Wetenschappelijke integriteit
Academisch onderzoek dankt zijn legitimiteit aan de kwaliteit van de uitvoering. Tal van stakeholders (burgers, overheid, industrie, middenveld, …) rekenen op de wetenschap voor objectieve en genuanceerde kennisaccumulatie op het hoogste niveau. Als toonaangevende onderzoeksinstelling zet de UGent zich dagelijks in om deze kwaliteitseisen te handhaven, te verbeteren en te verfijnen. Kwaliteitszorg is voor de UGent een centraal begrip. Binnen het streven naar kwaliteit in onderwijs en onderzoek neemt wetenschappelijke integriteit een belangrijke plaats in.
De UGent sensibiliseert en ondersteunt haar onderzoekers via:
- kennis- en expertisedeling m.b.t. het concept ‘wetenschappelijke integriteit’ en gerelateerde topics
- een divers trainingsaanbod in de verschillende fasen van hun carrière, met aandacht voor hun opdracht als lesgever
- tal van concrete toepassingen zoals een uitgewerkt beleid inzake research data management, richtlijnen voor auteurs en het erkennen van bijdrages in wetenschappelijke publiceren, ...
- een ondersteunend netwerk voor de behandeling van vragen en meldingen met als centraal orgaan een Commissie voor Wetenschappelijke Integriteit
UGent-onderzoekers hebben toegang tot een specifieke rubriek op het intranet met meer informatie en advies.
Commissie voor Wetenschappelijke Integriteit
Het spreekt voor zich dat wetenschappelijke integriteit moet beschermd worden maar oordelen of de grenzen van integriteit geschonden zijn, is niet eenvoudig. Reeds in 2010 werd door de Raad van Bestuur aan de UGent een Commissie voor Wetenschappelijke Integriteit (CWI) opgericht.
Je kan er altijd vrijblijvend en in vertrouwen terecht met vragen en/of twijfels omtrent wetenschappelijke integriteit.
Ingeval een melding zal een onderzoekscommissie van de CWI een vermeende inbreuk onderzoeken tegen de Europese gedragscode voor wetenschappelijke integriteit, toonaangevende internationale codes onderschreven door UGent en/of de richtlijnen opgenomen in de UGent Codex, die gerelateerd zijn aan wetenschappelijke integriteit.
Iedereen kan een vermeende inbreuk op de wetenschappelijke integriteit of fraude melden.
Commissie Wetenschappelijke Integriteit
t.a.v. Rita Cortvrindt
Sint-Pietersnieuwstraat 25
9000 Gent
CWI@UGent.be
+32 (0)9 264 95 59
Extra informatie
-
De commissie werkt volgens een vaste Procedure voor het vaststellen van inbreuken.
-
De werking van de commissie (samenstelling, verantwoordelijkheden, …) ligt vast in het Huishoudelijk Reglement.
- De CWI maakt elk jaar een verslag van haar werkzaamheden, voorgelegd aan het universiteitsbestuur.
Tweede opinie?
Indien je na de behandeling van een dossier door de CWI van UGent niet tevreden bent met het resultaat, heb je de mogelijkheid om aan de Vlaamse Commissie voor Wetenschappelijke Integriteit (VCWI) een tweede mening te vragen. Let wel, dit is geen beroepsprocedure.
Vlaamse Commissie voor Wetenschappelijke Integriteit (VCWI)
Bert Seghers
secretaris@vcwi.be
+32 (0) 2 550 23 32
Identiteitsfraude en misbruik van de UGent-affiliatie door derden
Onderstaande werd gezamenlijk uitgewerkt door de Vlaamse universiteiten onder de koepel van de Vlaamse Interuniversitaire Raad (VLIR).
In het huidige academische landschap vormen identiteitsfraude (oneigenlijk gebruik van de naam van een onderzoeker) en misbruik van institutionele affiliatie door anderen dan de betrokken onderzoekers, een groeiende bedreiging. Dat komt vooral door de opkomst van tijdschriften die kwalijke praktijken hanteren of toelaten, zgn. ‘predatory publishers’, en door ‘paper mills’. Steeds meer onderzoekers melden dat hun naam als auteur opduikt bij artikels waar ze nooit aan hebben meegewerkt, gepubliceerd in obscure tijdschriften (Grove, 2023; Orally, 2024; Kincaid, 2025; Sohn, 2023). In andere gevallen wordt een universiteit ten onrechte vermeld, bijvoorbeeld als affiliatie van niet-bestaande onderzoekers, om een artikel extra geloofwaardigheid te geven.
Impact
De gevolgen van een verkeerde vermelding van je naam of affiliatie kunnen ver reiken en verschillende partijen treffen, zeker als het gaat om publicaties van bedenkelijke kwaliteit of oorsprong.
- Voor onderzoekers kan dit leiden tot reputatieschade en verlies van vertrouwen in de kwaliteit en integriteit van hun (andere) werk, niet alleen bij het brede publiek, maar ook bij financiers en samenwerkingspartners.
- Hetzelfde geldt voor hun universiteit: mensen met slechte bedoelingen liften mee op de naam en het werk van anderen, wat zorgt voor een ongelijk speelveld. Omdat zulke praktijken bovendien moeilijk te corrigeren of te vermijden zijn, ervaren onderzoekers dit vaak als frustrerend en demotiverend.
- Tijdschriften lopen het risico artikels te publiceren op basis van valse referenties, wat hun geloofwaardigheid aantast.
- En breder gezien ondermijnt dit het vertrouwen in de wetenschap zelf, waarin transparantie en verifieerbaarheid cruciaal zijn. Omdat de meeste van deze artikels niet worden opgenomen in grote databanken zoals Web of Science of PubMed, blijven ze vaak lange tijd onder de radar [5]. Daardoor worden zogezegde ‘onderzoeksresultaten’ van twijfelachtige kwaliteit toch beschikbaar voor hergebruik of toepassing, met mogelijk gevaarlijke gevolgen, bijvoorbeeld (maar niet gelimiteerd tot) gezondheidsonderzoek of beleidsgericht onderzoek.
Ook Vlaamse universiteiten en hun onderzoekers zijn jammer genoeg al het slachtoffer geworden van dergelijke praktijken. Momenteel onderzoekt KU Leuven, in samenwerking met de Universiteit Antwerpen en de andere Vlaamse universiteiten, artikels in tijdschriften die vallen onder de OMICS-paraplu. Denk aan uitgevers als Longdom Publishing SL, Allied Academies, Hilaris, iMedPub en Prime Scholars. Tijdens dit onderzoek werden meerdere artikels gevonden waarin ofwel namen van onderzoekers, ofwel institutionele affiliaties foutief werden gebruikt. Helaas lijkt het probleem zich niet te beperken tot de OMICS-groep: ook bij andere uitgevers duiken frauduleuze publicaties op.
Cases
De Commissie Wetenschappelijke Integriteit (CWI) heeft kennis en expertise opgebouwd in het contacteren van tijdschriften over deze kwesties. Het spreekt voor zich dat correcties, als ze al plaatsvinden, vaak veel tijd in beslag nemen en alleen mogelijk zijn na aanhoudend contact. De CWI neemt daarom graag de communicatie met tijdschriften over van onderzoekers.