Onderzoeksdesign

Inleiding

Beslissingen rond het onderzoeksdesign zijn complex en hangen onderling sterk samen. De volgende beslissingen komen hier één voor één aan bod:

  • Hypothesen en/of onderzoeksvragen
  • Populatie en steekproef (sample, respondenten)
  • Methode en meetinstrumenten
  • Procedure
  • Analyse

In deze sectie van je masterproef beschrijf je technisch en zakelijk wat je deed en waarom. Wees concreet, zodat de lezer het onderzoek kan repliceren.

Verken de onderstaande videoclip om een keuze te maken voor kwantitatief of kwalitatief onderzoek. In het voorbeeld wil de onderzoeker kinderen met ADHD onderzoeken en hij wil echt gaan voor een kwantitatieve insteek, maar het gesprek leidt er al vlug toe dat hij zijn mening en dus keuze bijstelt.

 

Hypothesen en/of onderzoeksvragen

Wanneer kan je hypothesen formuleren?

  • je hebt de literatuur voldoende verkend
  • je hebt een conceptueel model en/of theoretisch kader beschreven

 

Kenmerken van goede hypothesen

  • to-the-point
  • duidelijke richting (positief of negatief effect, samenhang, verklaring, ...).
  • direct gelinkt aan het conceptueel model en theoretisch kader
  • bouwen op elkaar verder
  • logische volgorde
  • gebaseerd op duidelijke theorie en/of empirische basis

 

Onderzoeksvragen

Wanneer er onvoldoende theorie en/of empirisch bewijs aanwezig is, formuleer je geen hypothesen maar (exploratieve) onderzoeksvragen.

 

Populatie en steekproef

Je kan niet alles onderzoeken en moet dus afbakenen. Dit is een belangrijke keuze, want na de dataverzameling kan je niet meer van gedacht veranderen.

Soorten samples

Universiteit Hasselt stelde een handig overzicht  op van de verschillende soorten samples.

 

Hoeveel participanten heb je nodig?

Kwalitatief onderzoek

  • Bij kwalitatief onderzoek worden vaak tijdsintensieve methodes gebruikt (bijvoorbeeld interviews).
  • Het aantal participanten ligt vaak lager dan bij kwantitatief onderzoek.
  • Maak een goede selectie van participanten.
  • Is de populatie relatief klein (bv. alle professoren van de vakgroep), dan kan je ervoor kiezen om ze allemaal te betrekken.
  • Is de populatie groot? Vaak stopt men de dataverzameling wanneer het punt van verzadiging is bereikt.

 

Kwantitatief onderzoek

  • Dit is afhankelijk van de statistische methodes die je later zal gebruiken.
  • Er bestaan heel wat tools en handleidingen  die je helpen bij het bepalen van een gepaste sample size.

 

 

Rapporteren

  • Bij het onderdeel "methode"
  • Beschrijf de populatie van je onderzoek
  • Maak duidelijk hoe je een selectie van respondenten hebt gemaakt
  • Dit kan in doorlopende tekst, maar je kan ook een tabel of figuur toevoegen
  • Enkele voorbeelden:

 

Tekst van Desmedt (2012) met de beschrijving van leerkrachten en leerlingen

"In totaal namen er 28 leerkrachten afkomstig uit 24 verschillende scholen uit West- en Oost-Vlaanderen deel aan deze studie in ruil voor individuele feedback. De helft van de respondenten zijn vrouwelijke leerkrachten. De gemiddelde leeftijd van de respondenten is 42 jaar waarvan de minimumleeftijd 25 jaar is en de maximumleeftijd 59 jaar. Ook op vlak van jaren ervaring is er een wijde range gaande van 2 jaar ervaring tot en met 35 jaar ervaring. Van deze groep leerkrachten namen 21 leerkrachten één of meerdere klassen mee in dit onderzoek. Van de 367 deelnemende leerlingen is een kleine meerderheid vrouwelijk (59.7%). Op vlak van domeinkennis heeft ongeveer de helft van deze groep respondenten een score van 70% of minder voor het vak geschiedenis (46.6%), de andere helft van de leerlingen heeft scores van hoger dan 70% op hun kerstrapport van het huidige schooljaar (53.4%)".

 

Tabel uit Vanblaere (2012) met de beschrijving van 9 geïnterviewde ex-OKAN-leerlingen

Vanblaere B. (2012) deed onderzoek naar de ervaringen van ex-OKAN-leerlingen in het secundair onderwijs en interviewde hiervoor 9 jongeren.

 

Methode en meetinstrumenten

Selectie

Kies de methode op basis van de onderzoeksvragen.

  • Interviews
  • Focusgroepen
  • Vragenlijstonderzoek
  • Video-analyse
  • Observatieonderzoek
  • Documentanalyse
  • Case study
  • Testen
  • ...

 

Mogelijke bronnen

Enkele nuttige boeken:

Uiteraard kunnen ook andere handboeken en/of andere masterproeven een grote hulp bieden.

 

Instrumenten

Kies gepaste meetinstrumenten.

Vragenlijsten
  • Gebruik reeds ontwikkelde, gevalideerde en (liefst) vaak geciteerde vragenlijsten.
  • Kies voor items die de juiste informatie opleveren (ja/nee-vragen, meerkeuzevragen, Likertschalen, open vragen...).
  • Schriftelijk en/of elektronisch? Dit hangt af van je onderwerp, gewenste bereik en mogelijkheden.
Interviews
  • Gestructureerd, semi-gestructureerd of open interviews
  • Je kan zelf vragen opstellen. Aansluiten bij leidraden uit eerder onderzoek wordt gewaardeerd.
Focusgroepen
  • Ontwikkel een leidraad
Codeerschema's
  • Onderzoek je de inhoud van video, audio, of discussiegroepen vertrekkende vanuit de theorie? Baseer je dan op een codeerschema.
  • Baseer je bij voorkeur op bestaande en gevalideerde codeerschema's.
Checklists
  • Bij documentenanalyse, observaties, e.d. worden vaak lijsten uitgewerkt (bvb. observatielijsten om gerichter naar de acties van de participanten te kijken).
  • Deze checklists richten de blik. Dat maakt alles transparanter.
  • Voorzie ruimte naast elk item om te noteren.

 

 

Procedure

Zowel voor het uitvoeren als het rapporteren van je onderzoek, is het belangrijk om je procedure op voorhand goed vast te leggen (en een bijhorende planning op te maken).

Hou rekening met de volgende elementen:

  • Het contacteren van proefpersonen of respondenten (hoe worden ze geselecteerd, hoeveel antwoorden er (wat is de response rate), wat is de incentive die ze krijgen om al dan niet te participeren aan het onderzoek, etc.)
  • Welke stappen ondergaan de participanten? (bv. eerst vragenlijst, dan pre-test, dan interventie, dan post-test en achteraf nog een interview).
  • Wat is de interventie? (Indien er verschillende interventies of condities zijn, wat zijn precies de verschillen?)
  • Wanneer vonden de verschillende fases van het onderzoek plaats? (bv. indien verschillende interviews of testen bij participanten werden afgenomen).

Eventueel kan je een 'flow diagram' opmaken om dit aan de lezer duidelijk te maken.

 

Figuur. Flow diagram (Mpotos et al, 2013)

Mpotos, N., De Wever, B., Cleymans, N., Raemaekers, J., Valcke, M., & Monsieurs, K.G., 2013

 

Analyseaanpak

De analyse is afhankelijk van de onderzoeksvragen (en eventueel hypothesen) die je vooropgesteld hebt alsook van je gekozen onderzoeksmethode.

 

Analysetechniek?

Veel studenten zitten met de vraag: "Maar welke (statistische) analyseaanpak moet ik nu best kiezen: correlatie, t-test, ANOVA, regressie, factor-analyse, non-parametrisch, ...?".

In heel wat statistiekhandboeken schuift men in functie van een goede keuze een beslissingsboom naar voren.

Lees en volg de figuur van links naar rechts en zoek voor elke vraag bovenaan het antwoord in de beslissingsboom bij die bepaalde vraag; ga dan verder. Uiteindelijk kom je uit bij de laatste vraag in de figuur en vind je ernaast in het rood de specifieke statistische aanpak die je best kiest.

Bron: Field, A. (2009). Discovering statistics using SPSS. London: Sage Publications, p.832.

 

Programma's

Afhankelijk van de aanpak, is er de mogelijkheid om gebruik te maken van software die de analyse van grote hoeveelheden data vergemakkelijkt.

MethodeProgramma
Beschrijvende statistiek, variantieanalyse, regressies, etc.SPSS, R, M-PLUS
Structural Equation Modeling, confirmatorische factoranalyse, padanalyseLavaan (package voor R), AMOS, EQS, LISREL
Multilevel modellingMLwin, HLM
Coderen interviews, focusgesprekken, etc.Nvivo, Nudist

 

 

Coderen bij kwalitatief onderzoek

Veel studenten twijfelen in deze stap. Vertrek ik van "niets" of vertrek ik vanuit een coderingsschema en waar haal ik dat dan?


In het tijdschriftartikel hieronder wordt dit zeer concreet uitgelegd. Je leert o.a. dat wanneer er al heel wat onderzoek en theorie beschikbaar is, je best vertrekt vanuit een coderingsschema. Het artikel toont ook diverse voorbeelden van deze aanpakken.