Onderzoeksprojecten

Lichamelijke opvoeding

De leraar Lichamelijke Opvoeding als motiverende coach: Het ontwikkelen van een online evidence-based opleidingsaanbod voor leraren Lichamelijke Opvoeding

Organisatie: Universiteit Gent (Vakgroep Bewegings- en Sportwetenschappen)
Onderzoeker: Nele Van Doren
Promotor: Prof. L. Haerens

Leraren Lichamelijke Opvoeding die een motiverende stijl hanteren zullen de autonome motivatie van leerlingen aanwakkeren en kunnen zo een actieve levensstijl bevorderen  (Haerens et al., 2010; Haerens et al., 2015, Haerens et al., 2018). Voorgaand onderzoek toonde aan dat leraren Lichamelijke Opvoeding hun motiverende stijl kunnen optimaliseren naar aanleiding van een 1-dag durende workshop (Aelterman et al., 2013 & 2014).  In huidig project wensen we te onderzoeken of we leraren kunnen trainen in een meer motiverende stijl via een evidence-based online leeromgeving (https://vobserver.dreamsandcreations.site/) waarin leraren:

(a) een gevalideerde vragenlijst invullen om hun eigen motiverende stijl te bepalen,
(b) reflecteren over hun eigen lessen aan de hand van video-beelden van hun eigen lessen en
(c) hun motiverende stijl verbeteren door gebruik te maken van concrete motiverende strategieën.

Relevante publicaties:


Het ontwikkelen van effectieve professionele ondersteuning voor startende leraren lichamelijke opvoeding: het belang van effectief klasmanagement

Organisatie: Universiteit Gent, Vakgroep Bewegings- en Sportwetenschappen; Vakgroep Ontwikkelings-, Persoonlijkheids- en Sociale Psychologie en Vakgroep Onderwijskunde
Onderzoeker: Kris Hoebeke
Promotor: Prof. dr. Leen Haerens
Co-promotoren: Prof. dr. Maarten Vansteenkiste – Prof. Dr. Ruben Vanderlinde

Klasmanagement vormt voor startende leraren secundair onderwijs, en in het bijzonder leraren Lichamelijke Opvoeding (LO) een grote uitdaging. Tijdens de lessen LO bewegen leerlingen zich door grote ruimtes waarbij ze gebruik maken van groot en klein materiaal. Het maken van goede afspraken is in deze context dan ook van cruciaal belang voor
(a) een goed lesverloop,
(b) het maximaliseren van het leereffect, en
(c) om de veiligheid van de leerlingen te waarborgen.
Veel startende leraren LO ervaren werkgerelateerde stress omdat leerlingen de afspraken niet opvolgen. Deze werkgerelateerde stress gaat gepaard met hoge uitvalpercentages van startende leerkrachten in de eerste jaren van hun loopbaan. Vandaar is er een toenemende behoefte aan professionele ontwikkelingsinitiatieven over hoe leraren LO effectief kunnen omgaan met het maken van afspraken. Recent (nog niet gepubliceerd) onderzoek toont aan dat leerlingen de afspraken meer internaliseren wanneer de leraar een autonomie-ondersteunende lesgeefstijl hanteert (vb. inspraak bieden, zinvolle uitleg geven), terwijl het omgekeerde blijkt wanneer de leerkracht een controlerende stijl hanteert (vb. dreigen met straffen). Of deze bevindingen ook tot uiting komen in de lessen LO is tot dusver onduidelijk.

Doelstellingen:

  • Onderzoeken of startende leraren LO een minder autonomie-ondersteunende en meer controlerende stijl hanteren bij met maken van regels en afspraken ten opzichte van meer ervaren leraren LO;
  • Vaststellen in welke mate de gehanteerde stijl impact heeft op de mate waarin leerlingen de regels en afspraken internaliseren en opvolgen, dan wel verzet plegen tegen deze regels;
  • Onderzoeken in welke mate het opvolgen van regels en afspraken door leerlingen samenhangt met het welbevinden, de jobtevredenheid en de ervaren werkgerelateerde stress van leraren?;
  • Via een interventiestudie trachten om de stijl van startende leraren bij het invoeren van regels en afspraken te optimaliseren met als resultaat een reductie in het aantal probleemsituaties met leerlingen en meer welbevinden, hogere jobtevredenheid en minder werkgerelateerde stress bij startende leraren LO.

 

Aan de slag met ondersteunende rollen in de les Lichamelijke Opvoeding in het basisonderwijs in Nederland.

Organisatie: Universiteit Utrecht (Departement Educatie & Pedagogiek) en Universiteit Gent (Vakgroep Bewegings- en Sportwetenschappen)
Onderzoeker: Katrijn Opstoel
Promotor: Prof. dr. Jan van Tartwijk en Prof. dr. Kristine De Martelaer
Co-promotoren: Prof. dr. Leen Haerens en dr. Frans Prins


In Nederland wordt het bewegingsonderwijs in het basisonderwijs vormgegeven aan de hand van twee kerndoelen:

  • leren bewegen: De leerlingen leren op een verantwoorde manier deelnemen aan de omringende bewegingscultuur en leren de hoofdbeginselen van de belangrijkste bewegings- en spelvormen ervaren en uitvoeren.
  • bewegen leren regelen: De leerlingen leren samen met anderen op een respectvolle manier aan bewegingsactiviteiten deelnemen, afspraken maken over het reguleren daarvan, de eigen bewegingsmogelijkheden inschatten en daarmee bij activiteiten rekening houden.

Voor deze laatste werden 9 reguleringsdoelen opgesteld. Echter, hoe docenten dit concreet moeten aanpakken, hoe kinderen dit ervaren en wat dit vervolgens doet met de persoonlijke en sociale ontwikkeling in de les LO, is tot dusver onduidelijk.

Doelstellingen:

  • Een review met betrekking tot de beschikbare wetenschappelijke evidentie als het gaat over persoonlijke en sociale ontwikkeling van basisschoolkinderen via Lichamelijke Opvoeding en Sport
  • Meten hoe gymdocenten die als expert worden gezien (op het gebied van leren regelen) bewegen leren regelen momenten implementeren in hun huidige praktijk. zullen worden bevraagd.
  • Ontwikkeling van een wetenschappelijk onderbouwd vormingstraject voor gymdocenten zodat ze bewegen leren regelen efficiënter kunnen realiseren in hun dagdagelijkse klaspraktijk.


Relevante publicaties:


Lees ook:

  • Haerens L., Permentier V., Tallir I., Verstraete S., Vonderlynck V. (2017). Inspireren en bewegen. Aan de slag met ondersteunende rollen in de les Lichamelijke Opvoeding. Acco.

 

Motiverend evalueren in een les Lichamelijke Opvoeding: Het effect van het stellen van doelen en het geven van op groei-gerichte feedback op de motivatie voor Lichamelijke Opvoeding

Organisatie: Universiteit Utrecht, Vakgroep Educatie & Pedagogiek en Universiteit Gent, Vakgroep Bewegings- en Sportwetenschappen
Onderzoeker: Christa Krijgsman
Promotoren: Prof. dr. Jan van Tartwijk en Prof. dr. Leen Haerens
Co-promotoren: Dr. Tim Mainhard en Dr. Lars Borghouts

Het geven van prestatie cijfers in de Lichamelijke Opvoeding (LO) heeft vaak een negatief effect op de zelf-waargenomen competentie, waardoor leerlingen mogelijkerwijs minder autonome vormen van motivatie (Ryan & Weinstein, 2009) en gevoelens van angst (McDonald, 2001) zullen ervaren. Andere aspecten van evalueren, namelijk het stellen van doelen en het geven van op groei gerichte feedback, worden verondersteld ervoor te zorgen dat leerlingen zullen groeien in hun zelf-waargenomen gevoelens van competentie en autonome motivatie voor de les LO.

Het stellen van doelen en het geven van op groei gerichte feedback staan bekend als twee sleutel strategieën van ‘assessment for learning' (AfL; assessment met als doel om leerlingen inzicht te bieden in hun leerproces waardoor ze de kloof tussen het bereikte niveau en het beoogde einddoel zo goed mogelijk kunnen overbruggen).

In dit project worden twee theoretische kaders aan elkaar gekoppeld: Assessment for learning en Zelf-Determinatie Theorie (Deci & Ryan, 2000).

Doelstellingen:
De algemene doelstelling van dit project is om de effecten van verschillende vormen en kwaliteitsaspecten van assessment op de motivatie van leerlingen in de les Lichamelijke Opvoeding  te onderzoeken.

  • Een eerste doelstelling van dit onderzoek is om inzicht te krijgen in individuele veranderingen in de ontwikkeling van zelf-waargenomen competentie, motivatie en angst bij leerlingen tijdens het assessmentproces.
  • De tweede doelstelling is het op basis van die inzichten (experimenteel) testen van de impact van verschillende motiverende assessmentstrategieën.


Relevante publicaties:

  • Haerens L., Krijgsman C., Mouratidis A., Borghouts L., Cardon G. & Aelterman N. (2019). How does knowledge about the criteria for an upcoming test relate to adolescents’ situational motivation in physical education? : a self-determination theory approach. EUROPEAN PHYSICAL EDUCATION REVIEW. 25(4), 983-1001.
  • Krijgsman C., Vansteenkiste M., van Tartwijk J., Maes J., Borghouts L., Cardon G., … Haerens L. (2017). Performance grading and motivational functioning and fear in physical education: A self-determination theory perspective. Learning and Individual Differences, 55(C), 202–211. http://doi.org/10.1016/j.lindif.2017.03.017
  • Krijgsman C., Mainhard T., van Tartwijk J., Borghouts L., Vansteenkiste M., Aelterman N. & Haerens, L. (2019). Where to go and how to get there : goal clarification, process feedback and students’ need satisfaction and frustration from lesson to lesson. LEARNING AND INSTRUCTION, 61, 1–11.
  • Krijgsman C., Borghouts L., van Tartwijk J., Mainhard T. & Haerens L. (2018). Cijfers en motivatie van leerlingen in de les LO. LICHAMELIJKE OPVOEDING. Zeist, Nederland: KVLO.
  • Krijgsman C., Borghouts L., van Tartwijk J., Mainhard T. & Haerens L. (2017). Cijfers en motivatie van leerlingen in de gymles. Examens, 4, 24–28.


Onderwijs

 ‘Help, mijn ouders en leerkrachten zetten mij onder druk!’ Een studie naar de antecedenten en gevolgen van de manier waarop adolescenten omgaan met controlerend gedrag

Organisatie: Universiteit Gent, Vakgroep Ontwikkelings-, Persoonlijkheids- en Sociale Psychologie en Vakgroep Universiteit Gent, Bewegings- en Sportwetenschappen
Onderzoeker: Nele Flamant
Promotor: Prof. dr. Bart Soenens
Co-promotor: Prof. dr. Leen Haerens


Bij de studie naar het adaptief functioneren van jongeren –zowel in het algemeen als op school- wordt veelal gefocust op de invloed van de ouder en de leerkracht op de jongere. In dit project richten we ons op de actieve rol die jongeren zelf kunnen opnemen om de interacties met hun ouders en leerkrachten in positieve zin te beïnvloeden.
Dit project legt hierbij de focus op hoe adolescenten “copen” met druk van ouders of leerkrachten. 

  • Ten eerste willen we nagaan waarom adolescenten verschillend reageren wanneer ze geconfronteerd worden met een controlerende ouder of leerkracht. Hierbij wordt gekeken naar de rol van het temperament van de jongere en de mate waarin de thuisomgeving autonomie-ondersteunend is.
  • Ten tweede gaan we tussenliggende rol van coping strategieën na. Meer bepaald vragen we ons af of de negatieve effecten van een controlerende stijl minder uitgesproken zijn wanneer jongeren adaptieve copingstrategie hanteren, en of deze uitvergroot worden wanneer jongeren maladaptieve copingstrategieën hanteren.


Sport

“Iedereen is een winnaar": leidt overschatting van de eigen mogelijkheden uiteindelijk tot drop-out uit de sport?

Organisatie: Universiteit Gent, Vakgroep Bewegings- en Sportwetenschappen
Onderzoeker: Julie Galle
Promotor: Prof. dr. Leen Haerens
Copromotor: Prof. dr. An De Meester

Fysieke inactiviteit is een van de belangrijkste gezondheidsrisico’s in verband met de wereldwijde epidemie van zwaarlijvigheid en chronische ziekten zoals diabetes en hartaandoeningen. Het toenemend aantal jongeren en kinderen die niet aan sport doen is ontmoedigend. Het is daarom van essentieel belang om meer inzicht te krijgen in de onderliggende factoren die uitval uit de sport veroorzaken. Uit onderzoek blijkt dat het beeld dat kinderen hebben van hun motorische vaardigheden een belangrijke rol speelt. Het huidige project onderzoekt dan ook

  • de rol van overschatting van iemands persoonlijke motorische competentie bij het voorspellen van persistentie in, versus drop-out uit de sport en
  • de psychologische en contextuele voorlopers van deze overschatting.


Als jeugdsportcoaches hun eigenwaarde laten afhangen van de prestaties van hun atleten: een onderzoek naar de relatie met een controlerende coachstijl.

Organisatie: Universiteit Gent, Vakgroep Ontwikkelings-, Persoonlijkheids- en Sociale Psychologie en Vakgroep Bewegings- en Sportwetenschappen
Onderzoeker: Sofie Morbée
Promotor: Prof. dr. Maarten Vansteenkiste
Co-promotor: Prof. dr. Leen Haerens

Een controlerende coachstijl kan het beste vermeden worden, aangezien het gepaard gaat met een aantal negatieve gevolgen voor sporters, waaronder een verminderd welbevinden, minder sportplezier en meer drop-out. Indien we willen voorkomen dat jeugdcoaches zo’n controlerende coachstijl hanteren, is het belangrijk om zicht te krijgen op de antecedenten ervan. In dit project wordt onderzocht of de mate van controlerend coachen afhangt van de neiging van coaches om hun eigenwaarde te laten afhangen van de successen en het falen van hun atleten. In een reeks studies wordt bovendien de rol nagegaan van (a) een sportklimaat dat druk uitoefent op coaches en (b) zwakke atleetprestaties in het voorspellen van dergelijke fragiele eigenwaarde en een controlerende coachstijl.  


Effectiviteit van sportclubs: identificeren en versterken van essentiële managementprocessen en bestuursstijlen

Organisatie: Universiteit Gent (Departement Bewegings- en Sportwetenschappen)
Onderzoeker: Tom De Clerck
Promotor: Prof. dr. Leen Haerens
Co-promotor: Prof. dr. Annick Willem

Veel sportclubs hebben problemen die hun bestaan bedreigen zoals een daling van het aantal trainers, vrijwilligers en leden, en een afname van de financiële draagkracht. Deze problemen zijn deels te wijten aan veranderingen in de externe omgeving zoals dalende subsidies, demografische veranderingen en de concurrentie van commerciele organisaties. Er zijn echter ook processen die de bestuursleden, die (eind)verantwoordelijk zijn voor de clubwerking, zelf in handen kunnen nemen om de clubwerking te versterken. Dit project focust specifiek op managementprocessen en de hierbij gehanteerde motiverende bestuursstijl. Hiervoor baseert het project zich op (respectievelijk) het Competing Values Framework (Quin & Rohrbaugh, 1981) en Self-Determination Theory (SDT; Deci & Ryan, 2000).

Het project heeft drie doelstellingen:

  • effectieve managementprocessen en motiverende bestuursstijlen identificeren
  • De ontwikkeling en evaluatie van een interventie die het versterken van de effectieve managementprocessen en motiverende bestuursstijl beoogt.
  • nagaan wat het effect is van deze interventie op de clubwerking, de gedragingen en attitudes van belanghebbenden zoals coaches, vrijwilligers en leden, en het menselijk en financieel kapitaal van de sportclub onderzoeken.  


Relevante publicaties