Onderzoeksprojecten

1. Onderzoek naar sedentair gedrag bij volwassenen

2. Onderzoek naar de omgevingsdeterminanten van fysieke activiteit by kinderen, adolescenten, volwassenen en oudere volwassenen

3. Gebruik van pedometers voor het meten van en motiveren tot fysieke activiteit en de implementatie-evaluatie van interventies gebaseerd op het "10.000 stappen per dag"-project

4. Computer-tailored en smartphone-based interventies ter promotie van beweging en gezonde voeding

5. Interventies ter preventie van overgewicht en obesitas bij kinderen

     5.1. Project ToyBox: effectiviteit van een interventie ter preventie van overgewicht bij kleuters

     5.2. IDEFICS en POP project: Community interventies ter promotie van gezonde voeding en beweging

     5.3. Project ENERGY: ontwikkeling van een interventie ter preventie van overgewicht bij 10- tot 12-jarige kinderen

6. Invloed van ouderschapsvaardigheden en self-efficacy van ouders op het gezondheidsgedrag

7. Onderzoek naar het gebruik van serious games voor gezondheidspromotie

8. Project Levenslijn: meer en veiligere mobiliteit bij kinderen

9. Registratie, determinanten en patronen van sport en beweging bij verschillende leeftjdsgroepen (kleuters en lagere schoolkinderen, adolescenten, (jong-)volwassenen, senioren)

10. Interventies ter promotie vana ctief transport bij oudere adolescenten en jongvolwassenen

11. DEDIPAC: determinanten van voeding, fysieke activiteit en sedentair gedrag

12. Feel4Diabetes: interventie ter preventie van type 2 diabetes

 

 

1. Onderzoek naar sedentair gedrag bij volwassenen

Cedric Busschaert, Dr. Katrien De Cocker

Ontwikkelen van een methodiek ter vermindering van sedentair gedrag in de werkomgeving.

Het algemene doel van het project is het ontwikkelen van een interventie die de totale hoeveelheid zitten en langdurige periodes van ononderbroken zitten bij werknemers en bedrijfsleiders van Vlaamse bedrijven vermindert. Er zal getracht worden het zitten te vervangen door activiteiten van lage intensiteit (staan, wandelen). De implementatie zal op drie niveaus gebeuren: laagdrempelige acties op individueel niveau, laagdrempelige acties op groepsniveau en acties op beleidsniveau. De interventie zal geëvalueerd worden aan de hand van objectieve meetinstrumenten (ActivPALs) en vragenlijsten. Een bijkomend project zal een online computer-tailored interventie om sedentair gedrag te reduceren ontwikkelen, implementeren en evalueren. Na een piloottesting zal de interventie geevalueerd worden in een RCT. Zowel korte (3 maand) als lange (13 maand)-termijneffecten zullen vergeleken worden tussen 3 condities: 1) computer-tailored advies, 2) standaard advies en 3) controle. Tot slot zal ook een procesevaluatie gedaan worden om nieuwe ‘evidence-based’ inzichten te verspreiden naar het gezondheidspromotieveld. Verder zal er door middel van longitudinaal onderzoek (3 jaar) informatie worden verzameld over de determinanten van sedentair gedrag, dit zijn factoren die bepalen of mensen sedentair zijn, bij de Vlaamse bevolking. Sedentair gedrag zal hierbij breed gedefinieerd worden, zodat naast schermgerelateerde gedragingen ook andere contexten in kaart zullen worden gebracht (zoals huishoudelijk werk, gemotoriseerd transport,…). Het gedrag en de determinanten zullen in kaart worden gebracht via een zelf-ontwikkelde vragenlijst (gevalideerd d.m.v. bewegingsmeters, namelijk accelerometers en ActivPALs). Hiernaast zal er worden nagegaan wat de determinanten zijn van licht intense activiteiten, zodat deze fysiek haalbare activeiten in toekomstige interventies geïmplementeerd kunnen worden. Dit project zal zich niet enkel focussen op volwassenen, maar zal uitgebreid worden met de doelgroepen adolescenten en senioren.

 

2. Onderzoek naar de omgevingsdeterminanten van fysieke activiteit bij kinderen, adolescenten, volwassenen en oudere volwassenen

Veerle Van Holle, Dr. Delfien Van Dyck, Sara D’Haese, Jelle Van Cauwenberg, Lieze Mertens, Sofie Compernolle, Ariane Ghekiere, Linde Van Hecke

Onderzoek bij kinderen, jongeren, volwassenen en oudere volwassenen naar de mate waarin de fysieke omgeving een invloed heeft op deelname aan sport en beweging, zit en- eetgedrag. Een onderscheid wordt gemaakt tussen bewegingsvriendelijke en -onvriendelijke omgevingen op basis van GIS codering, Google Streetview, vragenlijsten en observaties. Studies die deze relaties nagaan zijn BEPAS-Child, BEPAS-Youth, BEPAS-Adults, BEPAS-Seniors en Spotlight. Bij kinderen en jongeren wordt ook de invloed van de school- en thuisomgeving op hun fysieke activiteit en zitgedrag onderzocht. Ook onderzoeken we de kenmerken van openbare ruimtes die jongeren aanzetten tot meer fysieke activiteit.

Onderzoek naar het effect van veranderingen in de omgeving op fysieke activiteit en zittend gedrag. Door middel van longitudinale studies worden de evolutie van het fysieke-activiteitsniveau en de beïnvloedende factoren bestudeerd bij jongeren tijdens de overgang van het lager naar het secundair onderwijs, bij studenten bij de overgang van het middelbaar naar het hoger onderwijs en bij oudere volwassenen bij de overgang naar het pensioen.
Bij thuiswonende oudere volwassenen wordt het effect van veranderingen in de omgeving op fysieke activiteit en zittend gedrag bestudeerd door middel van een longitudinale studie overheen 3 jaar. Onderzoek bij kinderen, volwassenen van middelbare leeftijd en oudere volwassenen naar de kritische omgevingsfactoren die uitnodigen tot actief transport. Via een experimentele analyse met fotomateriaal wordt nagegaan of manipulaties van bepaalde omgevingskarakteristieken een verandering teweegbrengen in de mate van uitnodigendheid tot transportgerelateerd fietsen en wandelen.
Ontwikkeling van een interventie bij oudere volwassenen met als doel om ook op oudere leeftijd een gezonde en actieve levensstijl te ontwikkelen. Bij deze interventie wordt een specifieke focus gelegd op het promoten van de bewegingsmogelijkheden in de omgeving.
Ontwikkeling en validering van een vragenlijst voor het meten van de fysieke omgeving gerelateerd aan beweging in Europa (ALPHA-project)
Financiering: BOF, FWO, EU-projecten
www.ipenproject.org
www.thealphaproject.eu
www.spotlightproject.eu

 

3. Gebruik van pedometers voor het meten van en motiveren tot fysieke activiteit en de implementatie-evaluatie van interventies gebaseerd op het "10.000 stappen per dag"-project

Dr. Katrien De Cocker

Onderzoek naar het gebruik van pedometers en het "10.000 stappen per dag" concept voor de promotie van fysieke activiteit. Naast methodologische aspecten, wordt de effectiviteit van interventies geëvalueerd op micro - (individueel), meso - (bedrijf) en macro-niveau (gemeenschap).
Onderzoek naar de implementatie van het "10.000 stappen per dag"-project of varianten hiervan door verschillende intermediairen in Vlaanderen. De evaluatie gebeurt volgens de verschillende dimensies van het RE-AIM-onderzoekskader (Reach, Efficacy, Adoption, Implementation en Maintenance).

 

4. Computer-tailored en smartphone-based interventies ter promotie van beweging en gezonde voeding

Jolien Plaete, Dr. Katrien De Cocker, Sofie Compernolle, Dorien Simons

De ontwikkeling, evaluatie en implementatie van online computer-tailored interventies ter promotie van beweging en gezonde voeding bij volwassen. Er werden verschillende programma’s ontwikkeld die gebaseerd zijn op verschillende theorieën. Op basis van vragenlijsten krijgen de deelnemers een op maat advies om gezonder te eten, meer te bewegen of minder te zitten. De interventie tools die gebaseerd zijn op de zelf regulatie theorie zijn er voornamelijk op gericht om deelnemers zelf keuzes te laten maken en een eigen actieplan om zo hun eigen doelen te bereiken. De implementatie van deze online, tailored interventies gebeurt via verschillende kanalen (de werkvloer, de eerstelijnszorg, huisartsen, …)
De ontwikkeling, evaluatie en implementatie van een smartphone-based interventie om beweging te promoten en langdurig zitgedrag tegen te gaan bij werkende jongvolwassenen (18-25 jaar). Hiervoor worden eerst de factoren onderzocht die beweging en zitgedrag beïnvloeden bij werkende jongvolwassenen

 

5. Interventies ter preventie van overgewicht en obesitas bij kinderen

5.1. Project ToyBox: effectiviteit van een interventie ter preventie van overgewicht bij kleuters

Dr. Marieke De Craemer, Julie Latomme, Vicky Van Stappen

Ontwikkeling en implementatie van een interventie binnen een Europees project, die uitgevoerd zal worden ter preventie van overgewicht bij kleuters. Het project gebruikt een multidisciplinaire analyse om de hoofdgedragingen gerelateerd aan overgewicht bij kleuters, te identificeren. Nieuw gedragsmatig onderzoek zal opgezet worden om uit te leggen waarom
jonge kinderen bepaalde voeding eten en waarom ze al dan niet deelnemen aan
fysieke activiteiten. De interventie richt zich op het doen dalen van sedentair gedrag en het doen stijgen van fysieke activiteit en gezonde voeding (meer water en minder gesuikerde dranken) bij vier tot zesjarige kleuters. De interventie zal uitgevoerd worden in zes Europese landen (België, Bulgarije, Spanje, Duitsland, Griekenland en Polen).

In het ToyBox project zal gebruikt gemaakt worden van materiaal dat kleuterleerkrachten kunnen gebruiken in de kleuterschool. Daarnaast zullen ook de ouders in de thuisomgeving betrokken worden bij het project. Het ToyBox materiaal van de interventie zal bestaan uit (1) een handleiding voor de leerkrachten, (2) een gids voor klas activiteiten en (3) tipkaartjes, nieuwsbrieven en posters voor de ouders. Zowel het geprinte materiaal,de handpop die in de kleuterklassen gebruikt wordt als de uitrusting om fysieke activiteit te promoten, zal verzameld worden in een doos (box), die speciaal ontwikkeld werd voor dit project.
www.toybox-study.eu

 

5.2. IDEFICS en POP project: Community interventies ter promotie van gezonde voeding en beweging

Dr. Vera Verbestel

Onderzoek naar de mogelijkheid om binnen communities (steden/gemeenten) in Vlaanderen beweging en gezondheid te promoten via de bestaande kanalen. Effect- en proces evaluatie van de implementatie van een programma voor kinderen tussen 1 en 10 jaar.
Financiering: EU project, Steunpunt Welzijn, Volksgezondheid en Gezin
www.ideficsstudy.eu
www.steunpuntwvg.be

 

5.3. Project ENERGY: ontwikkeling van een interventie ter preventie van overgewicht bij 10- tot 12-jarige kinderen

Dr. Maïté Verloigne

Het doel van dit project was de ontwikkeling van een interventie ter preventie van overgewicht bij 10- tot 12-jarige kinderen. De interventie situeerde zich op school waarbij ook de ouders betrokken werden. De interventie werd stapsgewijs ontwikkeld, waarbij er vertrokken werd van systematische reviews van de literatuur, secundaire data-analyses en nieuw cross-sectioneel onderzoek in 8 Europese landen.

De interventie richtte zich op het verminderen van sedentair gedrag op school en in de thuisomgeving met een specifieke focus op televisiekijken en computergebruik. De duur van de interventie was 6 weken waarbij er elke week een specifiek thema rond sedentair gedrag aan bod kwam.  De interventie werd uitgevoerd in 5 Europese landen, waaronder België.
www.project-energy.eu

 

6. Invloed van ouderschapsvaardigheden en self-efficacy van ouders op het gezondheidsgedrag van hun lagere school kinderen

Sara De Lepeleere


Onderzoek naar de invloed van ouders op het gezondheidsgedrag van lagere school kinderen (voeding, beweging en sedentair gedrag). Hierbij wordt gekeken naar zowel algemene ouderschapsvaardigheden als naar meer specifieke vaardigheden die gelinkt zijn met het betreffende gezondheidsgedrag van het kind. Verder wordt ook de self-efficacy van ouders en de  wederzijdse invloed van ouders op kinderen en kinderen op ouders in kaart gebracht.
www.vigez.be
www.expoo.be

 

7. Onderzoek naar het gebruik van serious games voor gezondheidspromotie

Ann DeSmet

Onderzoek naar de effecten van serious games voor gezondheidspromotie (fysieke activiteit, gezonde voeding, mentale gezondheid, sociaal gedrag) bij adolescenten. Effecten en belangrijke kenmerken om effectiviteit te verhogen worden nagegaan in een systematische review en kwantitatieve bevragingen.

 

8. Project Levenslijn: meer en veiligere mobiliteit bij kinderen

Griet Vanwolleghem

Het project ‘Levenslijn’ omvat onderzoek naar meer en veiligere mobiliteit bij Vlaamse kinderen uit de lagere school.
In de 1ste plaats beoogt het project de ontwikkeling van een evidence-based interventie om via de lagere school actief transport bij kinderen meer en veiliger te laten plaatsvinden. Gebaseerd op geïntegreerde ecologische verklaringsmodellen, worden vooraf de individuele, sociale en omgevingsgerelateerde determinanten nagegaan van transportkeuzes bij Vlaamse kinderen, ouders en scholen. Hierbij wordt gekeken of deze beïnvloed worden door het verkeers- en mobiliteitsbeleid van de school. Tevens wordt de fietsvaardigheid van Vlaamse kinderen in kaart gebracht en het effect van fietsvaardigheidstraining geïsoleerd nagegaan.
Het hoofdonderzoek behelst een gerandomiseerde gecontroleerde trial in het 4de – 6de leerjaar, waarbij de effecten van een multi-factoriële interventie geëvalueerd worden.
Daarnaast worden langs de fietsroutes die 10 tot 12-jarige schoolkinderen naar school nemen de fysieke omgevingsfactoren (vb. aantal oversteekplaatsen, aanwezigheid van afgescheiden fietspaden) in relatie met actief transport in kaart gebracht. Deze fysieke omgevingsfactoren zijn belangrijk voor meer en veiligere mobiliteit bij kinderen. Innovatieve en objectieve methoden worden ingezet, namelijk Google Street View en GPS-toestellen, om de reële en exacte fietsroutes en de fysieke omgevingsfactoren langs die specifieke fietsroutes bij kinderen uit de lagere school vast te stellen.
Tenslotte wordt de haalbaarheid en effectiviteit van stapspots in de omgeving van de school nagegaan. Stapspots kunnen een oplossing bieden om de dagelijkse actieve verplaatsing naar school te verhogen bij kinderen die met de auto aan de schoolpoort worden afgezet. Ouders kunnen hun kind afzetten op een plaats die gelokaliseerd is op een haalbare wandelafstand van de school. Vanuit deze plaats kunnen kinderen, onder begeleiding, elke dag naar school wandelen.

 

9. Registratie, determinanten en patronen van sport en beweging bij verschillende leeftijdsgroepen (kleuters en lagere schoolkinderen, adolescenten, (jong)-volwassenen, senioren)

Prof. Dr. Ilse De Bourdeaudhuij, Prof. Dr. Greet Cardon, Prof. Dr. Philippaerts Renaat, Prof. Dr. Lefevre Johan (KU Leuven), Prof. Dr. De Martelaer Kristine (VUB), Dr. Tineke Scheers (KU Leuven)

Binnen deze onderzoekslijn wordt onderzoek verricht naar de registratiemethoden van fysieke activiteit (pedometers, accelerometers, vragenlijsten) en het in kaart brengen van fysieke activiteit bij verschillende leeftijdsgroepen met behulp van vragenlijsten en meer innovatieve meetinstrumenten zoals SenseCam, GPS, GIS.
Bij het meten van sport en beweging in verschillende leeftijdsgroepen gaat bijzondere aandacht uit naar de verschillende intensiteiten van beweging (licht, matig, intens), verschillen tussen dagen (week versus weekend) en verschillen binnen dagen (schooluren versus naschoolse uren). Binnen dit onderzoeksluik kadert tevens de epidemiologische bevraging van sportparticipatie en ander vrijetijdsgedrag bij de Vlaamse bevolking. Deze bevraging gebeurt in opdracht van de Vlaamse overheid en binnen het Steunpunt Cultuur, Jeugd en Sport.

Daarnaast omvat deze onderzoekslijn ook het onderzoek naar de persoonlijke determinanten en determinanten van fysieke activiteit in de thuis, school en werkomgeving door middel van accelerometers, vragenlijsten en/of observaties.

 

10. Interventies ter promotie van actief transport bij oudere adolescenten en jongvolwassenen

Prof. I. De Bourdeaudhuij, Hannah Verhoeven (VUB)

De ontwikkeling en implementatie van een interventie om oudere adolescenten bewust te maken van het belang van actief transport in hun dagelijks leven, zelfs na het behalen van een rijbewijs. De interventie wordt geïmplementeerd in het project 'Rijbewijs op school' (i.s.m. Vlaamse Stichting Verkeerskunde) en bestaat uit een interactieve sensibiliseringsles gegeven door de rijlesgevers.

 

11. DEDIPAC: determinanten van voeding, fysieke activiteit en sedentair gedrag


De DEDIPAC (Determinants of Diet and Physical activity) Knowledge Hub (HB) is de eerste pijler binnen het Joint Programming Initiative (JPI) “een gezonde voeding voor een gezond leven” (“a healthy diet for a healthy life”). Het doel is om de determinanten te begrijpen van voeding, fysieke activiteit en sedentair gedrag en dit zowel op individueel- als op groepsniveau. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een multidisciplinaire aanpak, met inbegrip van biologische, ecologische, psychologische, sociologische, economische en andere socio-economische perspectieven. Deze kennis zal vertaald worden naar de effectieve promotie van gezonde voeding en fysieke activiteit.

Dit Europese project is opgedeeld in drie verschillende thema’s:

  • het meten en harmoniseren van metingen van voeding, fysieke activiteit en sedentair gedrag,
  • determinanten van voeding, fysieke activiteit en sedentair gedrag overheen de levensloop en in kwetsbare groepen
  • evaluatie van beleid en interventies, gericht op het verbeteren van voeding, fysieke activiteit en sedentair gedrag overheen de levensloop.


12. Feel4Diabetes: interventie ter preventie van type 2 diabetes

Julie Latomme, Vicky Van Stappen


Hoewel type 2 diabetes vaak op latere leeftijd voorkomt, ontwikkelen sommige risicofactoren en gedragingen van type 2 diabetes zich reeds op jonge leeftijd. Deze factoren worden vaak beïnvloedt door de sociale en fysieke omgeving van gezinnen. Vooral gezinnen met een lage socio-economische status en gezinnen uit lage en middelmatige inkomenslanden vormen kwetsbare groepen voor het ontwikkelen van overgewicht, obesitas en type 2 diabetes. Daarom zal in het Feel4Diabetes-project een interventie ontwikkeld, geïmplementeerd en geëvalueerd worden in zes Europese landen, waarmee geprobeerd wordt een meer ondersteunende sociale en fysieke omgeving te creëren die levensstijlveranderingen promoot, met als doel om type 2 diabetes te voorkomen in kwetsbare groepen/gezinnen. De interventie richt zich specifiek op de drie belangrijkste energie-gerelateerde gedragingen, namelijk op sedentair gedrag, fysieke activiteit en eetgedrag. Verder is deze interventie ook ‘low-cost’, waarbij de implementatie via bestaande middelen gebeurt (namelijk via bestaande centra met o.a. gezondheidswerkers enz.) en ze is toepasbaar op zowel het lokale, nationale als internationale niveau.