Begeleiding en ondersteuning

Aangepaste leermiddelen

De Cel Speciale Onderwijsleermiddelen van het Ministerie van Onderwijs en Vorming (cel SOL) biedt voor studenten met een visuele, auditieve of motorische beperking een tussenkomst in de financiering van speciale onderwijsleermiddelen: een doventolk, een schrijftolk, kopieën van notities van medestudenten, het omzetten van studiemateriaal in braille en grootletterdruk of specifieke onderwijsleermiddelen zoals een aangepaste bloeddrukmeter.

Compenserende software voor studenten met dyslexie

Er zijn heel wat compenserende ICT-hulpmiddelen op de markt die ondersteuning bieden voor studenten met dyslexie. Wij onderzoeken samen met de student de noodzaak van het gebruik van deze software en geven concreet advies. Wij organiseren ook elk semester workshops waar je als student met de programma’s leert werken (zie Groepsaanbod voor studenten met een functiebeperking).

Bij voorleessoftware wordt de tekst met behulp van spraaksynthesesoftware voorgelezen. Dit biedt het voordeel dat personen met een zeer traag leestempo een stuk sneller de inhoud van de teksten kunnen opnemen.

Bijvoorbeeld: Sprinto plus en Kurzweil 3000

Het studiemateriaal dient daarvoor wel in digitale vorm ter beschikking te zijn. Studenten die nood hebben aan digitaal cursusmateriaal kunnen een aanvraag richten bij het Aanspreekpunt. Wij toetsen deze vraag telkens grondig af.

Woordvoorspellingsprogramma’s voorspellen welk woord men wil typen. Bij iedere getypte letter wordt de lijst van voorspellingen aangepast. De woordvoorspelling kan aangepast worden aan de behoeften van de gebruiker. Het programma vermindert het aantal toetsaanslagen aanmerkelijk, waardoor studenten sneller kunnen typen.

Bijvoorbeeld: WoDy

Via het Aanspreekpunt kan je een demoversie krijgen en kan je informatie vragen rond het werken met deze software tijdens het studeren.

Pedagogische hulp bij hogere studies

Heb je een visuele of auditieve beperking en ben je aangesloten bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH), dan kun je extra hulp krijgen voor vaktechnische en inhoudelijke begeleiding. Het kan gaan om bijles voor bepaalde opleidingsonderdelen, hulp bij de lay-out en de spelling van werkstukken …

Het VAPH geeft een financiële tussenkomst voor die extra ondersteuning.

(Aangepast) vervoer van en naar de lessen

Rolwagenstudenten en studenten met een beperkte mobiliteit die aan de voorwaarden voldoen, kunnen bij het VAPH een tussenkomst aanvragen voor de verplaatsingskosten die zij hebben, hetzij met eigen vervoer, hetzij met (aangepast) taxivervoer.

Voor studenten met een blijvende verminderde mobiliteit die geen tussenkomst krijgen vanuit VAPH regelt de UGent het vervoer van en naar de lessen. Er is een samenwerking met een privaat taxibedrijf met extra dienstverlening vanuit de UGent. De UGent zorgt voor een terugbetaling van de ritten. Het taxibedrijf factureert rechtstreeks aan de UGent. De UGent vraagt aan de betrokken student wel een remgeld per rit. Het verschuldigde bedrag wordt per semester aangerekend.

Studenten met een motorische beperking, studenten met een visuele beperking (slechtzienden en blinden) en studenten met een chronische ziekte met een impact op mobiliteit (bv. MS, CVS) kunnen een beroep doen op de dienstverlening.

Toegankelijkheid van gebouwen

De UGent streeft ernaar om haar gebouwen en leslokalen toegankelijk te maken voor alle studenten, ook voor wie minder mobiel is.

Ben je een rolstoelgebruiker en wil je de meest toegankelijke route naar jouw auditoria uitstippelen, bekijk dan zeker de grondplannen van de universiteitsgebouwen. Je vindt er ook info over rolstoltoegankelijke liften en aangepast sanitair.

Merk je op dat het lokaal waar je lessen doorgaan niet bereikbaar is met de rolwagen, neem dan zo snel mogelijk contact op met het Aanspreekpunt student & functiebeperking. Het Aanspreekpunt van jouw faculteit bekijkt hoe dit kan opgelost worden en je toch ‘drempelvrij’ de lessen kunt bijwonen.

Ook met andere vragen of opmerking over toegankelijkheid, kan je bij het Aanspreekpunt terecht.

Toegang tot UGent-parkings

Studenten met een blijvende verminderde mobiliteit kunnen via het Aanspreekpunt toegang krijgen tot de parkings op de sites van de universiteit om de eigen wagen te parkeren. Welke plaatsen ingenomen mogen worden, wordt bepaald door het al dan niet in het bezit zijn van een blauwe parkeerkaart voor personen met een handicap.

 

Studenten met een blauwe parkeerkaart krijgen automatisch toegang tot alle parkings van de UGent indien zij onderstaande informatie bezorgen aan toegangscontrole@ugent.be (met het Aanspreekpunt in CC):

  • Een scan van de parkeerkaart en, indien van toepassing, een vermelding van de vervaldatum
  • De nummerplaat van de wagen
  • Het studentennummer van de UGent

Deze studenten kunnen gebruik maken van de wettelijk voorbehouden (blauwe) parkeerplaatsen voor personen met een beperking.

 

Studenten die niet in het bezit zijn van een blauwe parkeerkaart dienen jaarlijks toestemming te vragen aan het Aanspreekpunt om toegang te krijgen tot de parkings van de UGent. In de aanvraag wordt steeds de nummerplaat van de wagen vermeld. Bij een positief advies vraagt het Aanspreekpunt de toegang aan bij de medewerkers van Toegangscontrole en ontvangt de student een gepersonaliseerde groene parkeerkaart.

Deze studenten kunnen uiteraard geen gebruik maken van de wettelijk voorbehouden (blauwe) parkeerplaatsen voor personen met een beperking aan de straatzijde van een universiteitsgebouw. Op het domein van de UGent nemen zij bij voorkeur reguliere parkeerplaatsen in, maar bij een overbezetting kan een blauwe parkeerplaats worden ingenomen. In dat geval legt de student de groene parkeerkaart duidelijk op het dashboard, zodat er bij controle van de parkeerplaatsen geen verwarring kan volstaan. Indien een student of personeelslid met een blauwe parkeerkaart zich hierdoor niet kan parkeren, kan de student telefonisch worden gecontacteerd met de vraag om de wagen te verplaatsen.

(Aangepaste) huisvesting

Een functiebeperking hoeft zeker geen obstakel te zijn om op kot te gaan. Voor studenten met een functiebeperking voorziet de UGent (aangepaste) kamers/studio’s in de studentenhomes Bertha De Vriese en Vermeylen. De aanvraag verloopt via het Aanspreekpunt student & functiebeperking en de toewijzing gebeurt volgens de prioriteiten van de huisvestingsdienst na voorlegging van je dossier. Het Aanspreekpunt student & functiebeperking zorgt voor de nodige omkadering en ondersteuning. Zo zullen er in jouw studentenhome ook medestudenten zijn die vrijwillig ondersteuning bieden bij het doen van boodschappen, het koken … Het Aanspreekpunt student & functiebeperking leidt die omkaderingsgroepen en stuurt bij waar nodig. Naast de hulp van medestudenten kun je indien gewenst ook een beroep doen op een thuisverpleegkundige of een kinesist.