Reglement Excellence Programme in Sciences

Afdeling I. Rationale

De faculteit wil met het Excellence Programme in Sciences aandacht hebben voor gedreven bachelorstudenten die hun wetenschappelijke creativiteit willen inzetten als inspiratie voor de maatschappij. De opleidingen binnen de faculteit hebben voldoende tools en kwaliteitsborging voorhanden om uitstekende studenten op te leiden. Dit gebeurt enerzijds via de eigen opleidingsonderdelen die in eerste instantie peilen naar bekwaamheid. Anderzijds komt ook zelfwerkzaamheid, onder meer via de bachelor- en masterproef, voldoende aan bod. Het is onnodig om in een excellentieprogramma nogmaals aan dezelfde competenties te appelleren. De opleidingen zijn immers zodanig geconcipieerd dat hun programma’s en de organisatie ervan zowel nodig als voldoende zijn om de eindtermen maximaal te garanderen.

Nochtans komt het voor dat studenten op hun honger blijven zitten, hetzij omdat ze gerust nog een tandje kunnen bijsteken, hetzij omdat ze dorsten naar een verruiming die niet standaard wordt aangeboden. Het staat de student natuurlijk vrij om in zijn/haar vrije tijd hier aan te verhelpen via eigen initiatief. Het Excellence Programme in Sciences wil hier een kader en een erkenning voor bieden.

Typisch spreken studenten hierdoor, naast wetenschappelijke kennis en vaardigheden, ook vaardigheden aan zoals projectplanning, communicatie en organisatie, business plan ontwikkeling, zich ondernemend opstellen, …. In de overtuiging dat, naast domeinspecifieke expertise, zaken zoals begrip van andere domeinen, communicatie en samenwerking met experten van andere domeinen en verbreding van visie, maatschappelijk engagement en zin voor initiatief en creativiteit, cruciale aspecten zijn voor de onderzoekers, bedrijfsmedewerkers, lesgevers, beleidspersonen... van de toekomst, net zoals voor de aanpak van huidige en toekomstige problemen, willen we de verdere ontwikkeling van deze competenties via een excellentieprogramma sterk nastreven.

Met het Excellence Programme in Sciences biedt de faculteit een bijkomend kwaliteitslabel aan, dat in het bijzonder getuigt van excellentie in eigenschappen die voor een (toekomstig) academicus of een ‘high potential’ op de arbeidsmarkt van groot belang zijn:

  • Creativiteit en zin voor opportuniteit
  • Zin voor initiatief en blijk van een ondernemende houding
  • Multidisciplinariteit en brede wetenschappelijke interesse & geletterdheid
  • Maatschappelijk engagement
  • Zin voor samenwerking en communicatie

Studenten die deelnemen aan het EPIC-programma worden ingeschreven via een diplomacontract. Gezien zij hiervoor geselecteerd worden door de opleiding/faculteit, betalen ze hiervoor geen inschrijvingsgeld en heeft deelname geen impact op hun leerkrediet. Na succesvol voltooien van het Excellence Programme in Sciences behaalt de student een getuigschrift, uitgereikt door de faculteit Wetenschappen.

De facultaire coördinator van het excellentieprogramma is prof. Dominique Adriaens (Dominique.Adriaens@ugent.be).

 

Afdeling II. Inhoud

Voor de programmastructuur, zie link naar de studiegids. Het EPIC-programma veronderstelt een tijdsinvestering van zo’n 450 uren en bestaat uit volgende 3 luiken:

  • Project (± 300 uren)
  • Organisatie van een overkoepelend outreach event (± 10 uren)
  • Keuzepakket van interessegebaseerde/relevante lezingen, seminaries, summer schools, stage, reguliere UGent-vakken, die bijdragen tot de uitvoering van het project of de toekomstige studieloopbaan en algemene ontwikkeling in brede zin (± 150 uren)

 

  1. PROJECT - C004392 (± 300 uren)

Via dit projectvak krijgen EPIC-studenten de kans om initiatief te ontplooien en zelfstandig een project naar eigen voorstel te ontwerpen en uit te voeren op academisch niveau. De EPIC-student bewijst hiermee zijn/haar mogelijkheden realistisch te kunnen inschatten en een project op corresponderend niveau succesvol te kunnen uitwerken. Er is altijd een beoordeelbare neerslag als resultaat van het project.

Met dit project wordt ook beoogd om actief aan outreach te doen: Binnen het project worden opportuniteiten voor onderzoek met een maatschappelijk draagvlak, gekoppeld aan een communicatie naar een breder publiek, vooropgesteld. Afhankelijk van de interesse van de student en de mogelijkheden binnen de specifieke discipline, kan aandacht geschonken worden aan wetenschappelijk onderzoek dat inspeelt op actuele maatschappelijke problemen. Het project biedt in die zin mogelijkheden om de link te leggen tussen actueel wetenschappelijk onderzoek enerzijds en maatschappelijke debatvoering en uitstraling anderzijds.

De tijdsinvestering voor de uitvoering van het project wordt geraamd op 200 à 250 uren.

Het projectonderzoek wordt ingebed binnen een (onderzoeks)groep van de UGent, waarbij dit onder leiding van één of meerdere mentoren met succes kan worden uitgewerkt. De mentoren treden op als raadgever en ondersteunen de logistieke uitwerking van het project.

Mogelijke insteken voor een projectinvulling, naast een typisch onderzoeksproject binnen de faculteit Wetenschappen, kunnen bijvoorbeeld zijn: concrete (actueel maatschappelijke) realisaties en visibiliteit (bvb. n.a.v. samenwerking met het nieuwe Gentse Universitaire Museum GUM), citizen science, projecten rond duurzaamheid, ondernemerschap, productontwikkeling (Fablab), biodiversiteit, interdisciplinaire samenwerking met zusterfaculteiten (met klemtonen in alfa-beta en/of beta-gamma onderwerpen), outreach/PR-activiteit, bv. naar scholen of overheid. Interdisciplinaire projecten, samenwerkingen tussen deelnemende studenten uit verschillende domeinen worden ook gestimuleerd.

Typisch spreken studenten hiervoor, naast wetenschappelijke kennis en vaardigheden, ook vaardigheden aan zoals project planning, communicatie en organisatie, business plan ontwikkeling. In de overtuiging dat, naast domeinspecifieke expertise, zaken zoals begrip van andere (wetenschaps)domeinen, communicatie en samenwerking met experten van andere domeinen en verbreding van visie, cruciale aspecten zijn voor de onderzoekers, bedrijfsmedewerkers, lesgevers, beleidspersonen... van de toekomst, evenals voor de aanpak van huidige en toekomstige problemen, hopen we je hiermee de kans te geven verdiepende en verbredende vaardigheden meer te ontwikkelen.

Aan het einde van het traject volgt een schriftelijk rapport over de bekomen projectresultaten. Dit kan via een zelf te kiezen medium, maar gericht naar een breder publiek (een artikel in een krant, in een populair wetenschappelijk tijdschrift, in een wetenschappelijk tijdschrift, een lezing voor een breed publiek.....). Aan dit schriftelijke eindverslag is ook een mondelinge presentatie gekoppeld. De totale tijdsinvestering voor beide wordt geraamd op ca. 90 uur.

Ten opzichte van een bachelor- of masterproject, ligt de nadruk hier sterk op je eigen initiatief, zowel naar de keuze van het onderwerp, de focus op outreach, als naar de uitvoering ervan. Het moet bovendien een individueel uit te voeren project zijn (of met andere deelnemende studenten samen), weliswaar met een ZAP-lid als mentor, die ook de nodige logistieke ondersteuning biedt zodat je project uitvoerbaar is.

  1. OVERKOEPELEND OUTREACH EVENT WETENSCHAPPEN EN MAATSCHAPPIJ - C004393 (± 10 uren)

Als apotheose van een aflopend EPIC-programma organiseren de studenten samen een outreach event, toegankelijk voor een breed publiek, waarbij ze zelf een relevant en aantrekkelijk thema en format bepalen, relevante spreker(s) aantrekken, de organisatie en communicatie van het event zelf in handen nemen, én hun eigen EPIC-verhaal delen met het publiek.

Zowel de actieve deelname aan de organisatie van het event, als de presentatie en interactie tijdens het event worden mee opgenomen in de eindevaluatie. Daarbij worden zowel de team-effort als de individuele bijdrage in rekening genomen. De tijdsinvestering per student voor de uitwerking en organisatie van het event wordt geraamd op 10 uren.

  1. KEUZEPAKKET van interessegebaseerde/relevante lezingen, seminaries, summer schools, stage, reguliere UGent-vakken, die bijdragen tot de uitvoering van het project of de toekomstige studieloopbaan en algemene ontwikkeling in brede zin (± 150 uren)

Binnen het EPIC-programma verruim je je blik en je wetenschappelijke opleiding via deelname aan interessegebaseerde/relevante lezingen, debatten, seminaries, summer schools, stages, reguliere UGent-vakken, of andere activiteiten die passen binnen de geest van het EPIC-programma, en bijdragen tot de uitvoering van het project of de toekomstige studieloopbaan en algemene ontwikkeling in brede zin. De verruiming wordt zowel op het niveau van inhoud (dus buiten het domein van jouw eigen opleiding) als van type gezien (zaken die je in de eigen opleiding niet of minder aangeboden krijgt). Hiermee bewijs je zin te hebben voor interdisciplinariteit. Een beperkte financiële tegemoetkoming kan aangevraagd worden voor inschrijvings- of reiskosten bv. i.k.v. deelname aan (buitenlandse) summer schools, seminars of stages.

In nauw overleg met de facultaire coördinator en mentoren stelt de student zijn/haar individueel keuzepakket op. De tijdsinvulling kan volgens de eigen mogelijkheden binnen het reguliere opleidingsprogramma gebeuren en kan gespreid worden over twee academiejaren, zowel overdag, ’s avonds, tijdens weekends of recesperiodes.

Lijsten van lezingen, activiteiten, summer schools, vakken die representatief geacht worden binnen het EPIC-opzet, worden aan de EPIC-studenten bezorgd en bekend gemaakt op de facultaire webpagina. Hiervoor worden de vakgroepen, opleidingscommissies en de Doctoral School of Natural Sciences  aangeschreven voor aanvullingen.

Studenten die in de context van hun EPIC-programma reguliere UGent-vakken opnemen en daarvoor slagen, kunnen hiervoor een creditbewijs verwerven. Alternatief kan de student het vak als seminarie meevolgen zonder deel te nemen aan de evaluatie, of de cursus via zelfstudie doornemen. In deze beide gevallen wordt een portfolio/reflectie ingediend ter beoordeling. Bij elk van deze 3 mogelijkheden dient er vooraf zorgvuldig te worden afgestemd met de betrokken titularis (i.f.v. akkoord m.b.t. al dan niet deelnemen aan de evaluaties) en dient de aanvraag volgens de OER-deadlines en het aangeleverde sjabloon te gebeuren. De facultaire coördinator faciliteert hierin. De studietrajectbegeleider verzorgt de eventuele inschrijving in OASIS.

De verwachte tijdsinvestering voor het keuzepakket wordt geraamd op ca. 150 uren.

 

Afdeling III. Administratieve procedure

Artikel 1. Selectie van de kandidaten

  1. Na afloop van de 1ste examenperiode maakt de studietrajectbegeleider een lijst met studenten die op basis van hun behaalde studieresultaten in eerste en tweede bachelor in aanmerking kunnen komen voor een Excellence Programme in Sciences. De cesuur wordt gelegd op 700/1000 voor deze eerste shortlist.
  2. Deze studenten worden door de decaan geïnformeerd over het opzet en reglement van het Excellence Programme in Sciences, en uitgenodigd om in geval van interesse hun kandidatuur in te dienen bij de facultaire coördinator via een vooropgesteld sjabloon. De kandidatuur omvat een korte omschrijving van het CV, motivering voor deelname aan het programma, beschrijving van het type project dat ze wensen uit te voeren en hun voornemen tot wetenschappelijke/ maatschappelijke inbreng. Hiervoor kan reeds contact gezocht worden met een mentor, de voorzitter OC en/of de facultaire coördinator.
  3. Op basis van de ingediende voorstellen maakt de betreffende OC een selectie van 1 tot 2 kandidaten per jaar. Gemotiveerde uitzonderingen kunnen toegelaten worden.
  4. De geselecteerde kandidaten worden ter goedkeuring voorgelegd ten laatste op de faculteitsraad van september van het jaar van de start van het Excellence Programme in Sciences.
  5. De facultaire coördinator brengt de student, de OC en desgevallend diens beoogde mentor(en) op de hoogte van de beslissing van de faculteit en is ook het eerste aanspreekpunt voor administratieve vragen.
  6. Ten laatste in de eerste week van oktober bevestigen de geselecteerde studenten formeel of ze instappen in het EPIC-programma zodat ze officieel kunnen ingeschreven worden in het opleidingsprogramma CQEPIC. Deze bevestiging richten ze aan de facultaire coördinator en de studietrajectbegeleider.

Artikel 2 Uitwerking van het Excellence Programme in Sciences

  1. Na goedkeuring van de selectie en bevestiging door de student, organiseert de facultaire coördinator een gezamenlijke kick-off met alle geselecteerde studenten: daarin wordt het programma in meer detail toegelicht, worden mogelijke pistes voor invulling van project en keuzepakket overlegd, en worden de eerste contacten gelegd voor verder laagdrempelig contact. Dit overleg benadrukt het interdisciplinaire EPIC-opzet en kan de medestudenten inspireren bij de verdere vormgeving van het project of geplande initiatieven. Parallel spreekt de student een mentor aan voor begeleiding bij het project.
  1. De student dient in het najaar van het eerste jaar, voor wat betreft reguliere vakken uit het eerste semester, en ten laatste tegen de start van het tweede semester in samenspraak met de mentor en de facultaire coördinator een voorstel in, bestaande uit:
  • De concrete uitwerking van het projectvoorstel (opzet, doelstellingen, timing, etc.)
  • De invulling van het keuzepakket: zie afdeling II. Inhoud. Bij het begin van het Excellence Programme in Sciences kan dit voorstel tentatief zijn en bv. alleen de concrete invulling voor het eerste semester of het eerste jaar bevatten. Wijzigingen in de loop van het programma zijn mogelijk, binnen de OER-deadlines. Eventuele wijzigingen worden gericht aan de facultaire coördinator en de studietrajectbegeleider.
  • Een plan wat betreft tijdsverloop en tijdsbesteding aan het Excellence Programme in Sciences.
  • Een inschatting van eventuele verwachte inschrijvings- of reisonkosten, specifiek in het kader van deelname aan (buitenlandse) summer schools, seminars of stages. De faculteit heeft jaarlijks een beperkt budget beschikbaar voor financiële tegemoetkoming, vandaar het belang om tijdig zicht te krijgen op mogelijke aanvragen.
  1. De facultaire coördinator heeft de bevoegdheid om de invulling van het project, het opzet van het gezamenlijke outreach event en het samengestelde keuzepakket goed te keuren of te laten aanpassen, met het oog op een uitdagend en zinvol programma. Hij houdt daarbij een open communicatielijn met de betrokken mentoren en een delegatie vanuit de betrokken opleidingen, die samen met hem, de decaan en studietrajectbegeleider de curriculum- en examencommissie vormen van het Excellence Programme in Sciences. In februari van het eerste jaar organiseert hij een formele afstemming over de pakketten van de studenten. Indien nodig, kan nog tijdig bijgestuurd worden.

 

Artikel 3. Uitvoering van het Excellence Programme in Sciences-traject

  1. Een traject kan ten vroegste beginnen in het derde Bachelorjaar, en moet afgewerkt zijn ten laatste voor de eerstesemesterexamenperiode van het tweede masterjaar. Deze afwerking is slechts een feit na succesvol neerleggen en presenteren van het projectrapport, realiseren van het gezamenlijke outreach event en slagen voor de onderdelen van het samengestelde keuzepakket.
  2. Voor zover de student gebruik maakt van de infrastructuur van de UGent, staat hij/zij onder toezicht van de mentor, die hiertoe desgevallend de nodige afspraken maakt met de vakgroep. Mits toestemming van de vakgroepvoorzitter, kan de student toegangsrecht krijgen tot de lokalen zoals elk ander lid van de vakgroep.
  3. Werkingskosten voor het project worden gedragen door de werkingsmiddelen van de mentor.
  4. De faculteit heeft jaarlijks een beperkt EPIC-budget voor financiële tegemoetkoming specifiek in het kader van deelname aan (buitenlandse) summer schools, seminars of stages. Aanvragen voor financiële tegemoetkoming moeten tegen de start van het tweede semester van het eerste jaar aangevraagd worden bij de facultaire coördinator zodat er tijdig en volledig zicht op is (zie artikel 2.2). Idealiter kan de mentor ook financieel ondersteunen in eventuele internationale reis- of inschrijvingskosten.
  5. De student kan zich niet beroepen op een Excellence Programme in Sciences-traject om een bijzonder statuut aan te vragen.

Artikel 4. Excellence Programme in Sciences getuigschrift en proclamatie

  1. De examencommissie, samengesteld zoals beschreven in artikel 2, bepaalt of de student slaagt voor het geheel van het programma en het getuigschrift wordt toegekend. Hiervoor baseert zij zich op de resultaten behaald voor het project (rapport en mondelinge voorstelling), het keuzepakket en de organisatie van het outreach event.
  2. De faculteit reikt het facultaire getuigschrift van het Excellence Programme in Sciences uit op de proclamatie waarop de student tot master wordt geproclameerd.

 

Dit reglement is tot stand gekomen op de faculteitsraden van 21 maart 2012, 19 september 2012, 6 mei 2015, 16 juni, 22 september 2020 en 19 januari 2021.

Bijlagen