Resultaten onderzoek naar mentaal welbevinden en sociaal mediagebruik van tieners tijdens coronaperiode

(07-05-2020) Tieners kijken positief naar de toekomst tijdens de coronaperiode

Mentaal welbevinden en sociaal mediagebruik van tieners

Uit een studie van onderzoeksgroep CEPEC (Center for Persuasive Communication) bij 2.165 Vlaamse tieners tussen 13 en 19 jaar blijkt verrassend dat zij meer positieve dan negatieve gevoelens hebben ervaren de afgelopen maand. De tieners uit deze studie ervaarden de voorbije maand vaker gevoelens van geluk en blijdschap dan boosheid en verdriet. Een kwart van de tieners uit deze studie voelt zich geregeld angstig, en slechts 15% ziet de toekomst somber in. Een derde van de tieners mist gezelschap en voelt zich geregeld tot zeer vaak geïsoleerd van anderen. Tieners die bij gescheiden ouders wonen, geven aan iets vaker gevoelens van angst en eenzaamheid te ervaren. Gevoelens van verveling staken de afgelopen maand wel vaak de kop op bij de tieners. Driekwart van de tieners in de studie gaven aan vaker gebruik te maken van sociale media dan voor de coronaperiode. Instagram, Snapchat en YouTube worden vaakst gebruikt.

 

Sociale media als bron voor sociaal contact

De tieners in de studie gaven aan sociale media voornamelijk te gebruiken om contact te houden met vrienden en familie en bij te blijven met wat zij doen. Tieners die zich vaker eenzaam voelen, maken meer gebruik van sociale media om met anderen te praten. Ook voor de opvolging van hun schoolwerk en om de aandacht af te leiden van de coronacrisis worden sociale media vaak gebruikt. Ze gebruiken sociale media het minst om actief op zoek te gaan naar advies of hulp van anderen, om negatieve gevoelens te delen met anderen of informatie te zoeken over de maatregelen die ze moeten volgen. Wanneer tieners uit de studie nieuws en informatie zoeken op sociale media, dan doen ze dat voornamelijk om op de hoogte te blijven van de coronasituatie in België en het aantal doden. Ze zoeken ook naar informatie om geruststelling te vinden, vooral zij die zich geregeld angstig voelen. Hoe tieners zich voelen hangt samen met het mediagebruik. “Tieners uit de studie die zich vaker angstig, minder goed en eenzaam voelen, maken frequenter gebruik van sociale media. Dit doen ze voornamelijk om het gemis van vrienden en familie te compenseren,” verduidelijkt professor Hudders, “Deze tieners hebben de neiging om hun negatieve emoties te verbergen en zich op sociale media vrolijker en positiever voor te stellen dan ze zich werkelijk voelen”.

 

Jongens en jongere tieners positiever dan meisjes en oudere tieners

Jongens uit deze studie ervaarden de afgelopen maand vaker positieve en minder vaak negatieve gevoelens dan meisjes. Jongens voelen zich energieker, en zijn over het algemeen ook meer tevreden over hun leven tijdens deze coronaperiode dan meisjes. Meisjes voelen zich vaker eenzaam en angstig. Meisjes uit deze studie geven vaker aan steun te vinden via sociale media wanneer ze zich niet goed voelen dan jongens. Leeftijd speelt ook een rol in het mentaal welzijn. Tieners uit de studie tussen 13 en 15 jaar voelen zich minder vaak eenzaam en zijn meer tevreden over hun leven tijdens deze coronaperiode dan de tieners tussen 16 en 19 jaar. Ze ervoeren de afgelopen maand ook meer positieve en minder negatieve gevoelens dan de tieners tussen 16 en 19 jaar. Tieners ouder dan 16 jaar in de steekproef gaven wel vaker aan steun te vinden van anderen via sociale media dan de tieners tussen 13 en 15 jaar. Er was geen verschil in gevoelens van verveeldheid tussen de twee leeftijdscategorieën.

 

Informatie over de studie

De data werden online verzameld tussen 16 en 29 april 2020. Alle Vlaamse secundaire scholen werden aangeschreven om de digitale vragenlijst door te geven aan hun leerlingen. De Gezinsbond verspreidde eveneens de vragenlijst onder haar leden. 4008 tieners startten de vragenlijst, waarvan 2165 ze volledig ingevuld hebben. 34.4% jongens vs. 64.8% meisjes hebben deelgenomen aan de studie. De respondenten waren verdeeld over verschillende onderwijstypen (ASO: 51% - TSO: 30.9% - BSO: 14.6% - KSO: 3%). 60% van de tieners die deelnamen, leven in een gezin waarvan de ouders gehuwd zijn. De vragenlijst werd opgesteld op basis van gevalideerde, wetenschappelijke schalen.