wijzen op het belang..."

 

In dit laatste voorbeeld zie je "et al." staan. Dit betekent dat er reeds eerder in de tekst verwezen werd naar de volledige referentie van die auteurs. Vooral wanneer er verschillende co-auteurs zijn, wordt het lezen van een tekst lastig door die lange lijsten met namen. In het voorbeeld hierboven zie je hoe deze auteur en z'n co-auteurs reeds werden opgelijst: "Taylor, Bracken & Brown, 2008 ".

 

Aandachtspunten

  • Wees hypercorrect met punten, komma's en paginanummers
  • Geef bij citaten altijd een paginanummer
  • Zorg voor een mix van vaak geciteerde, gerespecteerde auteurs en nieuwe, baanbrekende auteurs
  • De meerderheid van je bronnen moet internationaal zijn

 

APA 6.0 voorbeeldartikel

Baseer je op een voorbeeldartikel om APA 6.0 snel onder de knie te krijgen.

 

Bijlagen

Soms is het nodig om extra informatie toe te voegen aan de masterproef. Stop deze info in bijlage:

  • Meetinstrumenten
  • Afspraken met respondenten
  • Informed consent

 

Onderzoeksdata

Interviews, concrete documenten die je hebt gelezen, de spss bestanden, de gecodeerde data, de videoclips die je hebt gebruikt... Moet je die toevoegen aan je masterproef?

De regel is dat alle onderzoeksdata in hun ruwe en bewerkte vorm en je data die je uiteindelijk analyseerde (bv. Excell/SPSS, R-bestanden), beschikbaar moet houden voor een lezer. Het is één van de indicatoren van wetenschappelijke integriteit dat onderzoekers inzage kunnen geven in hun onderzoeksmateriaal.

Veel studenten voegen dan ook het materiaal toe aan hun masterproef en dit door de gegevens op te slaan op een DVD of een USB stick. Nog andere plaatsen deze materialen op een server waartoe ze toegang geven aan de lezer.