Conclusie

Net zoals een inleiding heeft een conclusie twee functies.

  • een appelerende functie: de lezer moet het gevoel krijgen dat wat hij of zij las interessant en relevant was, door bijvoorbeeld een blik op de toekomst te bieden, of een persoonlijke beschouwing te geven op wat je schreef. Je kunt ook zorgen voor een krachtige slotzin of een gevatte uitsmijter, maar let op dat je niet te persoonlijk wordt.
  • een structurerende functie: je herhaalit nog eens de centrale punten die in de tekst aan bod zijn gekomen. Vervolgens kom je tot een conclusie door een antwoord te geven op je onderzoeksvragen.

Wat je NIET moet doen

Wat je WEL moet doen

  • Bespreek je resultaten en leg uit waarom ze van belang zijn.
  • Vat de resultaten samen om
    • jouw onderzoekshypothesen te ondersteunen of te weerleggen;
    • jouw onderzoeksvraag te beantwoorden.
  • Relateer ook nu aan de bestaande theorieën en modellen.
  • Verdoezel nooit de resultaten die je niet bevallen.
  • Schep een toekomstperspectief: welk onderzoek is mogelijk, welke pistes zijn daarbij interessant?
  • Begin in je conclusie niet over nieuwe elementen.

Deze student probeert de resultaten die zijn hypothese weerleggen niet te verdoezelen:

"Met een gemiddelde van drie vormen van beeldspraak per aflevering scoort Karrewiet laag op de beeldspraak-as. Bovendien zijn de metaforen die voorkomen van de gemakkelijkere soort, waardoor ze dus in principe goed begrijpbaar zijn door kinderen tussen negen en twaalf jaar, de doelgroep van het programma. Dit bevestigt grotendeels de hypothese die, op basis van het VRT-taalcharter en op basis van het geciteerde onderzoek naar kindertaalverwerving, stelde dat beeldspraak te moeilijk is voor een programma als Karrewiet. Uit de analyse van de gegevens blijkt zelfs dat in vertalingen van reportages soms bewust voor een 'beeldspraakloze formule' wordt gekozen.

Verder werd er ook een afwijking van de onderzoekshypothese vastgesteld. In de hypothese werd immers vooropgesteld dat er meer beeldspraak zou voorkomen in de interviews dan door de presentatoren. Dit bleek echter niet het geval. Veel van de gebruikte beeldspraak kwam net wel van de presentatoren." (L. De Wachter, Van Soom, Academisch schrijven: Een praktische gids. p.58)

Deze student schept een toekomstperspectief:

"Tot slot is het belangrijk om te vermelden dat dit onderzoek natuurlijk ook aan enkele beperkingen onderhevig is. Zoals gezegd wordt er bij de berekening van de leesscores geen rekening gehouden met melodie, prosodie en klemtoon, terwijl die toch een belangrijke rol spelen bij het voorlezen. Ten tweede is de test een momentopname. Tal van factoren zoals emoties, vermoeidheid, stress, humeur etc. kunnen de resultaten op de leestests danig beïnvloeden. Aangezien er slechts één testafname is gebeurd, kan hier ook niet onderzocht worden in hoeverre de verschillen tussen groepen stabiel zijn. Ten slotte is het aangeraden om bij toekomstig onderzoek alle thuistaalcategorieën te betrekken. Omdat in de controleschool slechts twee van de vier taalgroepen voorkomen, kunnen eventuele verschillen tussen taalgroepen in deze studie niet uitvoerig onderzocht worden. Vanzelfsprekend ligt de weg open voor meer en uitgebreider onderzoek naar de effecten van meertalig onderwijs en van leesvaardigheid in verschillende talen."

(G., Muylaert. Leren lezen in twee talen. Masterscriptie VUB p.124.)

Vind de oplossing voor je probleem

De conclusie moet een samenvattend antwoord geven op alle hoofd- en deelvragen.
- herhaling onderzoeksvraag
"Kan Madame Laura beschouwd worden als korengodin? Die vraag stond hier centraal."
- antwoord op de onderzoeksvraag
"De theorie van Frazer toont aan dat Hugo Claus van Madame Laura een echte korengodin heeft gemaakt: ze verdeelt haar tijd tussen Bastegem en Brussel, tussen onder- en bovenwereld; de kleuren geel en rood symboliseren ook dit dualisme: tussen maagd en hoer. Ze verlenen haar zo de status van femme fatale."
- samenvatting van de resultaten van het onderzoek en terugkoppeling naar de onderzoeksvraag
"Een eenduidige interpretatie van een personage staat echter niet in Claus' woordenboek en bijgevolg kan Madame Laura nog op een andere manier geïnterpreteerd worden. Enerzijds doet ze denken aan Dante's Beatrice. Anderzijds is er ook nog een andere mogelijke manier om Madame Laura te interpreteren, namelijk als la belle dame sans merci: de onbereikbare kasteeldame uit de hoofde ridderromans. De link kan dan gelegd worden met het personage Zuster Sint Gerolf, die opgesloten zit in het 'Slot' en even onbereikbaar is als Madame Laura. Een analyse van die interpretatiemogelijkheid en de figuur van Zuster Sint Gerolf was in dit beperkte onderzoek echter onmogelijk."
- aanbevelingen voor verder onderzoek
"Ook de vegetatiemythologie die verscholen zit in Het Verdriet van België is in deze paper maar kort besproken. Bovendien zijn er nog maar weinig bronnen die echt specifiek ingaan op de vegetatiemythologie in Het Verdriet van België. Dat is dus nog een braakliggend onderzoeksterrein en eventueel voer voor een masterscriptie."
In de conclusie staat NOOIT nieuwe informatie.

Twijfel je nog?

Consulteer L. POLLEFLIET: Schrijven: van verslag tot eindwerk. p. 38-63.

Consulteer L. DE WACHTER, C. VAN SOOM: Academisch schrijven: Een praktische gids. p. 43-61.