Olivia De Ruyck: "Met de Human-Computer-Context-Interaction (HCCI) ondersteunen we het ontwerpproces van slimme producten."

(19-04-2025) We hebben allemaal wel 'slimme' producten in huis. Maar sta je er ooit bij stil dat de bedrijven achter deze producten uitgebreid testen tijdens het designproces? Onderzoekster Olivia De Ruyck schreef er eind 2024 haar doctoraat over.


Waarom deed je onderzoek naar de complexiteit van gebruikersinteracties in het designproces van slimme producten ?

Dit doctoraat was interdisciplinair, tussen de Faculteit van Sociale Wetenschappen en de Faculteit van Ingenieurswetenschappen en Architectuur. Ik streefde ernaar om het ontwerpproces van slimme producten vanuit beide disciplines te benaderen.

Om interdisciplinaire teams te ondersteunen bij het ontwerpproces bestaan er verschillende tools en modellen. Maar die hebben een overwegend technische focus en besteden minder aandacht aan gebruikersinteracties en ervaringen (UX). Vaak houden ze geen rekening met de impliciete interacties of context waarin we de nieuwe generatie slimme producten zullen gebruiken. Dat kan leiden tot een gebrek aan begrip van wat de gebruikerservaring beïnvloedt en uiteindelijk tot producten met een teleurstellende gebruikerservaring.

Neem nu een slimme kookplaat als voorbeeld. Waar de interactie met de gebruiker vroeger enkel via knoppen en iconen verliep, kan je die kookplaat nu ook via spraak, instellingen via apps, sensoren... aansturen. Met mijn onderzoek wilde ik ontwerpers richtlijnen en een nieuwe tool bieden om de juiste ontwerpkeuzes te maken.

Vandaar, de centrale onderzoeksvraag: Hoe kunnen we de complexiteit van UX-bepalende gebruikersinteracties ontrafelen tijdens het ontwerpproces van slimme producten in het tijdperk van alomtegenwoordige technologie?

 

Wat zijn de belangrijkste inzichten uit jouw onderzoek?

Mijn onderzoek bestaat uit twee delen, die aan de hand van praktische use cases het belang van samenwerkingen en het ontrafelen van gebruikersinteracties aantonen. Het eerste deel benadrukt de relevantie van een gebruikersgerichte ontwerpaanpak en pleit voor het delen van tools om verschillende disciplines vroeg in het ontwerpproces te betrekken.

In het tweede deel, introduceren we de Human-Computer-Context-Interaction (HCCI)-tool om HCI-teams te ondersteunen bij het ontwerpproces van slimme producten dat steeds complexer wordt. De HCCI-tool richt zich op gebruikersinteracties met technologie en legt de complexiteit vast van interacties met alomtegenwoordige interfaces, die vaak multidimensionaal, multimodaal en impliciet zijn.

De tool ontrafelt de betekenis van "de interactie" van de gebruiker om de gebruikerservaring (UX) met technologie te optimaliseren en verdeelt deze in 4 interacties: 

  1. gebruiker-gebruiker interactie
  2. gebruiker-object interactie
  3. gebruiker-systeem interactie
  4. gebruiker-context interactie.

Het bouwt voort op bestaande HCI-modellen en eerder werk in onze onderzoeksgroep en clusters op het gebied van gebruikers ervaring en UX.

Wat was jouw algemene ervaring tijdens je doctoraat?

Mijn traject is atypisch, omdat ik voor mijn doctoraat 10 jaar als innovatieconsultant voor verschillende internationale bedrijven heb gewerkt. De verbinding behouden met de industrie was een belangrijke drijfveer voor mij. Daarnaast speelden een prettige werkomgeving, discipline en doorzettingsvermogen, en het krijgen en nemen van kansen een cruciale rol bij het behalen van dit doctoraat.

Wat zijn jouw plannen na dit onderzoek?


Momenteel ben ik als onderzoeker voor imec-mict-UGent, onder andere aan de slag op het Europese project Citytraq. Met opvallende, slimme data gedreven visualisaties aan een Gentse schoolpoort, meten en geven we de luchtkwaliteit weer. We betrekken leerlingen in het ontwerpproces en werken nieuwe instrumenten uit voor een beter luchtkwaliteitsbeleid. Ook doorheen dit project, steun ik op het model en de inzichten van mijn onderzoek. 

Gerelateerde inhoud