Gewasopbrengst en biodiversiteit hand in hand via bestuiversproject BEESPOKE

(05-09-2019) Terugvallende populaties aan bestuivers ondersteunen en de gewasopbrengst doen stijgen, het BEESPOKE project biedt de juiste tools voor beide

Een rijkdom aan bloeiende planten in het landschap aanbrengen via zaaimengsels. Het is één van de manieren om de terugvallende populaties aan bestuivers te ondersteunen die op hun beurt de gewasopbrengst tot wel 10% kunnen doen stijgen. Maar welke mix van zaden gebruik je best voor jouw gewas en waar breng je deze best aan? Een gevalideerde adviestool is hiervoor essentieel. Daar draait het om in het nieuwe EU Interreg project BEESPOKE: waar de Universiteit Gent (UGent) o.l.v. professor Guy Smagghe en dr. Ivan Meeus van de Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen, samen met de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) en Inagro, een voortrekkersrol in spelen.

 

Het BEESPOKE-project begint met het in kaart brengen van het landschap in Vlaanderen op locaties gekozen door de VLM. “We meten de biodiversiteitsindex op deze sites waarna verschillende zaaimengsels worden aangebracht”, vertelt prof. Guy Smagghe van de UGent. “De bloeiende planten die hieruit groeien trekken verschillende soorten bestuivers aan die een invloed hebben op de gewasopbrengst. Met de data die we hieruit verzamelen kunnen we ons voorspellend model optimaliseren om de biodiversiteit in verschillende soorten landschappen en gewassen te verhogen.” 

 

Door dit model te valideren kunnen bestuivingskaarten gemaakt worden. Deze tonen hoe geschikt een gebied is voor bestuivers. Landschapsbeheerders kunnen hiermee doelgericht ingrijpen om een optimaler habitat te voorzien en zo ook gewasopbrengst te verbeteren. In het project wordt het effect op bestuivers in 14 gewassen onderzocht. Het gaat dan vooral om fruitdragende gewassen met een hoge afhankelijkheid van bestuivers, zoals appels, kersen en zwarte bessen.

 

Op dit moment wordt er gestart met meer dan 70 demovelden, zowel in Vlaanderen als in onze buurlanden (Zweden, Nederland, Denemarken, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk) door de overige BEESPOKE partners. Deze behoren allen tot de Noordzee regio, één van de meest productieve landbouwstreken ter wereld. Dit in het kader van Interreg, een Europees programma dat zich inzet voor grensvervaging in Europa die gesteund wordt door het Europees regionaal ontwikkelingsfonds (ERDF) van de Europese Unie. Het project start in september en zal ongeveer drie en een half jaar duren met een budget van 4,1M €.

 

BEESPOKE (Benefitting Ecosystems through Evaluation of food Supplies for Pollination to Open Knowledge for End users) is dus een veelbelovend project voor een grote regio waarin Vlaanderen een hoofdrol mag spelen. “De ontwikkeling van een betere aanpak voor het ondersteunen van onze wilde bestuivers is broodnodig gezien zij een onmisbare schakel zijn in ons menselijke ecosysteem”, aldus dr. Ivan Meeus. “In het BEESPOKE-project willen we de natuurlijke bestuiving in de lokale en landelijke gebieden verhogen voor een optimale balans tussen economische en ecologische belangen, met als doel een 10% hogere gewasopbrengst als gevolg.”

AANVULLENDE VERSLAGGEVING:
VILT